Reizen

Een historisch bezoek aan de eilanden van het Oud-Griekse marmer

Twee eilanden van de Cycladen waren ooit beroemd om het marmer waar de Oud-Griekse standbeelden van werden gemaakt. Maar op het naburige, piepkleine Despotikó is een soortgelijke schat gevonden.donderdag 15 november 2018

Door Lane Nieset
Paros en Delos behoren tot de belangrijkste eilanden van de Cycladen en zijn beroemd om hun marmergroeven en Apollotempels. Onlangs zijn ook op het naburige eilandje Despotikó resten van Apolloheiligdommen gevonden.

Toen een herder – de enige bewoner van het amper acht vierkante kilometer grote eilandje Despotikó – in 2010 een Byzantijnse munt binnen de stenen omheining van zijn geitenren zag liggen, was het alsof hij de ‘X’ op een oude schatkaart had gevonden, want het kleinood wees de weg naar een schat van marmer.

De haven van het eiland Delos, dat als de geboorteplaats van de mythische tweelinggoden Apollo en Artemis wordt beschouwd, ligt beschermd tussen de Cycladen (de ‘Cirkeleilanden’). Gelegen in de Egeïsche Zee, halverwege de handelscentra Athene en Kreta, was dit heilige eiland een belangrijke tussenstop voor zeelieden en pelgrims die de tempel van Apollo op Delos kwamen bezoeken. (Ontdek de beste dingen om te doen in Griekenland)

Een vissersbootje op het strand van Despotikó, een onbewoond eilandje ten zuidwesten van Antiparos, een eiland van grote archeologische waarde.

Even ten zuiden van Delos ligt het eiland Paros. Dankzij het bijna transparante, sneeuwwitte Parische marmer werd het eiland door de Griekse historicus Ephorus als “de meest welvarende en vooraanstaande van de Cycladen” aangeprezen.

Archeologen schatten dat tachtig procent van de Griekse bouw- en beeldhouwwerken van marmer – waaronder de gevleugelde Nikè van Samothrake in het Louvre en de Venus van Milo in het British Museum – werden gehouwen uit stukken marmer die op Paros waren gedolven. Als kostbare hulpbron werd Parisch marmer door Delos gebruikt als materiaal voor zijn heiligdommen en beeldhouwwerken en als belangrijke handelswaar.

Maar op het naburige, vrijwel onbewoonde eilandje Despotikó hebben archeologen nu een soortgelijke schat uit de Griekse oudheid opgegraven. Na hun terugkeer van zee bouwden de zeelieden van Paros hier kleine kapelletjes van marmer, waarin ze votiefgaven als honing, wijn en pasgeboren kalfjes aan de goden offerden.

“Deze heiligdommen waren voor zeelieden en hun kapiteins belangrijk, omdat hun tempels als vuurtorens langs de handelsroutes fungeerden,” legt de op Paros wonende gids Christina Fokianou uit. “Despotikó was wat betreft invloed en macht na Delos waarschijnlijk het op één na belangrijkste bedevaartsoord van de Cycladen,” zegt zij.

En in onze tijd is Despotikó belangrijk als archeologische vindplaats. Nadat de enige bewoner van het eilandje de Byzantijnse munt tussen zijn geiten had zien liggen, vonden archeologen alleen al in de stenen muurtjes rond de geitenren ruim zesduizend bouwdelen. De herder kon niet vermoeden dat de muurtjes waren opgetrokken uit bouwresten uit de oudheid.

Yannos Kourayos, archeoloog en hoofd van de opgravingen op Despotikó, ontdekte 85 fragmenten van beeldhouwwerken en ruim 200 stukken aardewerk met daarin de naam ‘Apollo’ gekerfd. Maar de belangrijkste vondst vereiste een echte opgraving, waarbij zeven zuilenfragmenten werden gevonden die bijna vier meter lang zijn, bekleed zijn met Parisch marmer en ooit deel uitmaakten van een van de 22 Apollotempels in de Cycladen.

Deze beeldhouwwerken bewaken nog altijd het Unesco-werelderfgoed ‘Huis van Dioskurides en Cleopatra’ op het eiland Delos, in de oudheid een van de belangrijkste eilanden van de Cycladen.

Halverwege de zesde eeuw v.Chr. werd het Apolloheiligdom op Delos beheerst door de Pariërs, waarna ze hun eigen tempel op Despotikó bouwden, die volgens Kourayos mogelijk nog groter is geweest dan die op Delos. “Paros was in die tijd zeer machtig en had het geld om dit heiligdom ver van de stad op te richten,” zegt Kourayos. “Ze wilden de controle over de Egeïsche Zee.”

Kourayos en zijn team zijn nu bezig het heiligdom nauwgezet te reconstrueren, waarbij marmerplaten vanuit het naburige Naxos worden verscheept, omdat het delven van Parisch marmer nu is verboden. “Deze 120 meter diepe marmergroeven zijn archeologische vindplaatsen en worden als historische monumenten beschouwd,” zegt Kourayos. “Het zijn kunstwerken.” Voor de Grieken behoren de marmergroeven uit de oudheid evenzeer tot het nationale erfgoed als de gebouwen die met het marmer eruit zijn opgetrokken. De herder op Despotikó mag zich gelukkig prijzen dat hij de Byzantijnse munt zag liggen.

Lees ook: Het eilandhoppen van weleer – de romantiek van onontdekt Griekenland

Lees ook: 8x Highlights in Griekenland om niet te missen

Freelance-journaliste Lane Nieset komt uit Miami en woont momenteel in het Franse Nice. Volg haar reizen op Twitter @LaneNieset.

Dit verhaal werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op NationalGeographic.com

Lees meer