In India dreigt de kameel – en daarmee een oude nomadencultuur – te verdwijnen

De verkoop van kamelenmelk zou een van de oplossingen kunnen zijn waarmee de traditionele levenswijze van de Raika-kamelenhoeders behouden kan worden.

Door Kalpana Sunder
Gepubliceerd 13 aug. 2021 16:35 CEST
02-sunset-camel-ride

In de Thar-woestijn, in het grensgebied van India en Pakistan, tekent het silhouet van een rij kamelen zich af tegen de ondergaande zon.

Foto van Matthieu Paley, Nat Geo Image Collection

CHENNAI, INDIA - Zijn vader en grootvader waren kamelenhoeders, dus werd Bhanwarlal er ook een. “Onze kamelen zijn een uitbreiding van ons gezin,” zegt Bhanwarlal (35), lid van de etnische groep van de Raika, die geloven dat ze van de hindoegod Shiva de opdracht hebben gekregen om voor de kamelen in de noordwestelijke Indiase deelstaat Rajasthan te zorgen.

“Onze kinderen bouwen van jongs af aan een band met de dieren op. Ze leven met ons samen en sterven met ons,” zei hij in een telefonisch interview met National Geographic.

Aan het begin van het droge seizoen beginnen Bhanwarlal (die maar één naam heeft) en zijn medeherders samen met hun kuddes – van schapen, geiten en kamelen, die van rinkelende halsbelletjes en veelkleurige pompons zijn voorzien – aan de grote trek door de Thar-woestijn. Ze doorkruisen het gebied met zijn verspreid groeiende acaciabomen op weg naar de zomergronden van hun vee, zo’n 1500 kilometer verderop. Herders als Bhanwarlal, die een kenmerkende paarse tulband draagt en gekleed gaat in een witte tuniek, leiden dit semi-nomadische leven al eeuwenlang.

Maar het jaarlijkse ritme van hun bestaan dreigt nu te worden doorbroken door een hele reeks tegenslagen, waarvan de voornaamste de achteruitgang van het aantal kamelen is. Volgens de laatste telling, de 20th Livestock Census die in 2019 werd gepubliceerd, is het aantal kamelen in India – nakomelingen van de wilde dromedaris – tussen 2012 en 2019 met 37 procent afgenomen. Dat betekent dat er van de negen soorten in totaal minder dan 200.000 dieren over zijn. Tachtig procent van deze kamelen leven in Rajasthan, waar ze worden gefokt om hun wol en melk of om als last- en ploegdieren te dienen.

Lees ook: Een zandstorm in India met dodelijke afloop

Maar door de recente, snelle ontwikkeling in het westen van India zijn in de regio veel nieuwe wegen aangelegd en worden de gemoedelijke pakdieren – ook wel de ‘schepen van de woestijn’ genoemd – als voornaamste vervoersmiddel voor mensen en goederen steeds vaker door bestel- en vrachtwagens vervangen. Irrigatieprojecten als het Indira Gandhi Canal, het langste van India, hebben tot een sterke toename van de oppervlakte aan akkerland geleid, en in combinatie met de installatie van nieuwe windmolens en zonnecollectoren blijft er voor de kamelen minder graasland over. Kamelen lijken ook steeds minder populair te zijn bij het brede publiek. Zo zijn kamelenfestivals – ooit drukke plekken met een levendige kamelenhandel, volksmuziek en volksdansen, en kraampjes voor de verkoop van snuisterijen en etenswaren – bijna allemaal verdwenen.

De traditie wordt nog verder bedreigd door de ineenstorting van het toerisme als gevolg van de coronavirus-pandemie en een verbod in de deelstaat op de export en verkoop van mannelijke kamelen, met inbegrip van een algeheel verbod op de verkoop van kamelenvlees. (Volgens de Raika druist het eten van kamelenvlees in tegen hun geloof.)

Volgens Ilse Köhler-Rollefson, een Duitse dierenarts die in 1996 een van de oprichtsters van de ngo Lokhit Pashu-Palak Sansthan was, een  groep die zich wijdt aan het behoud van de cultuur en levenswijze van de Raika, werd het verbod ingesteld nadat was gebleken dat Raika-kamelen naar het buitenland werden gesmokkeld, waar de vraag naar kamelenvlees groot is. Maar de wet is omstreden, zegt Köhler-Rollefson, die eveneens National Geographic-onderzoekster is. “Het is niet erg praktisch om een rem te zetten op de verkoop van veedieren die onmiskenbaar uit winstoogmerk worden gehouden,” zegt zij. “De Raika moeten mannetjeskamelen verkopen om rond te komen.”

De kamelen in India zijn nakomelingen van de wilde dromedaris.

Foto van Matthieu Paley, Nat Geo Image Collection

In het licht van deze problemen heeft Bhanwarlal, wiens gezin in het dorpje Malari woont, besloten om zijn kinderen naar school te sturen en ze aan te moedigen een ander beroep dan kamelenhoeder te kiezen.

“Het enige waarmee we het hoofd boven water houden, is de verkoop van kamelenmelk. Als de regering ons niet een vorm van subsidie geeft, melkveehouderijen voor kamelen helpt opzetten en ons toestemming geeft om mannelijke kamelen te verkopen, zijn we ten dode opgeschreven,” zegt hij.

Niemand van de afdeling veehouderij van de deelstaat Rajasthan wilde reageren op verzoeken om commentaar van de kant van National Geographic.

Een nieuwe superdrank?

Kamelenmelk is een rage in India en wordt door voedingsdeskundigen als een nieuwe superdrank aangeprezen, zegt Dharini Krishnan, een diëtiste in Chennai. De melk heeft een laag suikergehalte, is rijk aan vitaminen en mineralen, waaronder vitamine-C en kalium, en is een goed alternatief voor mensen met lactose-intolerantie, zegt zij. (Bekijk ‘s werelds omvangrijkste collectie dierenmelk.)

Onderzoekers hebben de mogelijk geneeskrachtige werking van kamelenmelk geanalyseerd, hoewel dat soort studies tot nu toe te beperkt zijn geweest om definitieve conclusies te trekken. Zo bleek uit een onderzoek naar patiënten met diabetes mellitus type 1 in Bikaner, Rajasthan, dat kamelenmelk de behoefte aan insuline kan verlagen.

Maar om de verkoop van kamelenmelk tot een belangrijke bron van inkomsten voor de kamelenhoeders te verheffen, moeten er de nodige obstakels overwonnen worden. Om kamelenmelk naar de afzetmarkt in de steden te vervoeren, moet het worden gepasteuriseerd en gekoeld. En dat is een kostbaar proces, zegt Sumanth Vyas, wetenschappelijk hoofd van het ICAR-National Research Centre on Camel in Bikaner.

“Kamelen zijn nooit gefokt om hun melk, en de commerciële verkoop van kamelenmelk is vanwege de logistiek en de enorme afstand tussen vraag en aanbod een zeer lastige onderneming,” zegt hij.

Dit soort problemen heeft Köhler-Rollefson ertoe aangezet om in 2010 in de buurt van Jaisalmer de Kumbhalgarh Camel Dairy op te zetten, een kamelenmelkfabriek die door Raika wordt gerund en waar zo’n vijfhonderd liter melk van verschillende kamelenhoeders wordt verwerkt. De vrouwtjeskamelen worden door de herders staand met de hand gemolken, terwijl de kalveren aan de andere kant worden gezoogd. Op de boerderij wordt de melk bevroren, in ijs verpakt en op diverse markten in de steden verkocht. (Lees meer over Köhler-Rollefsons werk om de productie van kamelenmelk te bevorderen.)

Lees ook: India zet grootscheeps in op schone energie, duurzame verlichting en schone auto’s

In 2016 behoorde Shrey Kumar tot de oprichters van Aadvik Foods, een startup in Delhi die zijn kamelenmelk betrekt van Raika-hoeders in Rajasthan. Als eerste bedrijf in India begon Aadvik gevriesdroogde kamelenmelk onder de eigen merknaam en ook melkpoeder van kamelenmelk online te verkopen. “We wilden de melk beschikbaar maken voor mensen uit alle economische lagen, vandaar dat we ook melkpoeder zijn gaan maken,” zegt Kumar. “Kamelenmelk is nog een nichemarkt, maar wel een groeiende markt.”

Bekijk de fotogalerij: India: ode aan een kleurrijk land

Steun aan kamelenhoeders

Boerderijen voor kamelenmelk zijn ook in naburige deelstaten winstgevend gebleken, zoals in Gujarat, waar de kamelenhoeders uit de regio Kutch samenwerken met Amul, een coöperatie die haar kamelenmelk in 2019 voor het eerst op de markt bracht. Afgezien van de kamelenmelk zelf, dat gevriesdroogd een half jaar lang bewaard kan worden, verkoopt Amul ook melkpoeder, ijs en chocola van kamelenmelk. 

Om aan de groeiende vraag te voldoen worden elke dag bijna tweeduizend kamelen door 60 tot 70 herders gemolken. Volgens RS Sodhi, directeur van Amul, wordt de waarde van het bedrijf inmiddels geschat op 40 tot 50 miljoen roepies (tussen de 460.000 en 575.000 euro).

Volgens Ramesh Bhatti of de Sahjeevan Trust, een ngo die zich wijdt aan de bescherming van de kamelen in Gujarat, lijken waarnemingen erop te wijzen dat het aantal kamelen in de deelstaat dankzij de toegenomen interesse in kamelenmelk weer toeneemt, hoewel er nog geen nieuwe telling heeft plaatsgevonden. “Er is zeker een grote vraag naar kamelenmelk – momenteel groter dan waaraan we kunnen voldoen,” zegt Bhatti. (Lees meer over de uiteenlopende manieren waarop mensen melk consumeren.)

Vyas wijst erop dat het ontwikkelen van een markt voor kamelenmelk niet de enige oplossing is waarmee de Raika ondersteund kunnen worden.

Omdat door het verbod in 2015 de belangrijkste bron van inkomsten voor de Raika werd afgesneden, hebben de kamelenhoeders een betere toegang tot graasland voor hun kamelen en steun van de overheid nodig, bijvoorbeeld door het gebruik van kamelen als lastdieren te stimuleren, een duurzame toerismesector met kamelenritjes op te bouwen of overheidsboerderijen voor kamelenmelk op te zetten.

“Voor de aanschaf van allerhande voertuigen lenen we geld van de bank,” zegt hij, “maar voor kamelenhoeders die hun goederen met hun kamelen transporteren, is er amper financiële steun,” zegt hij.

Bhanwarlal vertelt dat de kamelenhoederij geheel is verstrengeld met de cultuur van de Raika.

“Dit is wat onze voorvaderen deden en ik hoop dat we dit kunnen blijven doen,” zegt hij. “Het is een heilige roeping die niet zomaar mag verdwijnen.”

Dit artikel werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op NationalGeographic.com

Waarom kamelen cactussen kunnen eten
Ja, deze kamelen smullen van cactussen. Baby en Nessie, eigenlijk dromedarissen, trekken zich niks aan van de stekels.
Lees meer

Ontdek Nat Geo

  • Dieren
  • Milieu
  • Geschiedenis en Cultuur
  • Wetenschap
  • Reizen
  • Fotografie
  • Ruimte
  • Video

Over ons

Abonnement

  • Abonneren
  • Schrijf je in
  • Shop
  • Disney+

Volg ons

  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacyverklaring
  • Cookiebeleid
Copyright © 1996-2015 National Geographic Society. Copyright © 2015-2017 National Geographic Partners, LLC. Alle rechten voorbehouden.