Tien van de opmerkelijkste dinosauriërs die in 2021 zijn ontdekt

Op vindplaatsen in de hele wereld zijn dit jaar spectaculaire nieuwe fossielen gevonden, die volstrekt nieuwe inzichten in het tijdperk van de dinosauriërs hebben opgeleverd.

Door Michael Greshko
Gepubliceerd 10 dec. 2021 13:18 CET
Yamatosaurus

Ruim 66 miljoen jaar geleden, in de allerlaatste fase van het Mesozoïcum, leefden twee ‘eendensnaveldinosauriërs’ in een regio die nu de Japanse archipel vormt. Een van deze reusachtige planteneters (midden) werd eerder dit jaar wetenschappelijk beschreven. Het dier is slechts een van de 42 nieuwe dinosauriërsoorten die tot dusver in 2021 zijn ontdekt.

Foto door Illustration by Msato Hattori

Sinds 2003 vinden paleontologen gemiddeld ruim 45 nieuwe dinosauriërsoorten per jaar. Het tempo waarin nieuwe ontdekkingen worden gedaan, is verbluffend, en in deze nieuwe ‘gouden eeuw’ van de paleontologie werpt de wetenschap een geheel nieuw licht op de wereld van de prehistorie. 

Volgens Tom Holtz van de University of Maryland, die een database over vondsten van nieuwe dinosauriërssoorten bijhoudt, staat de teller dit jaar tot dusver op 42 ontdekkingen. Wat is de oorzaak van dit hoge tempo? Ten eerste zijn er volgens Holtz ‘meer mensen aan het werk: in het veld en met meer teams, en dat in meer delen van de wereld.’ De dinosauriër-paleontologie is diverser en internationaler dan ooit, waardoor er enorm veel nieuwe kennis wordt opgedaan.

Wetenschappers hebben ook een beter beeld gekregen van wat een ‘dinosauriërsoort’ eigenlijk is. Ooit gaven paleontologen de naam ‘Iguanodon’ aan zeer uiteenlopende fossielen die tientallen miljoenen jaren bestreken. Maar uit nieuw onderzoek is gebleken dat Iguanodon in feite een groep van vele soorten vormt, waaronder een nieuw wezen dat afgelopen november werd onthuld.

Daarnaast stelt nieuwe technologie de wetenschap in staat om opmerkelijke nieuwe ontdekkingen over dinosauriërs te doen, zoals details over hun geschubde huidspijsverteringsstelsel en voortplantingsorganen, hun celstructuur en baltsgedrag en zelfs over hun voortplanting in polaire regio’s. De resultaten van al deze nieuwe onderzoekingen laten zien hoe divers en uitzonderlijk deze prehistorische wezens waren. Hieronder zetten we – in willekeurige volgorde – de tien opmerkelijkste dinosauriërs op een rijtje die dit jaar zijn ontdekt. 

1. Een Marokkaanse ‘punkrock’-dinosauriër met bizarre ribben

Het enige fossiel dat tot nu toe van Spicomellus is gevonden, is één fragment van een rib met vier merkwaardige uitsteeksels.

Foto door Trustees of the Natural History Museum, London

Tussen 168 en 164 miljoen jaar geleden sjokte een vreemd reptiel door een regio die nu het noorden van Marokko vormt: een wezen met een ribbenkast waaruit grote stekels naar buiten staken.

Het enige tot dusver gevonden fossiel dat afkomstig is van dit dier, werd in september in het tijdschrift Nature Ecology and Evolution onthuld en bestaat uit één enkele rib van zo’n 27 centimeter lengte met maar liefst vier stekels eraan. Op basis van de vorm en grootte van het fossiel vermoeden onderzoekers dat de rib behoort tot een gepantserde dinosauriër uit het geslacht Ankylosaurus. De naam van de dinosauriër luidt Spicomellus afer, naar het Latijns voor ‘stekel’, ‘halsband’ en ‘bewoner van Afrika’.

Spicomellus is de oudste Ankylosaurus die tot nu toe is gevonden en de eerste die in Afrika is ontdekt. Het is ook een wezen dat met geen enkel ander dier, uitgestorven of modern, kan worden vergeleken. ‘Als je je eigen ribbenkast bekijkt, zie je dat er spieren overheen lopen waarmee je je armen kunt bewegen,’ zegt Susannah Maidment, de paleontologe van het Natural History Museum in Londen die het onderzoek naar Spicomellus leidde. ‘Waar zaten die spieren als er duidelijk grote stekels uit hun ribbenkast en huid staken?’ 

Via de schimmige en complexe commerciële handel in Marokkaanse fossielen belandde Spicomellus in het Britse museum. Nadat het kleinood in bezit van meerdere Marokkaanse kooplieden was geweest, werd het verworven door de Britse firma Moussa Direct, die het exemplaar aan het museum verkocht.

Aanvankelijk dachten onderzoekers van de instelling dat het bot afkomstig was van de Marokkaanse stegosaurus-soort Adratiklit, aangezien het fossiel in dezelfde streek in het Atlasgebergte was gevonden waar ook die soort was ontdekt. Maar al snel realiseerden Maidment en haar collega’s zich dat het fossiel aan een nieuwe soort moest worden toegeschreven, wat het wetenschappelijke belang van het botje veel groter maakte.

Het Natural History Museum sloot een overeenkomst met de Universiteit Sidi Mohamed Ben Abdellah in Fez, Marokko, om het fossiel gezamenlijk te onderzoeken.

Maidments team wist de herkomst van het fossiel te herleiden door te achterhalen hoe vaak en waar het bot sinds zijn vondst van eigenaar was verwisseld, waarna Maidment in 2019 de oorspronkelijke vindplaats bezocht. Driss Ouarhache, geoloog aan de Universiteit Sidi Mohamed Ben Abdellah en een van de auteurs van de nieuwe studie, bracht in 2020 een bezoek aan de vindplaats, waar hij belangrijke geologische gegevens verzamelde. Volgens Maidment bouwt de universiteit van Ouarhache een nieuw museum, waarin fossielen zullen worden ondergebracht die in de toekomst worden gevonden op de vindplaats waar Spicomellus is ontdekt.

2. De tot nu toe grootste dinosauriër van Australië

Ongeveer 95 miljoen jaar geleden schudde de grond van het huidige noordoosten van Australië onder de poten van een enorme dinosaurus met ellenlange hals: de Australotitan cooperensis.

Foto door Illustration courtesy of Eromanga Natural History Museum

Diep in de outback van de Australische provincie Queensland dreef de familie Mackenzie al generaties lang een schapen- en veehouderij in de buurt van het gehucht Eromanga. In 2004 stuitte tiener Sandy Mackenzie op sporen die erop wezen dat er ooit oeroude reuzen over de ranch hadden gezworven.

Sinds 2006 hebben de Mackenzies samen met een team onder leiding van paleontoloog Scott Hocknull van het Queensland Museum in Brisbane geregeld opgravingen gedaan in aardlagen op de ranch waarin het wemelt van de prehistorische beenderen. En daarbij ontdekten ze ook de grootste dinosauriër die tot nu toe in Australië is gevonden. 

De fossielen van het wezen, dat de bijnaam ‘Cooper’ heeft gekregen – naar een naburige beek – zijn daarna ruim tien jaar lang onderzocht, onder andere aan de hand van 3D-scans van het oppervlak van de beenderen. Die langdurige analyses werden uiteindelijk in het tijdschrift PeerJ gepubliceerd en bevestigden dat het bij deze circa 95 miljoen jaar oude dinosauriër om een nieuwe soort gaat: Australotitan cooperensis

Australotitan behoort tot het geslacht Titanosaurus, een subgroep van de welbekende sauropoden met hun ellenlange halzen waartoe enkele van de grootste landdieren behoren die ooit op aarde hebben rondgelopen, zoals de Argentijnse gigant Patagotitan. De dijbenen van Australotitan waren elk minstens twee meter lang, terwijl het hele dier in levenden lijve tussen de 26 en 82 ton moet hebben gewogen.

De resten van de dinosauriër bevinden zich nu in het nieuwe Eromanga Natural History Museum, dat eigenhandig door de Mackenzies is opgezet.

3. Mexicaanse dinosauriër met een vreemde schedelkam

Deze illustratie toont twee exemplaren van de soort Tlatolophus die gedurende het Krijt langs een kust in het zuiden van het huidige Mexico lopen.

Foto door Illustration by Marco A. Pineda

In 2005 stuitten José en Rodolfo López Espinoza in de Zuid-Mexicaanse provincie Coahuila op een opmerkelijk fossiel: de vrijwel geheel intacte staart van een dinosauriër die zo’n 72 miljoen jaar geleden leefde. In 2013 bezocht een team van Mexicaanse paleontologen de vindplaats om de fossielen op te graven en ontdekte daarbij nog meer beenderen van het wezen, waaronder zijn schedel. De volstrekt unieke dinosauriër werd afgelopen mei wetenschappelijk beschreven in het tijdschrift Cretaceous Research.

Tlatolophus galorum behoort tot een geslacht van plantenetende dinosauriërs genaamd Lambeosaurus. De naam van de dinosauriër is ontleend aan het feit dat zijn spectaculaire schedelkam doet denken aan de tlahtolli, een kommavormig symbool in de Azteekse kunst dat in de Nahuatl-taal staat voor ‘woord’. De soortnaam ‘galorum’ verwijst naar de twee achternamen Garza en López, ter ere van mensen die bij het blootleggen van het fossiel waren betrokken.

Van snuit tot staartpunt was Tlatolophus vermoedelijk zo’n acht meter lang, en bij de heupen had hij een hoogte van ongeveer twee meter. Op basis van zijn goed bewaard gebleven schedel denken wetenschappers dat het dier een nauwe verwant was van een welbekende lambeosaurus: Parasaurolophus, waarvan er meerdere exemplaren aan het begin van de film Jurassic Park zijn te zien terwijl ze uit een meer drinken.

Met Tlatolophus is het aantal bekende dinosauriërs met uiteenlopende schedelkammen verder uitgebreid. De kam speelde waarschijnlijk een belangrijke rol in het sociale leven van de dinosauriër, mede omdat de beenstructuur ook het geluid van zijn roep vormgaf.

4-5. Een ‘hellereiger’ van het Isle of Wight en een ‘oeverjager’

In deze illustratie is te zien hoe in het tijdperk van het Krijt de rook van een bosbrand opstijgt boven het Isle of Wight en een spectaculaire achtergrond vormt voor twee onlangs ontdekte spinosaurussen: Ceratosuchops inferodios (op de voorgrond) en Riparovenator milnerae.

Foto door Illustration by Anthony Hutchings

De zuidwestkust van het Britse Isle of Wight is tegenwoordig een pittoresk landschap dat wordt omlijst door zandstenen klippen. Maar ruim 125 miljoen jaar geleden lag hier een savanne-achtige vlakte die werd doorsneden door rivieren en spoelvlakten – de ideale habitat voor twee kolossale dinosauriërs met een slanke, krokodilachtige snuit.

De fossielen die op het eiland werden gevonden en in september in het tijdschrift Scientific Reports zijn beschreven, duiden op twee nieuwe soorten spinosauriden, een raadselachtige groep van reusachtige roofdinosauriërs waartoe ook de beroemde ‘zwemmende dinosauriër’ Spinosaurus aegyptiacus behoort.

De wetenschappelijke naam Ceratosuchops inferodios laat zich vertalen als ‘gehoornde, krokodilachtige hellereiger’ en berust op de hypothese dat spinosauriden net als moderne reigers vanaf de oevers van rivieren op hun prooi jaagden. Riparovenator milnerae betekent ‘Milners rivieroeverjager’ en is een hommage aan een Britse expert in spinosauriden, Angela Milner. Deze dinosauriërs hadden waarschijnlijk een lengte van acht meter en waren bij de heupen ongeveer twee meter hoog.

Lees ook: Ontzagwekkende ‘helreiger’-dinosaurus zorgt voor rimpelingen in het verhaal over de oorsprong van de spinosaurus

Ceratosuchops en Riparovenator leveren veel nieuwe inzichten op in de leefwijze en evolutionaire herkomst van de spinosauriden, waarvan wetenschappers nog maar heel weinig weten. De oudste soorten van deze groep leefden overwegend in het huidige Europa, wat erop wijst dat de groep oorspronkelijk op het noordelijk halfrond moet zijn ontstaan. (Lees meer over het wetenschappelijke belang van Ceratosuchops en Riparovenator.)

6. Een tandeloos diertje uit Brazilië

In november presenteerde een Braziliaans onderzoeksteam een opmerkelijke tandloze dinosauriër in het tijdschrift Scientific Reports. Het gefossiliseerde wezen met de wetenschappelijke naam Berthasaura leopoldinae is het meest complete van zijn aard en ouderdom dat ooit in Brazilië is gevonden en is vernoemd naar twee invloedrijke Braziliaanse vrouwen: Bertha Maria Júlia Lutz, een zoöloge en pionier in de vrouwenrechten, en de eerste keizerin van Brazilië, Maria Leopoldina, die een sleutelrol speelde in de onafhankelijkheidsstrijd van haar land. 

Berthasaura werd ontdekt in gesteente dat tussen de 125 en 100 miljoen jaar oud is. Met zijn lengte van zo’n 45 centimeter moet het een tamelijk klein en wendbaar diertje zijn geweest. Zijn snavel was klaarblijkelijk gebouwd voor het knabbelen aan planten en mogelijk het eten van kleine prooidieren. Ook andere groepen theropoden hadden snavels als moderne vogels, zoals de tandloze ornithomimiden (‘vogel-nabootsers’, omdat ze aan struisvogels doen denken), maar Berthasaura behoort tot de ceratosaurussen, een groep vleesetende dinosauriërs met normale tanden.

De eerste tandloze ceratosaurus die werd ontdekt, Limusaurus, komt uit China, dus het feit dat er nu in Zuid-Amerika een totaal andere soort uit deze groep is ontdekt, betekent dat tandloze snavels zich tijdens de evolutie van de ceratosaurussen mogelijk minstens tweemaal onafhankelijk hebben ontwikkeld. Berthasaura onderstreept de veelheid van uiteenlopende diëten die binnen deze groep tot ontwikkeling kwam en verdiept onze inzichten in de overlevingsstrategieën van deze dinosauriërs.

7. Een Chileense dinosauriër met een vervaarlijke staart

Zo’n 73 miljoen jaar geleden kwam een nieuw ontdekte dinosauriërsoort met een knotsachtige staart voor in een regio die nu het zuiden van Chili vormt. Het dier leefde in een rivierdelta met een weelderige vegetatie, zoals in deze illustratie is uitgebeeld.

Foto door Illustration by Mauricio Álvarez

Ruim 72 miljoen jaar geleden leefde in de rivierdelta’s van het Chileense deel van Patagonië een kleine maar taaie dinosauriër met een uniek staartwapen: een brok versmolten been dat deed denken aan een gekarteld cricketbat. ‘Het is iets volstrekt ongekends,’ zegt Alexander Vargas, paleontoloog aan de Universidad de Chile in Santiago, over de vreemde staart.

Lees ook: Deze bizarre gepantserde dinosaurus had een soort zwaard als staartwapen

Het gefossiliseerde skelet werd in december in het tijdschrift Nature beschreven en is afkomstig van een nieuw soort kleine dinosauriër met een gepantserde huid genaamd Stegouros elengassen. De naam van het wezen verwijst naar zijn bizar geschubde ‘dakpannenstaart’ (in het Grieks betekent stegos ‘dak’ en oura ‘staart’) en naar een gepantserd beest uit de mythologie van de Patagonische Aónik’enk-indianen. Het opmerkelijke staartwapen wordt aangeduid met het woord ‘macuahuitl’, naar de strijdknots die door de Azteken werd gehanteerd.

Stegouros is een bizar anatomisch samenraapsel. De schedel, tanden en knotsvormige staart van de dinosauriër zijn kenmerkend voor ankylosaurussen en latere gepantserde dinosauriërs. Maar de slanke ledematen en het bekken van het dier doen meer denken aan die van de stegosaurussen, waaronder Stegosaurus armatus, die al tientallen miljoenen jaren was uitgestorven toen Stegouros op het toneel verscheen. (Lees ook waarom Stegouros de stamboom van gepantserde dinosauriërs in de war kan schoppen.)

Stegouros vult ook een belangrijk hiaat in de geologische tijdlijn. Op de diverse landmassa’s die ooit het oude supercontinent Gondwana vormden en gedurende het tijdperk van de dinosauriërs uiteen begonnen te drijven, zijn zeer weinig gepantserde dinosauriërs gevonden. Vóór Stegouros waren er in het voormalige zuiden van Gondwana slechts twee soorten van deze tankachtige wezens ontdekt, en geen van beide is zo compleet als Stegouros elengassen.

8-9. Twee reuzendinosauriërs uit China’s ‘pterosauriër-groeve’

De rotsen bij Hami, een stad in de autonome regio Xinjiang, in het noordwesten van China, staan bekend om de ongelooflijke fossielen van pterosauriërs die erin zijn gevonden. Deze vliegende reptielen leefden in het tijdperk van de dinosauriërs, en onderzoekers hebben nu voor het eerst ook beenderen van dinosauriërs in deze gesteentelagen gevonden. De botten bleken afkomstig te zijn van twee nooit eerder beschreven soorten.

De fossielen, die in augustus wetenschappelijk zijn beschreven, zijn afkomstig van twee soorten sauropoden, de welbekende reuzen met hun ellenlange halzen. De naam van de ene soort, Silutitan sinensis, verwijst naar het Mandarijnse woord voor ‘zijderoute’, terwijl de andere soort, Hamititan xinjiangensis, de vindplaats vereeuwigt.

Nieuw soort dinosaurus is grootste dier ooit op aarde

Deze beide dinosauriërs waren reusachtig. Twee kenmerkende halswervels van Silutitan, de enige fragmenten die tot nu toe van het dier zijn gevonden, zijn elk tussen de 47 en 55 centimeter lang. Ter vergelijking: de langste halswervels van een modern dier, die van giraffes, zijn minder dan dertig centimeter lang. Van Hamititan is een reeks staartwervels gevonden die elk minstens twintig centimeter lang zijn, en de staart van dit dier bestond uit tientallen van deze botten.

De vondst van Silutitan en Hamititan levert veel nieuw inzichten op in de anatomie en leefwijze van sauropoden die gedurende het vroege Krijt – tussen de 145 en 100 miljoen jaar geleden – in het huidige Azië leefden. Dankzij de ontdekking kunnen wetenschappers zich nu een beter beeld vormen van de verbreiding en diversificatie van sauropoden in de prehistorische wereld.

10. Een Japanse dinosauriër uit het late Mesozoïcum

In 2004 was een amateur-fossielenjager genaamd Shingo Kishimoto bezig met het doorzoeken van gesteente in een cementgroeve op het Japanse eiland Awaji toen hij op iets opmerkelijks stuitte: de botten van een dinosauriër die meer dan 71 miljoen jaar geleden leefde.

Het fossiel, dat in april is beschreven, is afkomstig van de tweede dinosauriërsoort uit het tijdperk van het Maastrichtien die in Japan is gevonden. Het Maastrichtien duurde van 72 tot 66 miljoen jaar geleden – dus helemaal tot aan de massa-uitsterving aan het einde van het Krijt, die werd veroorzaakt door de inslag van een enorme asteroïde. De wetenschappelijke naam van de dinosauriër, Yamatosaurus izanagii, verwijst naar de oude naam van een deel van de Japanse archipel en naar Izanagi, een godheid uit de Japanse mythologie.

Yamatosaurus behoort tot de hadrosaurussen, de grote groep plantenetende ‘eendensnaveldinosauriërs’ waartoe ook Tlatolophus behoort, de dinosauriër met de buisvormige schedelkam. Yamatosaurus behoort tot een relatief onbekende groep die zich zo’n 95 miljoen jaar geleden – dus al zeer vroeg in de evolutie van deze grote dinosauriërfamilie – heeft afgesplitst. 

Het fossiel maakt duidelijk dat de hadrosaurussen die tot de eerste vertakkingen van de familie behoren, waaronder Yamatosaurus, zich over een enorme landmassa hadden verspreid, een gebied dat nu uit heel Azië en het oosten van Noord-Amerika bestaat.

Maar in het westen van Noord-Amerika en in Europa, waar latere afsplitsingen als Tlatolophus rondzwierven, waren ze amper vertegenwoordigt. De vondst duidt erop dat enkele van de oudste soorten van de Hadrosaurus-familie in het oosten van Azië zijn blijven hangen, terwijl andere afstammingslijnen zich gedurende het gehele Krijt bleven verbreiden en diversificeren.

Dit artikel werd oorspronkelijk gepubliceerd in het Engels op nationalgeographic.com

Lees meer

Dit vindt u misschien ook interessant

Wetenschap
Omstreden verkoop van ‘Big John’, ’s werelds grootste Triceratops
Wetenschap
Jaagde het ‘riviermonster’ Spinosaurus als een ooievaar?
Wetenschap
Fossiel van 'Vechtende Dino’s’ kan eindelijk geheimen prijsgeven
Wetenschap
Fossiele tanden leveren nieuw bewijs voor ‘riviermonster’ Spinosaurus
Wetenschap
Nieuwe grote dinosauriër met ‘haaientanden’ ontdekt

Ontdek Nat Geo

  • Dieren
  • Milieu
  • Geschiedenis en Cultuur
  • Wetenschap
  • Reizen
  • Fotografie
  • Ruimte
  • Video

Over ons

Abonnement

  • Abonneren
  • Schrijf je in
  • Shop
  • Disney+

Volg ons

Copyright © 1996-2015 National Geographic Society. Copyright © 2015-2021 National Geographic Partners, LLC. Alle rechten voorbehouden.