Nederland behoort tot de dichtstbevolkte landen van Europa. Toch bestaan er nog plekken waar de natuur de dienst uitmaakt en de mens slechts te gast is. Op deze vijf onbewoonde eilanden bepalen vogels, zeehonden en getijden het ritme. Sommige zijn alleen onder begeleiding te bezoeken, andere kun je op eigen gelegenheid ontdekken – mits je de kwetsbare natuur respecteert.

1. Razende Bol: het eiland dat continu van plek verandert

    Tussen Den Helder en Texel ligt een onbewoond eiland ter grootte van vijfhonderd voetbalvelden dat constant in beweging is: Noorderhaaks. Deze zandbank is gevormd door zeestromingen vanuit de Noordzee en de Waddenzee die elkaar treffen in het Marsdiep, de vaargeul tussen Texel en Den Helder. Het meegevoerde zand zakt naar de bodem en creëert zo een zandbank.

    De kracht van de wind en het water zorgt er ook voor dat het eiland elk jaar een paar meter verschuift naar het westen, richting Texel. Mogelijk groeit het eiland, dat ook wel Razende Bol wordt genoemd, over enkele decennia vast aan het Waddeneiland.

    Het bewegende eiland is een rust- en broedoord voor talloze (migrerende) vogelsoorten. Ook rusten hier in de zomer zeehonden met hun jongen en werpen grijze zeehonden in december hun jongen op de zandbank.

    Met een schip kun je de Razende Bol op eigen gelegenheid bezoeken. Goed om te weten: er zijn geen voorzieningen op het eiland en de noordkant is tussen 15 mei en 1 november gesloten om de vogels en zeehonden rust te geven.

    2. Griend: een eiland waar de natuur voorrang krijgt

    Op het onbewoonde eiland Griend is de natuur de baas en houden mensen gepaste afstand. In de Middeleeuwen was dat anders: Griend was destijds groter dan het huidige Texel. Op het eiland vond je toen een nederzetting met een kloosterschool waar mensen woonden. De Sint-Luciavloed van 1287 spoelde een groot deel van het eiland weg en in de achttiende eeuw verlieten de laatste bewoners Griend.

    Sinds 1917 is het onbewoonde eiland in het bezit van Natuurmonumenten en verblijven alleen bos- en vogelwachters zo nu en dan op Griend. Eén keer per jaar kun je het beschermde natuurgebied bezoeken onder begeleiding van een boswachter.

    onbewoond eiland griend in de waddenzee
    SIESE VEENSTRA//Getty Images
    Om bij het onbewoonde eiland Griend te komen, moet je een stukje over het wad lopen. Eén keer per jaar kun je het eiland onder begeleiding van een boswachter bezoeken.

    Vanuit Harlingen vaar je per boot richting het eiland, maar je moet het laatste stukje wadlopen om Griend te bereiken. Eenmaal aangekomen op het eiland kun je een grote verscheidenheid aan dieren spotten: trekvogels in het najaar en grijze zeehonden in de winter. Daarnaast ontdekten boswachters hier in mei 2018 een voor Nederland nieuwe diersoort. Het Baltisch driedoorntje lijkt op een insect, maar behoort tot de springstaarten.

    3. De Dode Hond: een vogeleiland midden in het IJsselmeer

    Het kunstmatige eiland De Dode Hond is rond 1964 opgespoten tijdens de aanleg van de polderdijk van Flevoland. Destijds diende het eiland als depot voor de grond die vrijkwam bij het aanleggen van de dijk. De pas gestorte grond trok veel vogels naar het eiland die er naar voedsel zochten. Nog steeds noemen veel mensen in de regio dit het Vogeleiland.

    Doordat De Dode Hond gunstig gelegen is aan een vaargeul is het een populaire plek om met een eigen boot aan te meren. Je mag dan ook een tent meenemen om op het onbewoonde eiland te overnachten.

    4. Pampus: een fort zonder bewoners

    In 1887 werd het forteiland Pampus aangelegd als onderdeel van de Stelling van Amsterdam, met als doel om de hoofdstad te verdedigen tegen aanvallen vanaf de Zuiderzee. Er werd uiteindelijk nooit een schot gelost en na de aanleg van de Afsluitdijk verloor Pampus zijn militaire functie. Het eiland ligt nu in het IJmeer en maakt sinds 1995 samen met de Nieuwe Hollandse Waterlinie onderdeel uit van de werelderfgoedlijst van Unesco.

    het forteiland pampus
    Thomas Roell//Getty Images
    Het forteiland Pampus maakt onderdeel uit van de Hollandse Waterlinie en werd aangelegd om Amsterdam te verdedigen.

    Het onbewoonde eiland kun je tussen april en november bezoeken en in de zomer is het ook mogelijk om op Pampus te kamperen. Sinds een aantal jaar werkt het eiland er bovendien aan om als eerste Nederlandse Unesco-locatie volledig zelfvoorzienend en fossielvrij te worden.

    In het strandpaviljoen eet je verse groenten uit de moestuin, het IJsselmeerwater wordt gefilterd tot drinkwater en in de biovergister wordt groenafval omgezet naar gas.

    5. Hompelvoet: waar fjordenpaarden vrij rondlopen

    Iets meer dan vijftig jaar geleden was Hompelvoet in het Grevelingenmeer een zandplaat die bij hoog water nog weleens kon overstromen. Daar kwam in 1971 verandering in met de afsluiting van het Brouwershavense Gat, waardoor Hompelvoet een permanent eiland werd.

    Het hele jaar door grazen er fjordenpaarden op het onbewoonde eiland en tussen half mei en half november lopen er ook runderen rond. Wat Hompelvoet daarnaast bijzonder maakt, zijn de bloemrijke vlakten met veel unieke plantensoorten, zoals de zeldzame herfstschroeforchis.

    Je kunt Hompelvoet op eigen gelegenheid bezoeken, maar houd er wel rekening mee dat het eiland tijdens het broedseizoen (van 15 maart tot en met 15 augustus) gesloten is voor bezoekers.

    Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!

    Headshot of Willeke van Doorn

    Willeke van Doorn studeerde journalistiek, reisde een tijdje de wereld rond en kwam uiteindelijk via de Verenigde Staten, Australië en Nieuw-Zeeland bij de redacties van Quest en National Geographic. Ze is nieuwsgierig naar de wereld, gaat het liefst elke maand even op reis en neemt dan ook altijd haar hardloopschoenen mee.