Tropische slangen sterven uit door dodelijke schimmel onder prooidieren

Een gistachtige schimmel houdt wereldwijd huis onder amfibieën. Uit nieuw onderzoek blijkt dat ook de roofdieren die op amfibieën jagen – vooral slangen – daardoor kunnen verdwijnen.maandag 17 februari 2020

In de afgelopen vijftig jaar heeft een dodelijke schimmel van de stam Chytridiomycota overal ter wereld hele populaties kikkers en salamanders weggevaagd. De ‘Bd’-schimmel (Batrachochytrium dendrobatidis) heeft al minstens vijfhonderd soorten geheel of nagenoeg uitgeroeid en is daarmee ’s werelds meest verwoestende ziekteverwekker wat betreft verlies aan biodiversiteit.

En dat is uiteraard ook slecht nieuws voor de roofdieren die zich met deze amfibieën voeden. Wetenschappers weten nog bijna niets over de uitwerking van de besmettelijke schimmel op voedselketens in diverse delen van de wereld.

In een nieuwe studie die vorige week in het tijdschrift Science is verschenen, wordt aangevoerd dat de achteruitgang van het aantal amfibieën ook zijn tol eist onder tropische slangen die op kikkers jagen. Nadat de schimmelziekte begin 2004 had huisgehouden in het Parque Nacional Omar Torrijos Herrera in Panama, nam het aantal, de diversiteit en de algehele gezondheid van de slangensoorten in het gebied sterk af, aldus de studie. Hetzelfde geldt volgens de auteurs waarschijnlijk ook voor andere roofdieren die amfibieën als prooi hebben.

De kans is groot dat meer dan tien en mogelijk meer slangensoorten uit het gebied zijn verdwenen, zegt Elise Zipkin, kwantitatief bioloog aan de Michigan State University en een van de auteurs van de nieuwe studie.

De opvallende achteruitgang van het aantal slangen heeft op zijn beurt gevolgen voor het ecosysteem en duidt op een veel bredere uitwerking op de hele voedselketen. “Dit zal van invloed zijn op vogels en zoogdieren en al het andere,” zegt Julie Ray, assistent-professor aan de University of Nevada in Reno en eveneens medeauteur van de nieuwe studie.

Vandaar dat het onderzoek “zelfs voor mensen die niet van slangen houden van belang is,” zegt zij.

Minder slangen

Hoewel het logisch klinkt dat de afname van het aantal amfibieën gevolgen heeft voor de roofdieren die op deze dieren jagen, moet zoiets wel eerst worden aangetoond. En daarvoor zijn gegevens op langere termijn over een specifiek gebied nodig, gegevens die niet vaak voorhanden zijn, zegt Kelly Zamudio, professor in de ecologie en curator van de herpetologie-afdeling van de Cornell University; Zamudio was niet bij het nieuwe onderzoek betrokken.

Observaties en andere gegevens voor de nieuwe studie werden gedurende een periode van dertien jaar nauwgezet verzameld tijdens veldwerk in de omgeving van het dorp El Copé, dat in het Panamese natuurreservaat ligt. Ongeveer halverwege deze periode werd het park door de Bd-schimmel getroffen.

De gegevens waren op zichzelf niet duidelijk genoeg om aan te geven of de schimmelinfectie indirect schadelijk was voor de slangenpopulatie. Vóór de besmetting telden de onderzoekers 30 verschillende slangensoorten, daarna nog maar 21 – en in veel kleinere aantallen.Van de soorten die vijfmaal of vaker waren geobserveerd, werd ruim de helft daarna veel minder vaak gespot.

Veel van deze soorten zijn zeer zeldzaam: 13 van de 36 slangensoorten die de onderzoekers gedurende hun dertien jaar durende veldwerk in het reservaat observeerden, werden slechts éénmaal gespot. Veel andere soorten werden maar een paar keer waargenomen. Dat roept de vraag op hoe je met zo weinig waarnemingen toch de verspreiding en omvang van populaties kunt inschatten.

Massale sterfte dreigt voor amfibieën door wereldwijde verspreiding schimmel.
Uit de eerste wereldwijde telling van het aantal dieren dat door de schimmel is gedood, blijkt dat minstens 501 kikker- en salamandersoorten door de uitbraak zijn getroffen.

Zipkin gebruikte een wiskundig model om trends in de ontwikkeling van populaties af te leiden uit het aantal waarnemingen.

Uit zijn model kwam naar voren dat veel van de zeldzame slangensoorten plaatselijk waren uitgestorven en dat het gebied als geheel meer dan tien slangensoorten kwijtraakte. Volgens de studie was er sprake van een “opvallende afname (...) en homogenisering van de slangenpopulatie,” zegt Zamudio.

“De slangenbevolking is voorgoed veranderd,” zegt zij, “en veel soorten zijn mogelijk uitgestorven. Voor mij wijst deze studie erop hoe belangrijk het is om dit soort gegevens bij te houden.”

‘Dat was een schok’ 

Medeauteur Ray, die gedurende acht jaar veldwerk deed in hetzelfde nationale park in Panama, was oorspronkelijk niet van plan om de gevolgen van de Bd-schimmel voor het reservaat te onderzoeken. Toen zij in 2005 aan het verzamelen van gegevens begon, was de schimmelinfectie daar nog maar pas uitgebroken.

Als onderdeel van haar doctoraalstudie zou zij slangenpopulaties tellen die bestonden uit soorten waarvan werd gedacht dat ze op slakken jaagden. Tot de twee groepen slangen waar het om ging, behoorde ook de Argus-slakkenzuiger (Sibon argus), een slank dier met een stompe kop en licht uitpuilende ogen.

De slakkenzuiger bleek uiteindelijk helemaal geen slakken uit hun huisjes te zuigen, zoals werd aangenomen, maar jaagde voornamelijk op kikkervisjes – en dat was een probleem. Voordat de schimmelinfectie toesloeg, spotten de onderzoekers, onder wie medeauteur Karen Lips van de University of Maryland, 149 slangen van dit geslacht. Maar nadat het gebied was besmet, werden er driemaal zo weinig waarnemingen gedaan. De slangen die Ray wél aantrof, waren vaak uitgemergeld en ondervoed.

Dit soort slangen eten soms maar éénmaal per jaar, legt zij uit, en slagen erin om lange tijd na het verdwijnen van hun prooidieren te overleven, zij het in een belabberde staat.

Voordat Ray zich op het onderzoeksgebied bij El Copé richtte, werkte zij op twee andere locaties in Panama, waar ze zag hoe de kikkers in dat gebied begonnen uit te sterven. Binnen een halfjaar na de besmetting was de overgrote meerderheid van de kikkers in het gebied dood en stapelden de kadavers zich in de beken en stromen van de streek op.

“Het verschil tussen het aantal kikkers vóór en na de infectie was gewoon schokkend,” zegt zij. Uit eerder onderzoek van Lips en anderen bleek dat de amfibieënpopulatie als geheel door toedoen van de Bd-schimmel met 75 procent was geslonken en dat tenminste dertig soorten waren uitgestorven.

Daarna begonnen ook haar eigenlijke onderzoekobjecten – slangen – de gevolgen van de massale sterfte te ondervinden. Tijdens haar nachtelijke veldwerk telde ze steeds minder slangen.

“Je bent zo druk bezig met het verzamelen van gegevens dat je het niet meteen doorhebt,” zegt zij. Maar uiteindelijk besefte ze dat “het om reële cijfers over reële dieren ging. Dat was een schok.”

De hele voedselketen

Het verlies aan amfibieën zal ook voor andere dieren dan slangen ecologische gevolgen hebben. Lager in de voedselketen is al aangetoond dat de verdwijning van kikkervisjes tot een verhoogde groei van algen in beekjes heeft geleid, waardoor die minder zuurstof bevatten. Ook hoger in de voedselketen zijn de gevolgen merkbaar. “De slangen zijn zó belangrijk voor het milieu dat als je ze weghaalt, het hele netwerk kan instorten,” zegt Ray. “Er zijn waarschijnlijk nog andere roof- en prooidieren die zijn getroffen door de afname van het aantal amfibieën,” zegt ook Jamie Voyles, een biologe van de University of Nevada in Reno die niet bij het nieuwe onderzoek was betrokken.

“Deze studie benadrukt de verwoesting die chytridiomycose (de ziekte die door de Bd-schimmel wordt veroorzaakt) en andere infectieziekten in het algemeen in het netwerk van voedselketens kunnen aanrichten,” zegt zij. “Duidelijk is dat deze nieuwe infectieziekten een veel bredere uitwerking hebben dan we tot nu toe hebben voorzien.”

Gelukkig is er een sprankje hoop, want een kleine subgroep van amfibieën vertoont tekenen van resistentie tegen de schimmel, en sommige populaties beginnen zich langzaam te herstellen. Enkele slangensoorten zijn erin geslaagd over te stappen op andere prooidieren, zoals hagedissen. En slangensoorten die niet op amfibieën jagen, lijken in aantallen toe te nemen, waarschijnlijk door de afgenomen concurrentie.

Onderzoekers beginnen steeds meer inzicht in de gevolgen van de Bd-schimmel te krijgen – en die gevolgen zullen nog lange tijd merkbaar of zelfs onomkeerbaar zijn.

Dit artikel werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op NationalGeographic.com

lees verder

Grootste amfibie ter wereld blijkt unieke soort

Chinese reuzensalamanders blijken uit drie aparte soorten te bestaan. De ontdekking kan bijdragen aan pogingen om deze ernstig met uitsterving bedreigde dieren te redden.

Amfibieën gaan ten onder aan gevaarlijkste schimmel ooit

Uit de eerste wereldwijde telling van het aantal dieren dat door de schimmel is gedood, blijkt dat minstens 501 kikker- en salamandersoorten door de uitbraak zijn getroffen.
Video
1:54

Schimmel verandert vliegen in zombies

Uit een nieuwe studie blijkt wat het gruwelijke lot is van een fruitvlieg die wordt besmet met de schimmel die ook wel de 'insectenvernietiger' wordt genoemd.
Lees meer