Toen het Nederlandse vrachtschip Zaandam op 2 november 1942 door een Duitse torpedo werd getroffen, leek het lot van de opvarenden bezegeld. Enkele passagiers wisten zichzelf te redden door op een reddingsvlot te klimmen, maar de overlevenden waren nog altijd honderden kilometers van de dichtstbijzijnde kust verwijderd. De 83 dagen die ze op het kleine vlot wisten te overleven, gelden als een van de opmerkelijkste maritieme overlevingsverhalen van de Tweede Wereldoorlog.

Een Nederlands schip in oorlogstijd

Het Nederlandse vrachtschip de MV Zaandam werd in 1938 voor het eerst in gebruik genomen. Het schip was bijna 147 meter lang en behoorde tot een nieuwe generatie moderne motorschepen van de Holland-Amerika Lijn.

Aan boord was plaats voor maar liefst 160 passagiers, maar de Zaandam was vooral gebouwd voor het vervoer van vracht. Deze rol zou het echter niet lang vervullen; met het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog werd het schip ingezet voor de geallieerde oorlogsinspanningen.

In 1942 werd het ingezet voor een reis van Kaapstad naar New York. Aan boord bevond zich een bijzonder gezelschap: 169 passagiers die bijna allemaal een eerdere schipbreuk als gevolg van torpedoaanvallen hadden overleefd en naar een veilige haven werden vervoerd. Ironisch genoeg zou ook dit schip haar bestemming nooit bereiken.

Twee torpedo’s in elf minuten

Op 2 november 1942, om 18.17 uur, werd de Zaandam getroffen door een torpedo van de Duitse onderzeeër U-174. De explosie die volgde was verwoestend: de motoren en stuurinrichting vielen uit en de machinekamer liep zware schade op.

De bemanning ondernam direct actie en bereidde de reddingsboten voor, met de intentie het schip te verlaten. Kapitein Jan Wepster gaf echter opdracht terug te keren; hij geloofde dat de knal afkomstig was van een technisch defect en niet van een vijandelijke aanval. De bemanning gehoorzaamde, maar ruim tien minuten later volgde een tweede torpedo.

Deze explosie bleek fataal: de Zaandam zonk met de boeg voorop in de Atlantische Oceaan. Tijdens de explosie werden twee van de vijf reddingsboten vernietigd. Wat volgde was een chaotische strijd van bemanningsleden en passagiers om vanuit het water aan boord van de overgebleven reddingsboten en reddingsvlotten te klimmen.

Niet iedereen werd snel gered

Een groot deel van de overlevenden werd nog diezelfde week gered. Op 7 november ontdekte de olietanker Gulfstate twee reddingsboten en redde de 106 mensen die zich daarop bevonden. Een derde reddingsboot bereikte drie dagen later de kust van de Braziliaanse staat Maranhão.

Wil je niets missen? Volg National Geographic op Google Discover en voeg toe als voorkeursbron om onze verhalen vaker te zien in je Google-feed!

Maar niet alle overlevenden van de scheepsramp waren erin geslaagd een reddingsboot te bereiken. Een van hen was de Nederlander Cornelis van der Slot. Nadat hij de zinkende Zaandam had verlaten, klom hij aan boord van een leeg reddingsvlot dat hij zag drijven. In de uren daarna volgden nog drie andere mannen zijn voorbeeld, onder wie de Nederlander Nicolaas Hoogendam.

Ook de jonge Amerikaanse marinier Basil Izzi vocht voor zijn leven. Hij hield zich dagenlang drijvende door zich vast te klampen aan stukken wrakhout. Steeds wanneer hij een groter stuk vond, verruilde hij zijn huidige drijfmiddel ervoor. Na twee nachten en een dag op zee zag hij het reddingsvlot met de vier mannen. Hij zwom ernaartoe en werd aan boord getrokken door officier James Maddox.

Jagen op vissen, vogels en zelfs een haai

Het vlot was nauwelijks groter dan twee bij drie meter. Aan boord bevond zich een noodvoorraad waar de mannen dankbaar gebruik van maakten, maar na ruim twee weken waren zowel het voedsel als het drinkwater op.

De mannen waren gedwongen om met creatieve oplossingen hun tocht naar het vaste land te overleven. Het tekort aan regenwater loste ze op door het zeildoek van het vlot om te vormen tot een opvangbak voor regenwater.

Met behulp van een EHBO-kist wisten ze zelfs een speer te maken: ze bevestigden het blad van een schaar aan een metalen staaf en gebruikten die om vis te vangen. Ook zeevogels vormden een belangrijke voedselbron.

Nog opmerkelijker was hun vangst van een haai. Door hun handen en voeten in het water te bungelen lokten ze het roofdier naar het vlot, waarna ze het met een touw in de vorm van een lasso wisten te vangen. Vier mannen moesten de haai vasthouden terwijl een vijfde het dier met een mes doodde.

Niet alle mannen overleven de tocht

De vijf mannen slaagden er ondanks de zware omstandigheden in om wekenlang in leven te blijven. Maar na een lange periode zonder regen, en zonder ook maar één passerend schip te zien, werd hun situatie steeds uitzichtlozer.

Na zestig dagen werd een van de mannen, George Beezley, ernstig ziek. Hij kreeg buikpijn, verloor het zicht in één oog en werd doof aan één oor. Zes dagen later overleed hij. Maddox leidde zijn begrafenis op zee.

Het duurde niet lang voordat ook Maddox, die enkele weken eerder op het vlot zijn dertigste verjaardag had gevierd, zelf ook verzwakte. Na 73 dagen overleed hij. De drie overgebleven mannen zorgden ervoor dat hij een passende begrafenis op zee kreeg, begeleid door de gebeden die Maddox ze tijdens hun beproeving had geleerd.

Redding na 83 dagen

Na 83 dagen op zee werden de mannen eindelijk uit hun benarde situatie gered. Een geallieerd konvooi van koopvaardij- en vrachtschepen naderde het reddingsvlot. Van der Slot was inmiddels zo verzwakt dat hij niet meer op eigen benen kon staan. Izzi en Hoogendam hielden hem overeind zodat hij naar de schepen kon zwaaien.

cornelis van der slot nick hoogendam en basil dominic izzi
US Navy / Nationaal Archief – CC BY-SA 3.0
Cornelis van der Slot wordt aan boord geholpen door bemanningsleden van de USS PC-576, terwijl Nick Hoogendam en Basil Dominic Izzi rechts in de reddingsvlot zitten na hun dagenlange overleving op zee.
drie overlevenden van de mv zaandam worden gevoerd na hun redding
Nationaal Archief / Anefo – CC0 (Public Domain)
De drie overlevenden aan boord van het Amerikaans patrouillevaartuig.

Na hun redding verkeerden de mannen in erbarmelijke toestand. Izzi was afgevallen van 66 naar slechts 39 kilogram. Omdat hun lichamen nauwelijks nog voedsel konden verdragen, kregen ze aanvankelijk alleen ingeblikte perziken te eten.

Na zes weken herstel in een ziekenhuis in Recife (Brazilië) konden de drie mannen uiteindelijk naar de Verenigde Staten worden overgebracht. Hun overlevingstocht behoort tot op de dag van vandaag tot de meest opmerkelijke overlevingsverhalen uit de maritieme geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog.

Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!

Headshot of Jim Pouli
Jim Pouli
Editor

Jim is editor voor National Geographic. Hij studeerde sociale geografie, en specialiseerde zich in duurzaamheid en groene steden. Schrijven is zijn passie; hij ziet in elk verhaal – hoe klein ook – een kans om de wereld beter te begrijpen. In zijn vrije tijd bezoekt hij graag concerten en filmhuizen, of gaat hij hardlopen.