‘Ga weg kou, die botten breekt en de schedel verbrijzelt zodat ziekte de hoofden van de volgers van Ra kan bevangen. Aanschouw, ik heb het medicijn tegen je gebruikt ... melk van een vrouw die geboorte gaf aan een zoon, en geurige gom.’ Dit fragment uit de Ebers-papyrus (1600 v.C.) beschrijft hoe men een verkoudheid kon bestrijden. Hoe keken de oude Egyptenaren naar ziekte, medicijnen en behandelingen?

Ziekten en kwalen in het oude Egypte

De oude Egyptenaren hadden best wat kwalen onder de leden. Zo blijkt uit een onderzoek naar de mummies van 133 jongvolwassenen dat dertig procent van hen aan ondervoeding had geleden. Daartegenover staan de mummies van farao’s als Ramses III en Amenhotep III, die aantonen dat beide heren tekenen van obesitas vertoonden.

Wil je niets missen? Volg National Geographic op Google Discover en voeg toe als voorkeursbron om onze verhalen vaker te zien in je Google-feed!

Uit medische papyrussen blijkt verder dat tuberculose en artritis veelvoorkomende aandoeningen waren. Verder zijn er in mummies sporen gevonden van onder andere lepra, galstenen, levercirrose, pokken en huidkanker.

De natuurlijke omstandigheden van het oude Egypte eisten ook hun tol: het woestijnzand kwam in voedsel en longen terecht, waardoor de Egyptenaren op grote schaal aan gebitslijtage en stoflong leden. Door bacteriën en wormen in de Nijl kon men maaginfecties en oogziekten ontwikkelen.

De Griekse schrijver Diodorus beschreef dat de Egyptenaren ook kennis over psychologie hadden. Zo was er een ‘genezingsplaats voor de ziel’ waar een patiënt met een ‘moedeloosheid’, die doet denken aan wat we tegenwoordig als een depressie omschrijven, geadviseerd werd om zijn zorgen in een brief aan zijn overleden dierbaren te beschrijven.

Medische kennis in eeuwenoude papyrusrollen

De oude Egyptenaren waren hun tijdgenoten op medisch gebied ver vooruit. Ze konden botten zetten, operaties uitvoeren en medicijnen maken. Ze waren ervaren in tandheelkunde, urologie en de gynaecologie.

Ze begrepen de werking van het hart, de spieren, de luchtwegen, het zicht, het gehoor en de verschillende ingewanden. Ook (her)kenden ze urineverlies, hartfalen, een aneurysma, diabetes en kanker. Laatstgenoemde konden ze zelfs opereren.

De meeste kennis over de Egyptische geneeskunde stamt uit veertig medische papyrusrollen. Deze beschrijven uitgebreid hoe de Egyptenaren naar ziekte, diagnoses en genezing keken. Laatstgenoemde bestond uit een mix van verschillende kruidenmengsels, operaties en magische bezweringen.

Zo beschrijft de twintig meter lange Ebers-papyrus (1550 v.C.) behandelingen voor onder andere kiespijn, oorklachten, verkoudheid, brandwonden, maag- en leverklachten, hoest, jeuk, spierpijn en aandoeningen aan tong, aderen, huid en hoofd.

Algemene medische kennis die vijfduizend jaar teruggaat

De Edwin Smith-Papyrus is het oudst bekende medische document ter wereld. Het werd in 1862 ontdekt in Luxor en stamt uit de zestiende eeuw v.C. De tekst is echter een kopie van een oudere tekst, die teruggaat tot 3000 v.C.

De papyrus beschrijft 48 medische casussen van hoofd-, nek- en borstletsel, die vrijwel allemaal een traumatische oorsprong hebben. De papyrus beschrijft hoe wonden gehecht moeten worden, dat honing ontstekingen bestrijdt en hoe rauw vlees bloedingen kan stelpen.

het edwin smith papyrus dateert uit 1600 v.c. en beschrijft 48 gevallen van hoofd , nek en borstletsel.
Pictures from History//Getty Images
De Edwin Smith-papyrus dateert uit 1600 v.C. en beschrijft 48 gevallen van hoofd-, nek- en borstletsel.

In de papyrus instrueert de auteur dat een arts het hoofd en de nek van zijn patiënt vast moet zetten, en deze vervolgens moet onderzoeken. Aan de hand van het letsel moet de arts vervolgens bepalen of ‘het een aandoening is die hij kan behandelen, een aandoening is die hij kan proberen te bestrijden of het een aandoening is die hij niet kan behandelen.’ Dit is tegenwoordig algemene kennis, die door de Grieken gebruikt werd en terug te herleiden is tot dit document.

Hoe gingen artsen te werk?

De meeste artsen kwamen uit vooraanstaande families. Zo beschrijft User-Hor-Resinet, de hoofdarts van farao Darius I (522-485 v.C.), zijn zoektocht naar leerling-artsen: ‘Zijne majesteit instrueerde me om de vervallen ‘huizen van leven’ opnieuw op te starten. Ik vulde ze met studenten uit de families van de nobelen...en nam geen zonen van de armen.’

Deze studenten gingen in de leer bij een tempel of zelfstandige leermeester. De meeste Egyptische artsen (snwn of sinw) waren gespecialiseerd in één aandoening of ziekte. Hesire was een ‘tandarts’, Iry een ‘dokter van de ogen en de maag’ en Sekhet-n-Ankh was een ‘neusarts’, die bij farao Sahoere (2500 v.C.) succesvol een ‘ziekte van de nasale passages’ verhielp.

Medische instrumenten

Als instrumenten beschikten artsen over pincetten, scharen en scalpels. Deze waren van lokaal brons of koper gemaakt. Dit bevatte arsenicum en was daardoor extra sterk.

Amputaties en operaties werden met hete messen verricht, waardoor de wond en de bloedvaten meteen dichtgeschroeid werden. Zo lezen we in de beroemde Ebers-papyrus hoe een tumor verwijderd moest worden: ‘Je moet het de snij-behandeling geven. Het mes moet verhit worden in het vuur. Het zal niet veel bloeden.’

deze bronzen en koperen chirurgische messen stammen uit de zesde eeuw voor christus en werden waarschijnlijk gebruikt om de organen van overledenen te verwijderen.
Science & Society Picture Library//Getty Images
Deze bronzen en koperen chirurgische messen stammen uit de zesde eeuw voor Christus en werden waarschijnlijk gebruikt om de organen van overledenen te verwijderen.

Steenpuisten en andere wonden werden met een kompres bedekt. Deze bestonden uit mirte en pap, was, zaagsel of klei. Botbreuken werden gezet met berkenhout en linnen doeken, en vervolgens gedrenkt met gips. Dit bestond uit koemelk, water, gum en gerst of acaciabladeren.

Geneesmiddelen en hun ingrediënten

Artsen maakten hun medicijnen zelf of lieten dit bij een speciale apotheker doen. In de Ebers-Papyrus worden 876 medicijnen genoemd, bestaande uit 328 verschillende ingrediënten, waaronder aluin, veldspaat, rode oker, koolstof, kalksteen, natriumcarbonaat, zout, zwavel, mandragora, spar, aloë vera, granaatappel, henna en tientallen andere bekende én onbekende planten.

Zwavel werd gebruikt tegen schurft, malachiet tegen oogontstekingen, granaatappel tegen rondworm, spar tegen infecties, aloë vera tegen verkoudheid, henna tegen haaruitval en ijzeroxide tegen bloedingen.

Ook werden vrijwel alle dierlijke producten in medicijnen verwerkt: bloed, urine, vlees, vet, huid, botten, beenmerg, melk en eieren. Zo werd de ontlasting van leeuwen, ibissen, krokodillen, panters en struisvogels in 55 medicijnen verwerkt.

Gedroogde krokodillenontlasting werd bijvoorbeeld gebruikt als anticonceptie: het werd gemengd met zure melk, honing en zout en vervolgens in de vagina ingebracht.

Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!

Headshot of Jurre van Breugel
Jurre van Breugel
Digital Editor

Jurre is als Digital Editor actief voor alle digitale kanalen van National Geographic. Door zijn brede interesse en journalistieke achtergrond is hij van alle markten thuis, al gaat zijn hart toch wat sneller kloppen van verhalen over reizen, geschiedenis en natuur. In zijn vrije tijd gaat hij graag met de backpack op stap óf ontdekt hij, thuis aan de keukentafel, kerkers en kastelen in Dungeons & Dragons.