Op slechts tien kilometer van Dubrovnik stond jarenlang een van de opvallendste oorlogsruïnes van Kroatië: een verlaten vakantieoord met uitgebrande hotels pal aan de Adriatische Zee. Ooit vierden hier welgestelde Tsjechoslowaken vakantie en later verbleven er Joegoslavische militairen, leden van de politieke elite en president Josip Broz Tito. De oorlog maakte van Kupari een spookresort dat fotografen en urbexliefhebbers van over de hele wereld trok. Maar wie er nu komt, ziet iets anders: de beroemde verlaten hotels zijn vrijwel allemaal verdwenen.

Hoe Tsjechische ondernemers Kupari veranderden in een badplaats

Kupari, in het uiterste zuiden van het huidige Kroatië, was aan het begin van de twintigste eeuw vooral bekend om zijn baksteenindustrie. In 1911 kochten de Tsjechische ondernemers Jaroslav Fencl en Jan Máša een groot terrein met een baksteenfabriek en voormalige militaire gebouwen in Kupari en het aangrenzende Srebreno. Hun doel: aan de Adriatische kust een vakantieoord ontwikkelen.

Vijf jaar later richtten ze de Dubrovnikse spa- en hotelvennootschap op. Door de Eerste Wereldoorlog kwam de ontwikkeling aanvankelijk nauwelijks van de grond. Pas na de oorlog, toen Oostenrijk-Hongarije uiteen was gevallen en Kupari onderdeel was geworden van het Koninkrijk van Serven, Kroaten en Slovenen, kreeg het plan vaart. In mei 1921 opende Hotel Strand, ondergebracht in een verbouwd fabrieksgebouw.

old ruined building
Goran Jakus Photography//Getty Images
De koffiezaak in hotel Goricina ligt er tegenwoordig verwaarloosd bij. 
old ruined building
Goran Jakus Photography//Getty Images
Aanblik op de ingang van hotel Goricina. Zowel de binnen- als buitenkant van het hotel zijn tijdens en na de oorlog zwaar beschadigd geraakt. 

In 1923 kwam daar Hotel Grand bij, ontworpen door de Tsjechische architect Jiří Stibral. Het complex bleef daarna groeien. Op zijn hoogtepunt vóór de Tweede Wereldoorlog telde het 333 kamers en twee stranden en was het verreweg het grootste hotelcomplex in de omgeving van Dubrovnik.

Kupari werd in Tsjechoslowakije zelfs aangeprezen als een soort ‘Tsjechoslowaakse zeekust’ aan de Adriatische Zee. De Tsjechoslowaakse staat bezat een derde van de aandelen in de onderneming.

Van Tsjechoslowaakse badplaats tot Joegoslavisch luxeresort

Voor vakantiegangers uit Centraal-Europa lag Kupari bepaald niet om de hoek. De lange reis maakte het resort echter niet minder aantrekkelijk. Voor de Tweede Wereldoorlog groeide het uit tot een belangrijke bestemming voor Tsjechoslowaakse reizigers. Tijdens de oorlog kwam aan die eerste bloeiperiode een einde en raakte het complex beschadigd.

Na de Tweede Wereldoorlog nam het Joegoslavische Volksleger (JNA) het complex over. Kupari kreeg daarmee een nieuwe functie als militair vakantie- en herstelcentrum, al verbleven er ook andere gasten. Er verrezen nieuwe hotels en voorzieningen en voor president Josip Broz Tito werd een afzonderlijke villa gebouwd.

Wil je niets missen? Volg National Geographic op Google Discover en voeg National Geographic toe als voorkeursbron om onze verhalen vaker te zien in je Google-feed!

Vanaf de jaren zestig verrezen enkele van de gebouwen die later het beeld van Kupari zouden bepalen, waaronder het modernistische Hotel Pelegrin. Het complex beschikte over duizenden bedden en voorzieningen als zwembaden, sportvelden en restaurants. Tito zelf ontving er eveneens gasten: in 1971 ontmoette hij in Kupari bijvoorbeeld acteurs Richard Burton en Elizabeth Taylor.

Hoe de oorlog Kupari in een ruïne veranderde

In 1991 kwam abrupt een einde aan die bloeiperiode. Nadat Kroatië zich onafhankelijk had verklaard, brak in de regio Dubrovnik oorlog uit. JNA-eenheden begonnen het complex te plunderen en in het najaar van 1991 en begin 1992 werd Kupari zwaar beschadigd door beschietingen.

zwembad in verlaten hotels in kupari in kroatie
Josie Peperkamp
Voormalig indoorzwembad van hotel Kupari, bij het gelijknamige dorp.

De hotels raakten zo zwaar beschadigd dat het vakantiecomplex na de oorlog niet opnieuw in gebruik werd genomen. De uitgebrande gebouwen bleven achter aan een kust die elders juist steeds populairder werd bij internationale vakantiegangers.

Daarmee ontstond het beeld waarmee Kupari decennialang beroemd zou blijven: pal aan een idyllisch Adriatisch strand stonden de skeletten van voormalige luxehotels. De met kogelgaten bezaaide kamers, lege zwembaden en overwoekerde gangen trokken fotografen en urbexliefhebbers uit binnen- en buitenland.

Wat is er nu nog over van de verlaten hotels?

Wie Kupari vandaag bezoekt, treft niet langer het beroemde verlaten hotelcomplex aan. De herontwikkeling van het terrein is inmiddels begonnen. In 2025 werd toestemming gegeven om de vervallen gebouwen te verwijderen, met uitzondering van het historische Hotel Grand. Inmiddels zijn de overige voormalige hotels gesloopt.

de verlaten hotels van kupari
Pawel Klobukowski//Getty Images
De verlaten hotels in Kupari vormen tegenwoordig een geliefde trekpleister voor toeristen. 
er zijn plannen om de hotels in kupari te slopen. tot op heden is dat niet gebeurd.
Pawel Klobukowski//Getty Images
Er zijn plannen om de hotels in Kupari te slopen. Tot op heden is dat niet gebeurd.

Op het terrein moet een nieuw luxe vakantiecomplex verrijzen. Hotel Grand, het historische hart van Kupari, blijft behouden en wordt gerestaureerd. Ook overblijfselen van de oude baksteenovens worden in het nieuwe ontwerp opgenomen als verwijzing naar de industriële oorsprong van de plek.

Daarmee begint voor Kupari opnieuw een ander hoofdstuk. De badplaats veranderde in ruim een eeuw van industrieterrein in Tsjechoslowaaks vakantieoord, vervolgens in Joegoslavisch militair luxeresort en uiteindelijk in een van de bekendste oorlogsruïnes aan de Adriatische kust. Nu verdwijnen ook die ruïnes uit het landschap. Alleen Hotel Grand moet straks nog tastbaar herinneren aan het Kupari van vóór de oorlog.

Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!

    Headshot of Esmee van Dijk

    Esmee studeerde geschiedenis in Rotterdam en werkt als editor voor National Geographic. Het liefst schrijft ze over reizen, dieren, historische gebeurtenissen en wetenschappelijke nieuws. In haar vrije tijd gaat ze geregeld naar concerten of staat ze op het hockeyveld.