In 1876 ontving Alexander Graham Bell het patent op de telefoon. Toch begon de geschiedenis van dit communicatiemiddel al jaren eerder. In 1860 bouwde de Duitse natuurkundeleraar Johann Philipp Reis een apparaat dat geluid via een elektrische verbinding kon overbrengen. Hij experimenteerde er bijna tien jaar mee in een schuur achter zijn huis.
Een telefoon geïnspireerd op het menselijk oor
Bij de bouw liet Reis zich inspireren door de anatomie van het menselijk oor. Het membraan van zijn toestel functioneerde als een soort trommelvlies. Zijn eerste telefoon bestond alleen uit een losse microfoon en een oorstuk, te zien op de foto hieronder.
Na een langverwachte doorbraak in 1860 organiseerde hij thuis een publieke demonstratie. Reis liet zijn zwager een boek voorlezen, waarna hij hardop herhaalde wat hij in de hoorn hoorde. Een aanwezige collega wierp tegen dat Reis het boek uit zijn hoofd had geleerd en pakte vervolgens zelf het mondstuk. Hij sprak enkele willekeurige zinnen uit, zoals ‘Die Sonne ist von Kupfer’ en ‘Das Pferd frißt keinen Gurkensalat’.
Volgens de overlevering verstond Reis dat de zon van suiker was – in plaats van koper – en hoorde hij niet wat het paard niet at: komkommersalade. Desondanks overtuigde het experiment de aanwezigen: geluid kon over draad worden verzonden.
Te vroeg voor commercieel succes
Op 26 oktober 1861 presenteerde Reis zijn uitvinding aan de Physikalische Verein in Frankfurt. Zijn lezing leidde niet tot het enthousiasme waar hij op hoopte. Zijn apparaat kon wel geluid verzenden, met name tonen en muziek, maar gesproken woorden waren lastig te verstaan.
Daar kwam bij dat Reis’ gezondheid snel achteruitging. Hij leed aan tuberculose en overleed in 1874, op slechts veertigjarige leeftijd. Roem en rijkdom bleven uit. Wel introduceerde hij het woord ‘telefoon’, afgeleid van het Grieks: tele (‘ver’) en foon (‘geluid’).
Een Italiaanse uitvinder in New York
Ongeveer tegelijk met Reis werkte ook de Italiaanse werktuigbouwkundige Antonio Meucci aan de uitvinding van de telefoon. Hij experimenteerde met het elektrisch overbrengen van spraak via draadverbindingen, en realiseerde dat hierin de sleutel tot succes lag.
Leestip: Wie vond de televisie uit? De eerste beeldbuis was het werk van tientallen pioniers
In 1850 verhuisde hij naar Staten Island in New York om zijn uitvinding verder te ontwikkelen. Toen zijn vrouw vijf jaar later gedeeltelijk verlamd raakte, legde hij verbindingen aan tussen zijn werkplaats en haar slaapkamer, zodat zij met hem kon communiceren.
Armoede, tegenslag en een verlopen patent
Meucci sprak geen Engels en bezat weinig, wat de zaken voor hem bemoeilijkte. Jarenlang probeerde hij geld te krijgen voor de nodige vervolgstappen, maar slaagde daar niet in. Na een zware explosie kwam hij zelfs in het ziekenhuis terecht. In deze periode raakte hij enkele van zijn modellen kwijt. Wat er precies met zijn prototypes gebeurde, is nooit volledig opgehelderd. Er zijn beweringen dat zijn vrouw deze had verkocht.
Wil je niets missen van onze verhalen? Volg National Geographic op Google Discover en zie onze verhalen vaker terug in je Google-feed!
Toen Meucci uit het ziekenhuis kwam, probeerde hij zijn prototypes tevergeefs terug te kopen. In 1871 diende hij geen volledig patent in, maar een zogenoemde caveat: een voorlopige kennisgeving van een uitvinding. De jaarlijkse verlenging kostte tien dollar. Toen hij dit bedrag in 1874 niet meer kon betalen, verviel de bescherming.
Na meerdere pogingen om het benodigde geld in de jaren erna bij elkaar te krijgen, werd zijn nachtmerrie uiteindelijk toch waarheid. In 1876 vroeg Bell patent aan op de telefoon. Meucci kwam daarachter en liet een advocaat protest indienen. De daaropvolgende rechtszaken sleepten zich voort, maar werden nooit definitief afgerond. Meucci overleed in 1889.
Bell wint de race
Alexander Graham Bell ging er met de roem vandoor. Hij richtte de telefoonmaatschappij Bell op, die uitgroeide tot de American Telephone and Telegraph Company (AT&T). Waarschijnlijk hebben we aan zijn naam het werkwoord ‘bellen’ te danken.
Pas op 11 juni 2002 erkende het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden in een resolutie de belangrijke bijdrage van Meucci aan de ontwikkeling van de telefoon. Het betrof een symbolische erkenning; Bells patent en status bleven onaangetast.
Het had niet veel gescheeld of we hadden een ander werkwoord voor bellen gebruikt. In dit verhaal speelt namelijk nog een vierde persoon. De Amerikaanse elektrotechnisch ingenieur en uitvinder Elisha Gray is óók bekend vanwege de ontwikkeling van een telefoonprototype in 1876. Hij vroeg zelfs patent aan op dezelfde dag als Bell. De benodigde betaling kwam echter later binnen bij het Patent Office, waardoor Bell het patent ontving.
Van kiesschijf tot smartphone
Na de doorbraak maakte de telefoon sinds eind negentiende eeuw een snelle opmars door. Aanvankelijk moesten gesprekken via een telefooncentrale handmatig worden doorverbonden. Ook kon de eerste telefoon alleen verbonden worden met één andere telefoon.
Leestip: De aanleg van het ‘achtste wereldwonder’: de eerste trans-Atlantische telegraafkabel
Daar kwam al snel verandering in. De afstanden tussen telefoons werden steeds groter en ook de vorm veranderde constant. De kiesschijf werd al aan het eind van de negentiende eeuw geïntroduceerd en raakte vooral in de jaren 1910 en 1920 wijdverbreid. Dit was het begin van de telefoon die wij nu als huistelefoon kennen.
In 1973 vond het eerste mobiele telefoongesprek plaats, een nieuwe revolutie in de geschiedenis van de telefoon. En tegenwoordig maakt bijna iedereen gebruik van een smartphone. Niet alleen om te bellen, maar onder andere ook om de weg te vinden, films te streamen en muziek te luisteren. We kunnen alleen gissen wat de telefoon ons nog allemaal in de toekomst zal brengen.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!












