In ’s werelds zoetwatersystemen, van kreekjes tot rivieren, leven ruim tienduizend vissoorten leven. Toch krijgen we veel van deze wezens misschien nooit te zien; zo’n twintig procent van alle bekende zoetwatersoorten wordt met uitsterving bedreigd of is al uitgestorven. David Herasimtschuk fotografeert deze vissen niet alleen omdat hij dat leuk vindt, als professioneel fotograaf probeert hij ook waardering te kweken voor zoetwaterhabitats en de dieren die er voorkomen.

(Bekijk zijn beelden in de galerij onderaan dit artikel.)

Al bijna tien jaar werkt de fotograaf samen met de ngo Freshwaters Illustrated om de kreken en rivieren van Noord-Amerika vast te leggen – van de bergen van Colorado tot het El Yunque National Forest op Puerto Rico.

‘Mensen weten meer over het harlekijnvisje (‘Nemo’) dat op een koraalrif leeft dan over een rietvoorntje dat tien minuten verderop in een meertje voorkomt,’ zegt Herasimtschuk. ‘Ik laat mensen in feite een heel nieuwe wereld zien, maar dan een wereld die grotendeels in de eigen achtertuin ligt.’

Modderduivel valt slang aan

Op sommige plekken die Herasimtschuk fotografeerde, zoals de zuidelijke Appalachen, vind je zoetwatersystemen met een ongelooflijke biodiversiteit. Alleen al in deze regio komen drie- tot vierhonderd inheemse vissoorten voor.

In de zuidelijke Appalachen leeft ook Herasimtschuks favoriete amfibie: de modderduivel, een reusachtige watersalamander die inheems is in Noord-Amerika. Als je een tijdje geduldig in de buurt van deze zeventig centimeter lange salamanders rondhangt, zullen ze volgens Herasimtschuk uiteindelijk contact met je zoeken en ‘jou in hun wereld toelaten.’

Op die manier wist hij de enige foto te maken van een modderduivel die probeert een slang op te eten, een beeld dat hem de onderscheiding Wildlife Photographer of the Year opleverde. Het tafereel was verrassend, want modderduivels jagen gewoonlijk op veel kleinere prooien. Toen de slang zich om de kop van de salamander wikkelde, probeerde de modderduivel zijn beet te verleggen, waardoor de Noord-Amerikaanse waterslang kans kreeg te ontsnappen.

Water als chocolademelk

Weersomstandigheden kunnen grote invloed hebben op de tijd die nodig is om het perfecte moment vast te leggen. Soms brengt Herasimtschuk acht tot tien uur door in ijskoud water doorbrengt om foto’s te nemen. Maar als het regent, houdt hij ermee op.

In de wereld van de zoetwaterfotografie is neerslag zowel een zegen als een vloek. Regen trekt bijvoorbeeld zalmen aan, omdat de extra neerslag de vissen helpt om stroomopwaarts te zwemmen. Maar het vertroebelt het water ook, door modderdeeltjes die tijdens een regenbui in het water worden gespoeld.

‘Als je water zo donker als chocolademelk een kreek ziet binnenstromen, krijg je een idee van de verstikking die dit voor waterdieren met zich mee kan brengen,’ zegt Herasimtschuk. De Amerikaanse milieudienst EPA beschouwt slib als de meest voorkomende vorm van vervuiling in rivieren en meren – ongeveer een derde bestaat uit natuurlijke erosie, maar het grootste deel wordt losgewoeld door menselijke activiteiten als bouw- en graafwerkzaamheden.

Soorten verdwijnen

Het leefgebied van veel soorten staat onder druk door onder meer stuwdammen, slib en vervuiling. Dat is niet alleen een probleem voor het zoetwaterleven, maar ook voor de mens. Dieren als modderduivels fungeren als indicatoren voor de gezondheid van een riviersysteem. Hun aanwezigheid is een teken dat het water schoon en drinkbaar is.

Maar deze wezens beginnen te verdwijnen, net als verschillende andere dieren op Herasimtschuks foto’s. Hij hoopt dat hij met zijn opnamen bewustwording kan kweken en mensen zal inspireren tot zorg voor de natuur.

‘Veel van deze soorten zwemmen al miljoenen jaren rond; pas in de afgelopen honderd jaar zijn ze begonnen te verdwijnen,’ zegt Herasimtschuk.

Bekijk hier de beelden die David Herasimtschuk maakte in zoetwaterhabitats:

kaaimansnoeken zijn oeroude vissen die sinds prehistorische tijden niet veel zijn veranderd Een vrouwtjessnoek die gereed is om te paaien wordt gevolgd door een groep mannetjes die hopen haar eitjes ter grootte van erwten te kunnen bevruchten  alle 30000 stuks