De Dolomieten, de Plitvicemeren en de Lofoten worden jaarlijks door vele natuurliefhebbers bezocht. Terecht natuurlijk, want het is er beeldschoon. Toch zijn er in Europa ook nog tal van verborgen gebieden waar je spectaculaire landschappen vrijwel voor jezelf hebt. Wie liever van ongerepte natuur geniet zonder de drukte, hoeft gelukkig niet ver te reizen. Dit zijn zeven verrassend rustige plekken in Europa.

1. Nationaal Park Prokletije (Montenegro)

In het uiterste zuidoosten van Montenegro rijzen de grillige pieken van Prokletije op. Dit gebied wordt ook wel het Vervloekte Gebergte genoemd, een verwijzing naar het extreem ruige en ontoegankelijke terrein. Dit nationale park wordt namelijk gekenmerkt door diepe kloven en scherpe rotskammen, en het is het domein van zwarte beren, wolven en de Balkan-lynx.

nationaal park prokletije
by Marc Guitard//Getty Images
Nationaal Park Prokletije ligt in het zuiden van Montenegro, op de grens met Albanië en Kosovo.

Sommige reizigers laten zich daar misschien door afschrikken, maar dat is gelukkig nergens voor nodig. In het park zijn verschillende mooie wandelroutes uitgezet, die variëren van makkelijk tot flink uitdagend. Zo kun je hier verschillende etappes van de Via Dinarica White Trail lopen, een langeafstandswandeling van 1200 kilometer die van Slovenië tot in Albanië loopt.

2. La Graciosa (Canarische Eilanden)

Er zijn drie supermarkten, een postkantoor, een politiebureau en een handjevol restaurants, en daar houdt het wel mee op. Graciosa is het kleinste bewoonde Canarische eiland en in vergelijking met het nabijgelegen Lanzarote is het er heerlijk rustig. De straten in het enige dorp Caleta del Sebo zijn onverhard en het eiland laat zich het best ontdekken per fiets.

caleta del sebo
Maremagnum//Getty Images
Op het eiland La Graciosa vind je geen verharde wegen.

Wat er allemaal te doen valt? Behalve fietsen en wandelen bar weinig. Ideaal dus voor reizigers die graag de rust opzoeken. Je kunt een fiets huren en naar een mooi strandje trappen, om daar neer te strijken met een handdoek en een goed boek. Maar vergeet dan niet om van tevoren inkopen te doen voor een picknick, want je bent op La Graciosa volledig op jezelf aangewezen.

3. Fragas do Eume (Spanje)

Natuurpark Fragas do Eume ligt in het noordwesten van Spanje en is een van de best bewaarde Atlantische oerbossen van Europa. Dit natuurgebied moet het niet hebben van zijn indrukwekkende rotspartijen, maar is juist een mooi voorbeeld van een gematigd regenwoud. Het is er groen en vochtig en het staat er vol met eeuwenoude eiken, varens en bijzondere mossoorten. Ook leven er veel wilde dieren, zoals otters, reeën, dassen en boommarters, en met een beetje geluk zie je zelfs een ijsvogel vliegen.

fragas do eume
Iñigo Fdz de Pinedo//Getty Images
Natuurpark Fragas do Eume wordt gekenmerkt door hangbruggen en regenwoud.

Je kunt het park het best ervaren tijdens een wandeling, die je via hangbruggen, watervallen en uitzichtpunten naar het eeuwenoude klooster van San Xoán de Caaveiro brengt. Deze plek is zo afgelegen dat je er geen telefoonbereik hebt, maar gelukkig zit er een kleine bar waar je jezelf na de stevige wandeling kunt belonen met een lekker broodje en een koud drankje.

4. Soomaa Nationaal Park (Estland)

In het Sooma Nationaal Park in Estland is iets bijzonders aan de hand. Hier kennen ze namelijk niet vier, maar vijf seizoenen. Wanneer in het voorjaar de sneeuw smelt en er veel regen valt, treden de rivieren buiten hun oevers en verandert een groot deel van het landschap in één groot meer. Wegen, weilanden en bossen komen deels onder water te staan en kano's zijn dan het belangrijkste vervoermiddel.

sooma national park
traumlichtfabrik//Getty Images
In de lente overstroomt een groot deel van Sooma Nationaal Park in Estland en kun je er alleen per boot of kano komen, in de zomer loop je er over eindeloze vlonderpaden.

Maar ook buiten deze periode is het een bijzondere bestemming om naartoe te reizen. Je kunt er mooie wandelingen maken over vlinderpaden door moerassen en dieren spotten zoals elanden, bevers en kraanvogels. De wolf komt er ook voor, al zal je in de praktijk niet snel zijn pad kruisen.

Wil je niets missen van onze verhalen? Volg National Geographic op Google Discover en zie onze verhalen vaker terug in je Google-feed!

5. Lago di Pilato (Italië)

Er is een reden dat het Lago di Pilato maar door weinig mensen wordt bezocht. Het is namelijk een flinke klim om dit hooggelegen bergmeer te bereiken. In totaal moet je duizend hoogtemeters overbruggen en het pad gaat steil omhoog, maar als je dit gletsjermeer na een paar uur wandelen eindelijk hebt bereikt, kun je alleen maar concluderen dat het de moeite waard was. Lago di Pilato ligt op een hoogte van 1900 meter en is onderdeel van het Monti Sibillini Nationaal Park, gelegen in de Italiaanse regio La Marche.

lago di pilato
Westend61//Getty Images
Het Lago di Pilato ligt hoog in de bergen en heeft de vorm van een bril.

Het meer wordt gevoed door regenval en smeltwater, waarvan een groot deel gedurende de zomer verdampt. Op een gegeven moment heeft het dan de vorm van een bril, al is er later in het seizoen ook kans dat al het water al weg is.

6. Pantelleria (Italië)

Ongeveer halverwege Sicilië en Tunesië ligt het Italiaanse eiland Pantelleria. Het is van vulkanische oorsprong en beroemd vanwege de manier waarop men wijn maakt. Dit gebeurt namelijk door de druivenstruiken in diepe kuilen te plaatsen. Hierdoor zijn ze minder vatbaar voor de stevige wind en houden ze het vocht vast in de dorre grond.

pantelleria
Nicola Micheletti//Getty Images
Een getijdenzwembad op het vulkanische eiland Pantelleria.

Als reiziger verdient een bezoek aan een van de wijnboeren natuurlijk een plek in je reisschema, maar er is meer te doen. Hoewel er weinig zandstranden zijn, kun je hier wel heerlijk afkoelen in zee en bijvoorbeeld zwemmen bij Cala Cinque Denti. Vind je de zee te koud? Op dit mooie Italiaanse eiland vind je ook verschillende natuurlijke warmwaterbronnen, voor een weldadige plons in mineraalrijk water of zelfs een modderbad.

7. Senja (Noorwegen)

In het noorden van Noorwegen trekken de fotogenieke uitzichten van de Lofoten jaarlijks vele bezoekers, maar op het iets noordelijker gelegen eiland Senja is het heerlijk rustig. Fotogenieke houten huizen? Heb je hier ook. Dramatische rotsformaties op de achtergrond? Zijn aanwezig. Het noorderlicht, de middernachtzon of walvissen spotten? Ook dat kan allemaal op Senja.

senja
Vithun Khamsong//Getty Images
Op het eiland Senja vind je indrukwekkende rotsformates en spectaculaire wandelroutes.

Dit is het tweede grootste eiland van Noorwegen en aan natuurschoon ontbreekt het hier niet. Het landschap wordt bepaald door puntige rotsformaties waar je mooie wandelingen kunt maken, maar je kunt ook de 102 kilometer lange autoroute volgen die langs alle hoogtepunten komt.

Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!

Headshot of Stéphanie Versteeg

Stéphanie is freelance (reis)journalist en fotograaf. Ze schrijft voor National Geographic het liefst over onderwerpen waar ze ook in het dagelijks leven niet over uitgepraat raakt. Met ruim vijftig landen op de teller is reizen een van haar grote hobby's, maar eerlijk is eerlijk: in haar volkstuintje is ze minstens zo gelukkig als ver weg.