Nog nahijgend van de bijna-doodervaring in het Welshe dorpje Harlech – waar ik met een oud camperbusje stuntel op wat later de steilste straat ter wereld bleek te zijn (stijgingspercentage: veertig procent) – rijd ik Pembrokeshire Coast National Park binnen. Dit nationale park in het zuidwesten van Wales geldt volgens de Welshmen die ik onderweg spreek als het mooiste van het land. Na een kleine week langs ruige kliffen, verborgen baaien en eeuwenoude stadjes begrijp ik waarom.

Pembrokeshire Coast National Park is bovendien uniek: het is het enige nationale park van het Verenigd Koninkrijk dat volledig aan de kust ligt. Door de grillige kustlijn, historische dorpjes en uitgestrekte wandelpaden voelt het soms alsof natuur en geschiedenis hier voortdurend door elkaar heen lopen. Uit alles kiezen is onmogelijk, maar deze vier plekken mag je eigenlijk niet missen.

1. St Davids: het kleinste stadje van Groot-Brittannië

Als afgestudeerd historicus prijkte St Davids, vernoemd naar de gelijknamige bisschop, bovenaan m’n persoonlijke Pembrokeshire Coast National Park-lijst. Met slechts tweeduizend inwoners is St Davids weliswaar het kleinste stadje van Groot-Brittannië, maar in historisch opzicht is deze plek van grote waarde: eeuwenlang was de stad een drukbezocht pelgrimsoord, onder andere door Willem de Veroveraar.

Een dag is ruim voldoende om de indrukwekkende dertiende-eeuwse St Davids Cathedral en het Bishop’s Palace hier te bezoeken. Zwerf op je gemak door de knusse straatjes en goed verstopte stadstuintjes, met een lokale specialiteit als welverdiende beloning voor de inspanning: een Welsh honingsoftijsje.

de kathedraal van st davids in wales
Frans Sellies//Getty Images
De kathedraal van St Davids in Wales.

2. Whitesands Bay: een van de mooiste stranden van Wales

De voor het grote publiek relatief onbekende baaien en stranden van Pembrokeshire Coast National Park verdienen eigenlijk een artikel op zich, maar voor het gemak beperk ik me tot Whitesands Bay.

Ingeklemd tussen ruige kliffen op een steenworp afstand van St Davids lost deze baai de belofte van zijn naam in: er wacht je een uitgestrekt, wit zandstrand met helderblauw water.

Wil je niets missen? Volg National Geographic op Google Discover en voeg toe als voorkeursbron om onze verhalen vaker te zien in je Google-feed!

Onder toeziend oog van de nabijgelegen machtige Carn Llidi-bergtop – een beklimming is absoluut de moeite waard – brengen haast perfect gebroken, breed uitrollende golven onophoudelijk beginnende en gevorderde surfers terug naar de kust. Volgens kenners is dit een van de beste surfspots van Wales.

Tel daar de uitstekende faciliteiten als de ruime parkeergelegenheid, sanitair, een strandwinkeltje, restaurant en zelfs een knusse camping bij op, en je dag of midweek strand kan niet meer stuk.

3. Skomer Island: het eiland van de papegaaiduikers

Wales zou Wales niet zijn als de regen niet zo nu en dan met bakken uit de hemel komt vallen. Ja, zelfs in de zomer. Mijn bezoek aan Skomer Island, naar verluidt een van dé hoogtepunten van Pembrokeshire Coast National Park, valt daarom letterlijk in het water.

Gehuld in een poncho vind ik troost in een portie fish-and-chips in het gemoedelijke vissersdorpje Solva – geloof me: zo vers en smaakvol at jij deze Britse klassieker nog nooit.

Leestip: Vergeet Schotland! In Ierland wandel je naar dezelfde uitzichten, maar zonder de drukte

Zijn de weergoden jou wel gunstig gezind, aarzel dan geen moment. Boek een boottocht naar het heuvelachtige, van de flora en fauna barstende Skomer Island, waar de natuur nog vrij spel krijgt.

Plan je bezoek als het even kan tussen april en juli, zodat je de indrukwekkende kolonie van zo’n dertigduizend broedende papegaaiduikers (of puffins) en vele andere vogelsoorten met eigen ogen kunt aanschouwen.

papegaaiduikers op skomer island
mthaler//Getty Images
Papegaaiduikers op Skomer Island.

4. Pembrokeshire Coast Path: wandelen langs de ruigste kust van Wales

Het Pembrokeshire Coast Path, dat bijna de volledige kustlijn van het nationaal park beslaat, is goed voor een reis of vakantie op zich: het wandelpad van driehonderd kilometer lang loopt van Amroth tot St Dogmaels en voert langs duizelingwekkende kliffen, afgelegen stranden, bloemige weideheuvels, middeleeuwse kasteelruïnes, historische stadjes en gemoedelijke vissersdorpjes.

Leestip: Waarom wandelaars het liefst in het voorjaar naar de Schotse Hooglanden trekken

Hoelang het duurt om de hele route te wandelen? Reken op een week of twee. Heb je niet zo veel tijd, beperk je dan tot het mooiste deel van het Pembrokeshire Coast Path, dat begint in Broad Haven en eindigt in Cardigan.

En heb je net als ik hier en daar wél trek in een stevige wandeling met panoramisch uitzicht, maar géén week de tijd? Parkeer je auto en pak een willekeurig stukje van deze magische wandelroute mee. Bordjes in overvloed om je de weg te wijzen.

Met een beetje geluk spot je zelfs een breachende walvis aan de horizon – het onverwachte maar absolute hoogtepunt van de roadtrip door Pembrokeshire Coast National Park.

het strand bij saundersfoot, niet ver van amroth in pembrokeshire nationanl park
Chris Ladd//Getty Images
Het strand bij Saundersfoot, niet ver van Amroth.

Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!