Menu van de toekomst: insecten, zeewier en bloederige vegaburgers

Van deze 5 innovatieve voedingsmiddelen ga je binnenkort meer zien.vrijdag 9 november 2018

Door Tracie McMillan
Foto's Van Grant Cornett
bekijk galerij

Halverwege deze eeuw telt de aarde naar verwachting negen miljard bewoners. De voedselbehoefte zal tegen die tijd met 50 procent zijn toegenomen. Hoe kunnen we aan die vraag voldoen zonder nog meer bossen om te hakken en zonder de bio-industrie, een van de belangrijkste veroorzakers van klimaatverandering, verder uit te breiden? Hoe zorgen we ervoor dat de bodem gezond blijft, zodat gewassen goed gedijen?

Dit zijn moeilijke vragen zonder eenduidige antwoorden. Maar één ding is zeker, zegt LinYee Yuan, oprichter van voedseltijdschrift Mold: ‘Iedereen zal de handen uit de mouwen moeten steken.

Veel van die handen zullen proberen nieuwe manieren te vinden om eiwitten te produceren, want de veeteelt – vlees is nog altijd onze voornaamste eiwitbron – zal een te zware druk op het milieu leggen. Veeteelt is nu verantwoordelijk voor ongeveer een zevende deel van alle door mensen veroorzaakte uitstoot van broeikasgassen. De productie van rundvlees in de geconcentreerde intensieve veehouderij vergt bijna acht keer zo veel water en 160 keer zo veel land per calorie als groenten en granen. Daarom is het logisch dat de VN hebben opgeroepen tot het eten van minder rundvlees – en nieuwe levensmiddelenbedrijven nemen dat serieus.

Zo kent Nederland sinds enkele jaren zijn Dutch Weed Burger op basis van zeewier. In de VS is de Beyond Burger een hype: een vegetarische burger op basis van bieten en erwten. De bieten zorgen voor een kleur die aan vlees doet denken, de erwten staan garant voor de eiwitten. Een concurrerend product is de Impossible Burger, die zijn bloederige ‘vleessap’ dankt aan het kunstmatige eiwit heem. Weer andere bedrijven zoeken naar oplossingen om vlees te produceren zonder dat er dieren aan te pas komen. Daarbij zullen dierlijke cellen worden gekweekt in gigantische kweekvaten. ‘Het heeft veel weg van een brouwerij,’ zegt Bruce Friedrich, directeur van het Good Food Institute, dat de ontwikkeling van vervangers voor dierlijke producten stimuleert. ‘Net als bier komt kweekgehakt dan uit de tap.’

Ondertussen vinden ook eetbare insecten hun weg naar de markt – in poedervorm, als diervoeding of als bestanddeel voor levensmiddelen. Vooral krekels zijn aantrekkelijk: per kilo leveren ze meer eiwitten en micronutriënten dan rundvlees. Je kunt er veel tegelijk kweken in een relatief kleine, donkere ruimte, waardoor ze op grote schaal kunnen worden geproduceerd waarbij het milieu weinig wordt belast. In Austin (Texas) is Aspire gevestigd, Amerika’s grootste fokkerij van krekels voor menselijke consumptie. Er wordt vooral gemalen krekelpoeder geproduceerd, voor gebruik in koek en gebak, energierepen en smoothies. Het is een succes: voor de komende twee jaar is hun hele productie nu al verkocht.

Andere levensmiddelenbedrijven gingen op zoek naar alternatieve vetten. Zij experimenteerden eerst met algen uit het sap van de witte paardenkastanje. Aan de voedzame olie werd Braziliaans suikerriet toegevoegd in 26 meter hoge fermentatievaten. Daarna werd dat geperst, met als resultaat algenolie: een lichte kookolie met een neutrale smaak, enkelvoudig onverzadigde vetzuren en een hoog rookpunt. De olie wordt verkocht onder de merknaam Thrive en is bedoeld als een efficiënt en ecologisch verantwoord alternatief voor bijvoorbeeld palmolie. De fabriek hergebruikt het suikerrietafval als brandstof, en de opbrengst van olie per hectare is hoger dan bij andere soorten kookolie.

Weer andere oplossingen zijn geïnspireerd op de natuur. Al sinds de jaren tachtig proberen Amerikaanse onderzoekers een graansoort te ontwikkelen ter vervanging van eenjarige soorten, zoals tarwe en maïs. Bij het verbouwen van die eenjarige granen wordt de grond elk jaar omgeploegd, waarbij voedingsstoffen uit de bodem verloren gaan, de erosie toeneemt en kunstmest in het milieu terechtkomt. Begin deze eeuw werd in Kansas bij het Land Institute, dat onder meer onderzoek doet naar ecologische landbouw, een nieuwe gewasvariëteit geteeld. Thinopyrum intermedium, of ‘intermediair tarwegras’, heeft zaden van een geschikter formaat, is beter bestand tegen ziekten en levert een rijkere oogst op.

Het gewas, Kernza, groeit nu op een veld van twee vierkante kilometer groot. Een aantal voedselproducenten wil het in de markt zetten, zoals Bien Cuit, een luxebakkerij in New York, en Hopworks Urban Brewery in Oregon. Daar wordt een pale ale gebrouwen op basis van Kernza, dat wordt verkocht onder de merknaam Patagonia Provisions. De hoop is dat een veerkrachtiger graansoort kan bijdragen tot een veerkrachtiger landbouw.

Wat we ook zullen eten over vijftig jaar, door klimaatverandering zullen we hoe dan ook worden gedwongen om wat we al hebben, beter te gebruiken, zegt econoom en voedingsdeskundige Raj Patel. ‘In de 21ste eeuw beseffen we dat dingen die vroeger als onkruid of als plaagdieren werden beschouwd, ook geschikt zijn om op te eten.’

Lees ook: Wat een nieuwe DNA-'knip-en-plaktechniek' kan betekenen voor de voedselindustrie

Lees ook: Een derde van al het voedsel gaat verloren of wordt weggegooid: wat kunnen we eraan doen?

Dit artikel verscheen in de november 2018 editie van National Geographic Magazine

Tracie McMillan schreef The American Way of Eating. Fotograaf Grant Cornett is gespecialiseerd in stillevens. Styling van voedsel en props (op alle foto’s): Maggie Ruggiero, Rebecca Barthoshesky

Lees meer