Wie vanuit Bangkok meteen doorreist naar de beroemde eilanden in het zuiden of de bergen in het noorden, mist een deel van Thailand dat mij juist verraste. Op relatief korte afstand van de hoofdstad beland ik tussen spectaculaire grotten, mangrovebossen, koninklijke paleizen en eeuwenoude tempels – vaak zonder de drukte van de bekendste bestemmingen. Deze zeven plekken laten zien waarom het loont om na Bangkok niet meteen verder te reizen.

1. Phraya Nakhon Cave – een koninklijk paviljoen diep in een grot

De eerste tien minuten vraag ik me hardop af waarom ik zo had uitgekeken naar deze stop. Het is klam in Khao Sam Roi Yot National Park en het eerste deel van het pad naar de Phraya Nakhon Cave loopt flink omhoog. Andere bezoekers zijn er nauwelijks, en dus richten alle aanwezige muggen zich massaal op mijn onbedekte kuiten.

En dat terwijl de tocht nog zo aangenaam begon. Vanaf Bang Pu Beach brengt een kleine boottaxi je in vijf à tien minuten naar Laem Sala Beach. In ongeveer een halfuur tot drie kwartier klim je vervolgens door dichtbegroeid bos omhoog, waarna het pad weer afdaalt.

Loop je helemaal door naar beneden, dan sta je eerst tussen de begroeiing in een enorme open ruimte. Sla linksaf en je krijgt waarvoor je komt. In een immense grot staat een klein rood-gouden gebouwtje triomfantelijk in het licht: het Kuha Karuhas-paviljoen, gebouwd in 1890 tijdens de regeerperiode van koning Chulalongkorn, Rama V.

alle aandacht in de phraya nakhon cave is gericht op het ruim honderd jaar oude paviljoen
Bento Fotography//Getty Images
Alle aandacht in de Phraya Nakhon Cave is gericht op het ruim honderd jaar oude paviljoen.

Tip: Neem water en muggenspray mee. Na de afdaling is het restaurant aan Laem Sala Beach een goede plek om bij te komen.

2. Khao Daeng – varen tussen mangroven en kalksteenbergen

Een klein stukje verderop laat hetzelfde nationaal park zich van een heel andere kant zien – en vanaf een ander vervoermiddel. De omgeving van Khao Daeng laat zich het best ontdekken per houten boot, waarmee je in ongeveer drie kwartier het landschap aan je voorbij ziet kabbelen.

Direct langs het water staan mangroven. Daarachter doemen grillige, zilvergrijze kalksteenbergen op, en tussen al het groen prikken af en toe kleine vissershuisjes door. Witte reigers vliegen over het water – of blijven juist stokstijf staan – en langs de oever zorgt een anderhalve meter grote varaanachtige hagedis ervoor dat ik mijn zwembroek voorlopig in mijn tas laat. Andere boten met toeristen zijn er nauwelijks, waar mijn reizigershart alleen maar sneller van gaat kloppen.

de omgeving van khao daeng vanaf het 157 meter hoge uitzichtpunt
Twenty47studio//Getty Images
De omgeving van Khao Daeng vanaf het 157 meter hoge uitzichtpunt, ook te zien op de afbeelding bovenaan. Links zie je de rivier waarover je een boottocht kunt maken, rechts de garnaalkwekerijen waar de regio bekend om is.
de boeddhistische tempel bij de opstapplaats van de houten schepen in khao daeng
Peeradon Warithkorasuth//Getty Images
De boeddhistische tempel bij de opstapplaats van de houten schepen in Khao Daeng.

3. Hua Hin – monniken bij zonsopkomst, streetfood na zonsondergang

Wie in kuststad Hua Hin vroeg uit de veren is, kan zomaar getuige zijn van een bijzonder tafereel. Rond half zeven ’s ochtends verschijnt op het strand voor mijn hotel een jonge monnik in een oranje gewaad.

Hij is bezig aan zijn ronde om voedsel in ontvangst te nemen. Het schenken van voedsel aan monniken is onderdeel van making merit, een boeddhistische traditie die overal in Thailand voorkomt.

Wil je niets missen? Volg National Geographic op Google Discover en voeg National Geographic toe als voorkeursbron om onze verhalen vaker te zien in je Google-feed!

Ik stop rijst en vis in de mand, waarna de monnik een zegening uitspreekt. Verstaan doe ik het niet, de Thaise vertaler overigens ook maar gedeeltelijk. Maar wees gerust, zegt hij: je hoeft de tekst niet te begrijpen om de helende woorden op je in te laten werken.

Een uur of twaalf later is van de serene ochtendsfeer weinig meer te merken. Op Cicada Market klinkt livemuziek en draait alles om eten. Heel veel eten. Bij een loket koop je coupons die je bij de tientallen kraampjes kunt inwisselen voor Thaise gerechten. Met acht à tien euro eet je je hier behoorlijk rond; mijn pittige kippensoep en mango-yoghurtsmoothie blijken slechts het begin.

een monnik is bezig aan zijn ronde op het strand bij hua hin om voedsel op te halen voor de tempel
yupiyan//Getty Images
Een monnik is bezig aan zijn making merit-ronde op het strand van Hua Hin om voedsel op te halen voor de tempel. De boeddhistische monniken leven uitsluitend van giften.

Tip: Wil je zowel de rust van het strand als de gezelligheid van de nightmarkets dichtbij? Let’s Sea Hua Hin Al Fresco Resort is een fantastische uitvalsbasis voor Hua Hin. Cicada Market ligt op vijftien minuten lopen, het strand op vijftien stappen. Ben je uitgewandeld? Dan loop je vanuit je hotelkamer zo het iconische 120 meter lange zwembad in.

4. Uncle Thanom – op zoek naar het zoete goud van Phetchaburi

Uncle Thanom Palm Orchard, in de provincie Phetchaburi, is zonder twijfel de sympathiekste stop in dit rijtje. De oprichter van de palmsuikerplantage, Thanom Phu Ngoen, overleed in 2019. Sindsdien zet zijn zoon Amnat Phungern het werk op het familiebedrijf met trots voort.

Amnat neemt me mee tussen de palmen en laat stap voor stap zien hoeveel moeite er voorafgaat aan een potje palmsuiker. Daarvoor moet eerst de boom in worden geklommen om sap uit de bloemstengels te winnen. Een klus die hij er zo gemakkelijk uit laat zien dat ik het te hoog in mijn bol krijg en vraag of ik ook een poging mag wagen.

Mijn klimcarrière is van korte duur; op gênante hoogte blijf ik steken. Uit medelijden en met een beleefde Thaise glimlach vraagt Amnat me of ik bij hem wil komen werken. Ik weiger vriendelijk; deze goedlachse ondernemer verdient beter personeel.

Verderop verwerkt een oudere vrouw de opbrengst van de palmen tot khanom tan, kleine gelige cakejes gemaakt van palmsuiker, kokosmelk en rijstmeel. Het ambacht past bij een provincie waar eten behoorlijk serieus wordt genomen: Phetchaburi maakt sinds 2021 deel uit van het Creative Cities-netwerk van Unesco als City of Gastronomy.

amnat phungern tussen de palmbomen op zijn palmsuikerplantage
Kevin van Huët
Amnat Phungern tussen de palmbomen op zijn palmsuikerplantage.
amnat phungern in een palmboom
Kevin van Huët
Binnen enkele seconden klimt Amnat Phungern de boom in. Op zijn plantage staan er ongeveer vierhonderd.

5. Phetchaburi – eeuwenoude tempels tussen het dagelijks leven

In de stad Phetchaburi, niet ver van de palmplantage, vind je genoeg tempels om een dag te vullen. Voor wie de religieuze ambities op een wat lager pitje heeft staan, zijn Wat Yai Suwannaram en Wat Phra Mahathat de absolute hoogtepunten tijdens een korte ronde door de stad.

Wat Yai Suwannaram is de rustigste van de twee. Mijn aandacht gaat er vooral naar een klein houten gebouw dat midden in een vijver staat. Dat blijkt een ho trai: een bibliotheek waarin boeddhistische manuscripten werden bewaard. De locatie in het water was niet alleen esthetisch verantwoord. Het hielp de kostbare manuscripten ook buiten bereik van onder meer termieten te houden.

Een paar minuten verderop is Wat Phra Mahathat van een totaal andere orde. De witte torens van de pagode steken bijna verblindend af tegen de felle blauwe hemel. Op het plein ervoor is ondertussen weinig sprake van serene tempelrust. Tussen marktkramen, scooters en bezoekers wordt lokale dans opgevoerd.

de bibliotheek waarin boeddhistische manuscripten werden bewaard, de ho trai, werd bewust op het water gebouwd
mnbb//Getty Images
De bibliotheek waarin boeddhistische manuscripten werden bewaard, de ho trai (links), werd bewust op het water gebouwd. Het hielp de kostbare manuscripten buiten bereik van onder meer termieten te houden. Daarnaast bood het een veilige plek in geval van brand in het houten tempelcomplex.
de witten torens van wat phra mahathat steken fraai af tegen de blauwe hemel
Bubbers13//Getty Images
De witten torens van Wat Phra Mahathat steken fraai af tegen de blauwe hemel.

Tip: Tijd voor lunch? Rabieng Rimnam ligt aan de rivier en serveert uitstekend Thais eten in een sfeervol oud houten pand.

6. Khao Wang – een koninklijk paleis boven de stad

Wie in Phetchaburi regelmatig omhoog kijkt, ziet Khao Wang vanzelf liggen. Het negentiende-eeuwse paleiscomplex staat op een heuvel boven de stad en werd gebouwd voor koning Mongkut, beter bekend als Rama IV.

Voor de klim hoef je dit keer geen wandelschoenen uit de tas te halen. Een kabelbaan brengt je omhoog, waarna paleisgebouwen, tempels en groene tuinen over verschillende heuveltoppen verspreid liggen.

Er wordt veelvuldig gewaarschuwd voor brutale makaken die in en rondom het complex leven, maar er blijken meer waarschuwingsbordjes dan apen. Een groter gevaar komt uiteindelijk uit onverwachte hoek: de tuinpaden. Na regen zijn sommige stenen spekglad.

Wie zonder kleerscheuren de andere kant bereikt, kijkt uit over Phetchaburi en het vlakke landschap daaromheen. Vanaf hier wordt pas goed duidelijk hoe nadrukkelijk Khao Wang boven de rest van de stad uittorent.

een luchtfoto van khao wang, het zomerpaleis van de thaise koning rama iv, met de zonsondergang op de achtergrond
boonchai wedmakawand//Getty Images
Een luchtfoto van Khao Wang, het zomerpaleis van de Thaise koning Rama IV, met de zonsondergang op de achtergrond.

7. Phra Pathom Chedi – een gigantische stoepa tussen markten en gebedsplekken

Op de terugweg naar Bangkok is het lastig om Phra Pathom Chedi ongemerkt voorbij te rijden. De enorme goudoranje stoepa steekt hoog boven Nakhon Pathom uit en lijkt alleen maar groter te worden naarmate je dichter bij het centrum komt.

Van dichtbij wordt de schaal pas echt duidelijk. Naar verluidt is Phra Pathom Chedi de hoogste en grootste stoepa van het land. Rond de enorme ronde chedi lopen galerijen met boeddhistische beelden en gebedsplekken, waar vooral Thaise bezoekers rondlopen.

Phra Pathom Chedi is bepaald geen verborgen parel – daarvoor is hij alleen al een paar maten te groot – maar voelt ook niet als een bezienswaardigheid die volledig om buitenlandse bezoekers draait. Rondom het complex liggen markten en eetkraampjes, terwijl binnen wordt gebeden en geofferd. Na grotten, mangroven, paleizen en een weinig succesvolle sollicitatie als palmklimmer is het een passende laatste stop voordat Bangkok weer in zicht komt.

in de avond is phra pathom chedi, de grootste stoepa van thailand, prachtig verlicht
Photos for You//Getty Images
In de avond is Phra Pathom Chedi, de grootste stoepa van Thailand, prachtig verlicht.

Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!

Headshot of Kevin van Huët
Kevin van Huët
Managing Editor Digital

Kevin is als Managing Editor Digital verantwoordelijk voor de digitale kanalen van National Geographic. In zijn vrije tijd reist hij het liefst naar bestemmingen die de meeste toeristen doorgaans mijden, zoals Transnistrië, Mongolië of Iran. Daarnaast gaat hij graag op pad met zijn camera en probeert hij nieuwe sporten uit.