Deze week staat National Geographic in het teken van de Wadden. De komende dagen nemen onze redacteuren je mee naar hun favoriete plekken op de Waddeneilanden. Vandaag deelt redacteur Roeliene haar persoonlijke tips voor een bezoek aan Texel.
Vanaf het moment dat de auto in de rij bij de veerboot naar ’t Horntje staat, begint voor mij het vakantiegevoel. Dat was als kind al zo en daar is niets in veranderd. Mijn eerste vakantieactiviteit begint dan ook al op de boot. Ik vertrek steevast naar het achterdek om Den Helder uit het oog te verliezen en het kolkende water te aanschouwen.
Meeuwen vliegen af en aan in de hoop dat iemand een frietje naar ze gooit – en ik moet bekennen dat ik de drang niet altijd kan weerstaan. Een luttele twintig minuten varen later is het zover: ik sta op het schapeneiland Texel. Waar zullen we eens naartoe?
1. Oudeschild
Mijn eerste stop is bijna altijd de haven van Oudeschild. Ik loop graag een rondje langs de zeilmasten en vissersboten, waarmee je ook de zee op kunt voor een excursie. In de haven vind je verschillende restaurantjes en cafetaria’s waar je een snack kunt halen, maar zorg er wel voor dat je ‘m in de gaten houdt. Ik heb regelmatig mensen zien lachen of foeteren omdat ze een stukje kibbeling kwijtraakten aan een hongerige meeuw.
Wie het juist leuk vindt om luxe te dineren, kan terecht in ’t Pakhuus – absoluut een aanrader.
2. Juttersmuseum
Als het een dagje regent of je geen zin hebt in het strand, moet je echt naar het Maritiem- en Juttersmuseum Flora. Het is werkelijk fascinerend om alle spullen te zien die de afgelopen tachtig jaar van het strand zijn geplukt. Ieder object heeft zijn eigen verhaal en je kunt je fantasie de vrije loop laten bij die bonte verzameling gejutte spullen. Wie het leuk vindt om in kringlopen en over rommelmarkten te struinen, gaat zich hier hoe dan ook niet vervelen.
3. Fietstochtjes maken
Wind mee of wind tegen, het kan allemaal op Texel. Maar je kunt het eiland niet bezoeken zonder een keer op de fiets te zijn gestapt. Het liefst huur ik een tandem, mits ik een reisgenoot heb die daar ook gek genoeg voor is. Als kind vond ik het fantastisch om op het achterste zadel te zitten terwijl mijn vader of moeder zich in het zweet werkte.
Je kunt prima op de bonnefooi over het eiland crossen, maar wie liever planmatig te werk gaat, neemt een kijkje op de site met fietsroutes. Je komt hoe dan ook een van de negenduizend Texelse schapen tegen die op het eiland rondlopen.
4. Naar het strand (liefst paal 17 of 21)
Na 33 jaar Texel heb ik twee favoriete strandpalen: 17 en 21. Nummer 17 ligt vlakbij Ecomare (daar kom ik straks op) en het Nationaal Park Duinen van Texel. Op een mooie herfstdag kun je daar een heerlijk middagdutje doen in een duinpan, weet ik uit ervaring.
Bij paal 21 staat een gezellig strandpaviljoen waar je in de winter een warme chocolademelk kunt halen en in de zomer een verfrissend biertje. Het strand is hier ook heerlijk breed. Honden moeten in de zomerperiode op beide stranden aan de lijn, maar buiten het hoogseizoen mogen ze loslopen.
In de zomer vind ik het fantastisch om in de hoge golven van de Noordzee te duiken (mits er geen kwallen in drijven), maar ’s winters is het strand minstens zo mooi. Het voordeel is dat het er dan vrijwel uitgestorven is en de golven nog woester zijn. Met goede schoenen en een winterjas kan ik me op een koude dag uren vermaken op het Texelse strand.
5. Ecomare
Als het even kan breng ik een bezoekje aan Ecomare. Hier worden jonge zeehondjes opgevangen die hun moeder kwijt zijn, maar ook volwassen dieren die te zwak zijn om voor zichzelf te zorgen. Het doel is altijd om de dieren weer uit te zetten zodra ze zijn aangesterkt. Je kunt de zeehonden van heel dichtbij zien – iets dat ik zeker als kind een geweldige ervaring vond.
Naast opvang is Ecomare ook een mooi museum waar je meer leert over de natuur van Texel. Zelf geniet ik altijd erg van de grote aquariumzaal. Daar zwemmen allerlei bijzondere vissen en roggen rond in open aquaria.
6. Bezoek de vuurtoren
Natuurlijk moet je naar de vuurtoren als je op Texel bent. Het strand is hier bijna op zijn breedst en honden mogen het hele jaar los. Het is dan ook een fijne plek voor een Texelse wandeling. De vuurtoren zelf is iedere dag (tegen betaling) toegankelijk voor het publiek. Na het beklimmen van 118 traptreden heb je een supermooi uitzicht over de Noordzee en het eiland.
7. Terrasje pakken in Den Burg
De natuur op Texel is prachtig, maar het eiland heeft ook genoeg te bieden op cultureel gebied. Zo ga ik graag naar Den Burg als ik zin heb om te winkelen of om een middagje op het terras te hangen. Ook aan hippe koffiezaakjes is hier geen gebrek.
De rijke geschiedenis van Den Burg is onder meer terug te zien in de architectuur. Meerdere gebouwen hebben prachtige klok- en trapgevels en de kronkelende straten zijn ontzettend knus. Een van de oudste huizen stamt uit 1599 en is nu een museum, de Oudheidkamer.
Tip: wie liever wil stappen dan slenteren trekt in de nacht naar De Koog, waar het uitgaansleven zich bevindt.
8. De Slufter
Ik heb de mooiste plek van Texel tot het laatst bewaard: de Slufter (te zien op de foto bovenaan). Wie eind juli of augustus een bezoek brengt aan dit natuurgebied, wordt getrakteerd op een met lamsoor begroeide vlakte. Deze zoutminnende plant kleurt in de zomermaanden paars.
Het zuidelijke gedeelte van de Slufter is vrij toegankelijk en daar bevinden zich ook meerdere wandelpaden. Omdat het natuurgebied in open verbinding met de zee staat, ziet het er ieder bezoek weer anders uit.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!

Roeliene werkt als editor voor National Geographic. Daarnaast levert ze als wetenschapsjournalist bijdragen aan onder meer Quest en KIJK Magazine. Ze is dol op reizen, godsdienstgeschiedenis en een stevige wandeling.


















