Speurders naar buitenaards leven stuiten op mysterieus signaal

Het gaat vrijwel zeker niet om een telegram van aliens, maar de radiogolven uit de omgeving van de ster Proxima Centauri kunnen astronomen wél helpen bij het verfijnen van hun zoektechnieken.

Gepubliceerd 22 dec. 2020 14:05 CET, Geüpdatet 30 dec. 2020 10:10 CET
De Parkes-radiotelescoop in de Australische deelstaat Nieuw-Zuid-Wales wordt beheerd door de Commonwealth Scientific and Industrial Research ...

De Parkes-radiotelescoop in de Australische deelstaat Nieuw-Zuid-Wales wordt beheerd door de Commonwealth Scientific and Industrial Research Organisation (CSIRO). Onlangs nam de telescoop een vreemd radiosignaal waar dat uit de richting van Proxima Centauri kwam, de ster die het dichtst bij onze zon staat.

Foto van A. Cherney, CSIRO

Astronomen die speuren naar tekenen van buitenaards leven, hebben iets vreemds opgemerkt. Een signaal dat tot nu toe niet is geïdentificeerd, komt uit de richting van de ster die het dichtst bij ons zonnestelsel staat: de rode dwerg Proxima Centauri, die zich op een afstand van zo’n 4,2 lichtjaar van de aarde bevindt. De opwinding wordt nog verhoogd door het feit dat er tenminste twee planeten rond deze ster draaien, waarvan er één mogelijk een gematigde en rotsachtige planeet is, zoals de aarde.

Breakthrough Listen, een project waarbij wordt gespeurd naar buitenaardse signalen die afkomstig zijn van de één miljoen dichtstbijzijnde sterren, is al decennialang gaande. Het onderzoeksteam maakte gebruik van het Australische Parkes Observatory om Proxima Centauri te bestuderen toen het een vreemd signaal oppikte, dat de aanduiding ‘BLC-1’ heeft gekregen. De radiogolven werden gevonden in observaties die tussen april en mei 2019 zijn gedaan.

“We verwachten eigenlijk wel dat er af en toe iets vreemds opduikt, maar dit is interessant omdat het onverklaarbaar genoeg is om aan volgende stappen te denken,” zegt Sofia Sheikh, studente aan de Pennsylvania State University en het teamlid van Breakthrough Listen dat leiding geeft aan de analyse van het signaal.

Hoewel Sheikh en anderen het sterke vermoeden hebben dat het signaal een menselijke oorsprong heeft, is BLC-1 tot dusver de meest veelbelovende observatie in het kader van de Breakthrough Listen-speurtocht naar intelligente vormen van buitenaards leven. Het team heeft twee wetenschappelijke artikelen ingediend waarin het signaal wordt beschreven en werkt aan een vervolgstudie, die nog niet af is. (De waarneming werd gelekt naar de krant The Guardian voordat het onderzoek gereed was om gepubliceerd te worden.)

Hoewel onderzoekers het signaal nog altijd analyseren en experts erop wijzen dat het vrijwel zeker afkomstig is van een doodgewone bron hier op aarde, heeft zelfs de kleinste verwijzing naar een mogelijke buitenaardse levensvorm veel mensen doen opveren.

“Er wordt veel gepraat over sensatiezucht bij de speurtocht naar intelligent buitenaards leven,” zegt Andrew Siemion, hoofdonderzoeker van Breakthrough Listen. “De reden dat we deze speurtocht zo spannend vinden en waarom we onze carrières aan dit project wijden, is dezelfde reden waarom het bredere publiek het zo opwindend vindt. Het gaat om aliens! Het is megaspannend!”

Zestig jaar speuren

Wetenschappers speuren de hemel nu al zestig jaar lang af op radiosignalen die een kunstmatige herkomst zouden kunnen hebben. Het begon allemaal met Project Ozma, een zoektocht die in 1960 door mijn vader, Frank Drake, werd ondernomen.

Anders dan de radiogolven die in de kosmos op natuurlijk wijze worden voortgebracht, verwacht men dat het gefluister van buitenaardse wezens erg zal lijken op de radiogolven die de mens gebruikt om onderling te communiceren: signalen met een zeer smalle bandbreedte van radiofrequenties. Dit soort signalen zouden ook een kenmerkende verschuiving moeten vertonen, die erop wijst dat de bron van de radiogolven op de aarde afkomt of zich er juist van verwijdert – een aanwijzing dat die bron een verafgelegen object in de kosmos is, zoals een planeet die in een omloopbaan rond een ster cirkelt.

Proxima Centauri, de ster die zich het dichtst in de buurt van ons zonnestelsel bevindt, is hier te zien in een opname van de ruimtetelescoop Hubble.

Foto van ESA/Hubble & NASA

“Eigenlijk zou zo’n signaal alleen door menselijke technologie geproduceerd kunnen worden,” zegt Sheikh. “Onze Wifi, de zendmasten voor mobiele telefonie, GPS, satellietradio – al deze communicatie lijkt precies op de signalen die we zoeken, waardoor het heel moeilijk is om te zeggen of iets uit de ruimte komt of door menselijke technologie wordt gegenereerd.”

In de loop der decennia hebben astronomen talloze kandidaat-signalen waargenomen. Sommige ervan bleken inderdaad afkomstig te zijn van astronomische objecten die tot dan toe nog onbekend waren, zoals pulsars, de razendsnel roterende overblijfselen van dode sterren die radiosignalen de kosmos in sturen. De eerste FRB’s (‘fast radio bursts’) – extreem korte pulsen van radiogolven die nog steeds enigszins mysterieus zijn – leken aanvankelijk op kunstmatige (intelligente) signalen uit de ruimte. Ook minder energetische uitbarstingen van radiogolven genaamd ‘perytons’ zorgden even voor ophef, totdat wetenschappers de precieze oorsprong ervan vaststelden: een magnetronoven in het kantoor van het Parkes Observatory.

BLC-1 zou afkomstig kunnen zijn van een object dat onverwachte signalen uitzendt, zoals een satelliet die nog niet is geïdentificeerd, een passagiersvliegtuig dat overvliegt, een zender op de grond die in de buurt van het blikveld van de telescoop staat of misschien iets nóg alledaagser, zoals een elektronische storing in een naburig gebouw of een voorbij rijdende auto.

“Al onze zoekexperimenten vinden plaats in een zee van interferenties. Je hebt het over ongelooflijk veel signalen,” zegt Siemion. ”Het komt erop neer dat je het verschil kunt zien tussen een zeer verafgelegen ‘techno-handtekening’ en onze eigen technologie.”

En dan zijn er nog de signalen waarvan astronomen tot nu toe nog niet hebben kunnen vaststellen dat ze van een natuurlijke bron afkomstig zijn, zoals het beroemde ‘WOW!’-signaal, dat in 1977 werd opgepikt door het Ohio State University Radio Observatory, in de volksmond het ‘Big Ear’. Deze uiterst krachtige barrage van radiosignalen deed werkelijk denken aan een signaal van intelligent leven in de kosmos, maar niemand heeft het sindsdien kunnen verifiëren of terugvinden.

Vreemd signaal

In 2015 begon het project Breakthrough Listen aan een speurtocht van tien jaar die wordt gefinancierd door de Silicon Valley-investeerder Yoeri Milner. Tot dusver heeft het team in zijn scans van de hemel niets opmerkelijks gevonden.

In april 2019 richtte het team van Breakthrough Listen de Parkes-telescoop op Proxima Centauri, niet zozeer omdat de astronomen op zoek waren naar aliens, maar omdat ze hoopten meer inzicht te krijgen in kolossale sterrevlammen die geregeld worden uitgebraakt door ‘vlamsterren’ als Proxima Centauri. Terwijl hij de gegevens afgelopen zomer doorspitte, merkte Shane Smith, een student van het Hillsdale College in Michigan die bij Breakthrough Listen werkte, het BLC-1-signaal op, dat ogenschijnlijk afkomstig was van de naburige ster.

Hoewel het signaal heel zwak is, slaagde BLC-1 voor alle tests die het Breakthrough Listen-team gebruikt om de miljoenen door mensenhand veroorzaakte signalen uit de gegevens te filteren: het had een smalle bandbreedte, leek in frequentie te verschuiven en verdween als de telescoop zijn blikveld van Proxima Centauri naar een ander object verplaatste. In de dagen erna werden vier gelijksoortige signalen opgevangen, hoewel sommige daarvan nu worden beschouwd als interferentie van gewone radiogolven.

“Ons algoritme is zeer optimistisch over de mogelijke aard van deze buitenaardse technologie,” zegt Sheikh. “Maar dit is superspannend, omdat we nooit eerder de fase hebben bereikt waarin het algoritme iets vond dat van enige interesse is.”

Mocht BLC-1 tegen alle verwachtingen in toch een telegram van het stersysteem naast onze deur blijken te zijn, dan zou het in de Melkweg statistisch gesproken moeten wemelen van de intelligente beschavingen, zegt Seth Shostak van het SETI Institute. “In dat geval zouden er ruim een half miljard beschavingen in ons eigen sterrenstelsel moeten zijn – nogal veel dus.”

Vervolgstudie

Sinds de waarneming heeft het team Proxima Centauri opnieuw onder de loep genomen – en niets gevonden. Wetenschappers werken nu aan nieuwe observaties waarmee de herkomst van het signaal hopelijk kan worden vastgesteld en ze blijven Proxima Centauri onderzoeken met de Parkes-telescoop.

“Als je hierover ook maar enige wetenschappelijke uitspraak zou willen doen, dan moet je het fenomeen opnieuw kunnen waarnemen en de meting ervan kunnen herhalen,” zegt Sheikh. “Dat is hoe wetenschap werkt.”

Eerder dit jaar vertelde Jill Tarter van het SETI Institute mij dat het creëren van nieuwe tests en het ijverig analyseren van de herkomst van een signaal een vanzelfsprekend onderdeel van de speurtocht naar intelligent buitenaards leven is, waarvan iedereen kan leren en profiteren.

“We zoeken naar iets of iemand daar in de ruimte,” zei Tarter toen. “Als je dan plotseling interferentie ziet en denkt dat het heel misschien datgene is waarnaar we zoeken en dan bedenkt wat we verder moeten doen om het signaal te identificeren en voldoende vertrouwen te hebben in de eventuele uitkomst – dan is dat is een goed leerproces.”

Volgens Siemion heeft het evalueren van BLC-1 het team al veel geleerd over het testen van gegevens. Vervolgobservaties van Proxima Centauri zullen van groot belang zijn voor het verkrijgen van meer inzicht in het gedrag van dit soort sterren en het voltooien van een alomvattende zoektocht naar intelligent buitenaards leven in een naburig stersysteem met bekende planeten, ook al worden deze planeten niet bewoond door technologisch voortgeschreden aliens.

“Uiteindelijk denk ik dat we in staat zullen zijn onszelf ervan te overtuigen dat het bij BLC-1 om interferentie gaat,” zegt Siemion. “Maar het eindresultaat zal zeker zijn dat onze experimenten in de toekomst robuuster zijn.”

Dit artikel werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op NationalGeographic.com

Lees meer