Fotografie

Gerd Ludwigs kijk op de ramp van Tsjernobyl

Door Alexa Keefe
Foto's Van Gerd Ludwig/Institute

26 maart 2016

"In een donkere hal, diep binnenin, stopten we voor een zware metalen deur. De ingenieur gaf aan dat ik maar heel even foto's kon maken. Het duurde een minuut voordat hij de klemmende deur open had. Er schoot een ongekende adrenalinestoot door me heen. De ruimte was aardedonker en werd alleen verlicht door onze hoofdlampjes. Mijn zicht werd belemmerd door kabels. Aan de andere kant van de ruimte kon ik een klok ontwaren. Ik kon maar een paar opnamen maken en wilde wachten tot mijn flitser weer was opgeladen, maar hij trok me alweer naar buiten. Ik bekeek mijn foto's. Onscherp! Ik smeekte hem om nog één keer naar binnen te mogen. Hij gaf me nog een paar seconden om de klok te fotograferen. Die stond nog steeds op 13:23:58, het moment op 26 april 1986 waarop de tijd in het gebouw van energieblok 4 voorgoed stil bleef staan.” — Gerd Ludwig over het fotograferen in reactor 4, waar een explosie een catastrofale nucleaire kernsmelting veroorzaakte. Ludwig beschrijft het als een van de uitdagendste situaties die hij ooit heeft gefotografeerd.

Toen een tsunami in Japan in maart 2011 rampzalige schade aan de kerncentrale in Fukushima veroorzaakte, werd het agentschap van de Duitse fotograaf Gerd Ludwig door beeldredacteurs van Time benaderd om de situatie in beeld te brengen. Ludwig zat - onbereikbaar - in een hotel zonder internettoegang op de locatie waar zich 25 jaar eerder een andere ramp voltrok: in Tsjernobyl.

Ludwig fotografeert Tsjernobyl al vanaf 1993 en is sindsdien drie keer in het gebied geweest - in 2005, 2011 en 2013. Hij wist daardoor dieper in de reactor binnen te dringen dan welke Westerse fotograaf dan ook.

"Van alle milieurampen in de geschiedenis van de mensheid die door mensen zelf zijn veroorzaakt, wordt Tsjernobyl beschouwd als de ramp met de langstdurende impact. Het zicht op de volledige omvang van de vernietiging in de reactor en de grote gevolgen voor de gezondheid - niet alleen in Oekraïne, maar ook in het aangrenzende Wit-Rusland - maakte me duidelijk waarom ik Tsjernobyl regelmatig moet bezoeken”, vertelt hij.

Ludwig werkt op dit moment aan een fotoboek, 'Long Shadow of Chernobyl', waarin hij zijn 20-jarige relatie vastlegt met wat de bekende wetenschapper Alexei Okeanov beschrijft als ‘een vuur dat in ons leven niet kan worden geblust’. Onlangs liet Ludwig zich in zijn hart kijken door Proof:

Alexa Keefe: Wat is de belangrijkste reden om dit verhaal te vertellen?

Gerd Ludwig: Deze beelden herinneren ons eraan dat ongevallen zoals Tsjernobyl tot de mogelijkheden van kernmachten behoren - waar dan ook en wanneer dan ook. Ik wil dat mijn project een document vormt van deze ramp die door de mens is veroorzaakt - als herinnering aan de talloze slachtoffers van Tsjernobyl en als waarschuwing aan toekomstige generaties voor de dodelijke gevolgen van menselijke overmoed.

Alexa: Waren er momenten waarop je je in gevaar voelde?

Gerd: Wanneer je je lichaam blootstelt aan straling in de reactor is dat slechts een kant van het gevaar. Het andere risico is afkomstig van radioactieve stofspikkels die gemakkelijk op zachte materialen kunnen achterblijven. Wanneer ze worden ingeademd, kunnen ze in je lichaam blijven en kanker veroorzaken.

Iedere keer wanneer ik in de reactor ben geweest, onderga ik een zorgvuldig schoonmaakproces: ik laat de beschermingsmiddelen achter, neem een lange, hete douche en trek schone kleren aan. Toen ik na mijn laatste bezoek, diep in de reactor, aan een veiligheidsspecialist vroeg om mijn uitrusting te controleren, kon ik aan haar gezicht zien dat ze dacht dat ik paranoïde was. Ze controleerde mijn uitrusting met tegenzin, maar de uitdrukking op haar gezicht veranderde helemaal en ze bleef maar herhalen: "Oh my god! Oh my god! Je moet je camera's schoonmaken. Je moet ze afwassen.”

De riemen van de camera's bleken vervuild te zijn. Ik heb mijn camera's die avond net zolang schoongemaakt tot mijn Geigerteller aangaf dat ze weer in orde waren. En ik heb nieuwe riemen voor de camera's gekocht.

Alexa: Je wijdt een hoofdstuk in je boek aan de menselijke slachtoffers, met name kinderen die werden geboren in de jaren na de ramp. Hoe ervaar je het om hen te fotograferen?

Gerd: Een groot deel van de nucleaire straling dreef richting Homel in Wit-Rusland. In 2005 wilde ik in opdracht van National Geographic de kinderen in een weeshuis fotograferen. In een van de weeshuizen fotografeerde ik Igor. Hij was 5 jaar. De jongen was fysiek en mentaal ernstig gehandicapt en verstoten door zijn ouders. Hij woonde nu in een huis waarin men zich inzet voor verstoten verweesde kinderen met een beperking. Hij trok mijn aandacht omdat hij het grootste deel van de tijd bewegingloos tegen een muur zat. Vanwege zijn slechte ogen en oren kon hij zelfs niet meedoen aan de kleinste interacties met de andere kinderen om hem heen. Af en toe draaiden zijn ogen in de richting van de andere kinderen in de ruimte, maar toen ze hem probeerden te knuffelen begon hij te huilen. Toen ik hem op de foto had gezet, kneep ik even in zijn hand. Van de glimlach die hij toen liet zien, kreeg ik bijna tranen in mijn ogen.

Alexa: Een andere groep die je hebt gefotografeerd bestaat uit mensen die zijn teruggekeerd naar de verboden zone en daar weer wonen. Je hebt ze beschreven als mensen die liever sterven op vervuilde bodem dan met een gebroken hart in een naamloze voorstad. Hoe reageerden ze toen jij kwam om hun verhaal in beeld te brengen?

Gerd: Journalisten hebben geen vrije toegang tot de zone. We moeten werken onder begeleiding van een gids die in dienst van de overheid werkt, maar we moeten diegene wel betalen voor zijn tijd. Er wonen nu maar een paar honderd repatrianten in de zone, dus de gids kent de meesten van hen wel. De meeste voertuigen die in de zone rijden, zijn van de overheid. Er is geen openbaar vervoer en de repatrianten hebben geen eigen auto. Daarom zijn veel repatrianten blij als er journalisten komen. Ze vormen een welkome afwisseling in hun verder saaie dagelijkse routine. De gidsen adviseren journalisten om producten mee te nemen, zoals vers brood, kaas en snoep - dingen die de repatrianten missen omdat ze nauwelijks de kans krijgen om hun dorpen te verlaten.

Veel repatrianten zijn erg gastvrij en bieden alles wat ze op hun eigen land kweken en telen aan, van tomaten tot bessen en van stiekem gevangen vis tot alcoholische dranken die ze in het geheim hebben gebrouwen. Soms voel ik me ongemakkelijk als ik voedsel eet dat werd geteeld op vervuild land. Maar als fotograaf moet je altijd balanceren: je wil veilig zijn, maar je hebt ook het vertrouwen en de samenwerking van de bevolking nodig om foto's te kunnen maken.

Alexa: Het landschap van Tsjernobyl verandert. Zie je dit als een verhaal dat je wil blijven vertellen of als een verhaal dat je vastlegt voordat het uit het geheugen glijdt?

Gerd: De reactor mag aan het zicht worden onttrokken door een technisch hoogstaande koepel, de gebouwen in Pripjat zullen instorten, de oudere repatrianten zullen sterven, maar ik ben bang dat het verhaal van Tsjernobyl langer zal duren dan ons leven. Een wetenschapper in Tsjernobyl zei tegen me: "We kunnen in bepaalde gebieden hekken plaatsen met de tekst ‘Dit gebied mag in de komende 24.000 jaar niet door mensen worden bewoond’, maar dat is slechts de halfwaardetijd van plutonium 239”.

Het nieuwe boek vormt een censuur - een pauze - maar zal niet het einde van mijn reportage zijn. Ik ben zelf ook nieuwsgierig wat er hierna komt.

Alexa: Waarom voel je je zo aangetrokken tot dit deel van de wereld?

Gerd: Mijn persoonlijke relatie met Rusland begon toen ik als kind opgroeide in het Duitsland van na de oorlog. Mijn vader was gerekruteerd voor het Duitse 6e leger dat in 1942 de Sovjet-Unie binnenviel en zich door Zuid-Rusland een weg naar Stalingrad vocht, waar de Sovjets de Duitse strijdkrachten decimeerden. Hij had het geluk dat hij tot de laatste soldaten behoorde die werden geëvacueerd.

In de duisternis van onze kleine vluchtelingenkamer - mijn ouders waren na de Tweede Wereldoorlog uit hun woning in Bohemen verdreven - luisterde ik naar de verdrietige, kalmerende stem van mijn vader die beelden opriep van eindeloze winterlandschappen met soldaten die zich een weg door sneeuwstormen baanden en van de burgers die zich voor hen verscholen in stallen en schuren. Pas op oudere leeftijd begon ik de duisternis achter de verhalen te begrijpen: dat de landschappen waren bevlekt met bloed, dat de soldaten stierven en dat de schuilende burgers Russen waren die beefden van angst. Mijn vader vertelde deze verhalen voor het slapengaan om zichzelf te verbergen voor de vreselijke oorlogsherinneringen.

Als jonge tiener maakte ik halverwege de jaren zestig deel uit van de eerste naoorlogse generatie Duitsers. Ik zat vol schuldgevoelens over de daden van mijn vaderen en compenseerde dat door alles te verheerlijken wat Duitsland had geprobeerd te vernietigen. Ik idealiseerde vooral Rusland en het communistische Sovjetsysteem. Ten slotte confronteerde Gorbatsjovs glasnost - zijn oproep tot openheid in alle aspecten van het leven - me met de maatschappelijke en politieke realiteit van een land dat zeven decennia gebukt was gegaan onder een totalitair regime.

Alexa: Wil je verder nog iets met ons delen?

Gerd: Als betrokken fotografen maken we vaak melding van menselijke tragedies te midden van rampen en nemen we onze camera's mee naar niet in kaart gebrachte zones. Daarbij weten we dat onze ontdekkingstochten niet zonder persoonlijk gevaar zijn. We doen dit vanuit een diepe toewijding om belangrijke verhalen te laten horen namens slachtoffers die anders geen stem zouden hebben. Toen ik deze geschiedenis in beeld bracht, ontmoette ik veel zorgzame en moedige mensen die me toestonden om hun lijden te laten zien in de hoop dat tragedies zoals Tsjernobyl in de toekomst worden voorkomen.

Ludwig bracht zijn eerste reportage over deze geschiedenis uit in 2011 in combinatie met de iPad-app 'The Long Shadow of Chernobyl'. Op dit moment werkt hij aan een fotoboek met dezelfde titel. De terugblik is mogelijk gemaakt dankzij een campagne via Kickstarter.