In 2011 werd in het noordoosten van Siberië een uitzonderlijke vondst gedaan: een gemummificeerde wolvenpup die meer dan 14.000 jaar in de permafrost had gelegen. Bij de autopsie bleek zijn maag nog voedsel te bevatten. Tussen de resten zaten stukjes grijs vlees met goudkleurige haren. DNA-onderzoek leverde een verrassende conclusie op: de pup had kort voor zijn dood een wolharige neushoorn gegeten. De ontdekking bood wetenschappers een unieke kans. Voor het eerst konden zij genetisch materiaal analyseren van een ijstijddier dat bewaard was gebleven in het spijsverteringskanaal van een ander dier.
Volledig genoom uit een maaginhoud
Het onderzoek hiernaar is gepubliceerd in Genome Biology and Evolution. ‘Het weefsel was zo intact, dat het leek alsof de wolf het vlak voor zijn dood had ingeslikt,’ vertelt Camilo Chacón-Duque, een evolutionair geneticus die verbonden is aan de Universiteit van Uppsala in Zweden.
Op basis van de resten konden Chacón-Duque en zijn collega’s het volledige genoom van de neushoorn in kaart brengen. Dat is nog nooit eerder gelukt bij een dier uit de ijstijd dat zich in de maag van een ander dier bevond.
Omdat de neushoorn amper verteerd was, hoopten Chacón-Duque en zijn collega’s dat ze er genetische inzichten mee konden verkrijgen in het uitsterven van de soort. Maar het DNA was slecht bewaard gebleven. ‘We wisten dat het moeilijk zou worden om een compleet genoom bij elkaar te brengen, maar het monster was te bijzonder om het niet te proberen,’ vertelt Sólveig Guðjónsdóttir, student aan de Universiteit van Stockholm en coauteur van de studie.
Leestip: Waarom stierf de sabeltandtijger uit?
De onderzoekers vergeleken de genetische sequentie van het weefsel met het genoom van de Sumatraanse neushoorn, de nauwste nog levende verwant van de wolharige neushoorn. Ze analyseerden ook het DNA van een grijze wolf. Dat bevestigde dat de genetische sporen in het weefsel voornamelijk van de neushoorn afkomstig waren, en niet van de wolvenpup die hem op had gegeten, aldus Guðjónsdóttir.
Een stabiele populatie, tot vlak voor het einde
Dankzij dit genoom weten we nu meer over hoe de populatie ervoor stond, vlak voor het einde van de laatste ijstijd. De bevindingen wijzen erop dat de populatie wolharige neushoorns in Siberië stabiel was voordat de dieren een paar honderd jaar later plotseling uitstierven. Dit ondersteunt de theorie dat de populatie 14.000 jaar geleden snel ineenstortte door het veranderende klimaat.
Leestip: Zo ziet het dagelijks leven eruit in Jakoetsk, de koudste stad ter wereld
In Siberië hebben deze gigantische grazers het langst doorgeleefd. De neushoorn die in de maag van de pup eindigde, is een van de recentste individuen in het fossielenarchief. Waarschijnlijk behoorde hij tot een van de laatste generaties die ooit over de aarde struinde.
Laura Epp, geneticus aan de Universität Konstanz in Duitsland en niet betrokken bij de studie, zegt het niet verrassend te vinden dat het spijsverteringskanaal een ‘goed archief’ is voor paleogenetica. In 2023 kon zij al genen van de wolharige neushoorn terugvinden in de versteende uitwerpselen van holenhyena’s.
Klimaat, mens of een combinatie?
Om de genen van de wolharige neushoorn in de juiste context te plaatsen, vergeleek het team dit exemplaar met de genomen van twee oudere neushoornexemplaren die 49.000 tot 18.000 jaar geleden in Siberië leefden.
De genomen onthulden dat de populaties stabiel waren en weinig tekenen van inteelt vertoonden in de duizenden jaren voorafgaand aan hun uitsterving. Dat was onverwachts, meent Chacón-Duque, want de populaties van veel soorten krimpen voordat ze uitsterven, waardoor de genetische diversiteit afneemt.
De timing van hun verdwijning valt samen met een periode van enorme opwarming, die een einde maakte aan de laatste ijstijd. Toch is dat niet de enige uitstervingsfactor die wordt aangedragen door wetenschappers. Ook de menselijke jacht wordt vaak genoemd.
Wil je niets missen van onze verhalen? Volg National Geographic op Google Discover en zie onze verhalen vaker terug in je Google-feed!
‘Onze soort deed het waarschijnlijk beter tijdens deze warmere periodes aan het einde van de laatste ijstijd,’ vertelt Advait Jukar, een paleontoloog bij het Museum of Natural History in Florida, die niet betrokken was bij de studie.
Hij verwijst naar onderzoek uit 2024, en zegt dat onze voorouders waarschijnlijk ‘deze neushoorns naar sub-optimale leefomgevingen dreven, waardoor ze gevoeliger werden voor klimaatverandering en de menselijke jacht.’
Aanwijzingen in de permafrost
Chacón-Duque en zijn collega’s onderzochten in 2024 de genen van een andere titaan uit de ijstijd: de laatste wolharige mammoeten op Wrangel Island. De geïsoleerde populatie had te kampen met inteelt, maar hield het toch 6000 jaar vol, voordat hij abrupt uitstierf door een toendrabrand of ziekte-uitbraak.
Leestip: Deze 5 prehistorische dieren hebben samengeleefd met de moderne mens
‘Iets soortgelijks kan gebeurd zijn met de wolharige neushoorns,’ zegt Chacón Duque. ‘De neushoorns lijken stabiel te zijn, plotseling gebeurt er iets, en dan verdwijnen ze.’
Toekomstige genetische aanwijzingen in de dooiende Siberische permafrost geven misschien meer prijs over waarom de wolharige neushoorn uitstierf. En zoals de laatste ontdekking laat zien, kunnen we zulke inzichten overal vinden. Zelfs in de maag van een bevroren wolvenpup.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!








