Reuzenpanda’s (Ailuropoda melanoleuca) behoren tot de herkenbaarste dieren ter wereld, maar ze in hun natuurlijke gedrag fotograferen is verrassend moeilijk. National Geographic-fotograaf Ami Vitale trok drie jaar lang door Chinese pandacentra om de beren vast te leggen. Soms wachtte ze van zonsopgang tot zonsondergang op één moment – en voor sommige foto’s moest ze zelfs een pandapak aantrekken dat naar urine en uitwerpselen van panda’s rook.
Waarom reuzenpanda’s nog altijd kwetsbaar zijn
Wilde reuzenpanda’s leven grotendeels solitair in de bergbossen van China. Ze komen slechts kort bij elkaar om te paren. Het grootste deel van hun dieet bestaat uit bamboe, waardoor de dieren sterk afhankelijk zijn van uitgestrekte, aaneengesloten bamboebossen.
Juist die afhankelijkheid maakte habitatverlies en versnippering lange tijd een grote bedreiging. Inmiddels hebben decennia van natuurbeheer resultaat opgeleverd. Volgens de recentste cijfers van de Chinese autoriteiten leven er ongeveer 1900 reuzenpanda’s in het wild, tegenover circa 1100 in de jaren tachtig. De internationale status van de reuzenpanda werd in 2016 dan ook aangepast van ‘bedreigd’ naar ‘kwetsbaar’.
Een belangrijke stap volgde in 2021 met de oprichting van het Giant Panda National Park. Het beschermde gebied beslaat ruim 22.000 vierkante kilometer in de provincies Sichuan, Shaanxi en Gansu. Naar schatting leeft ongeveer 72 procent van alle wilde reuzenpanda’s binnen de grenzen van het park.
Dat herstel betekent niet dat de soort buiten gevaar is. Vooral kleine, geïsoleerde populaties blijven kwetsbaar en verbindingen tussen leefgebieden zijn belangrijk voor de genetische diversiteit en toekomst van de soort.
Drie jaar wachten op de juiste foto
Drie jaar lang bezocht Vitale verschillende pandacentra van het China Conservation and Research Center for the Giant Panda, waaronder Wolong en Bifengxia. ‘In dierentuinen lijken panda’s vermakelijke en sociale dieren. Maar eigenlijk zijn reuzenpanda’s heel ongrijpbaar,’ vertelt Vitale.
In Wolong leefden de dieren in grote, omheinde gebieden met dicht bamboebos. Daardoor kon Vitale urenlang wachten voordat tussen de planten of hoog in een boom überhaupt een panda verscheen.
Voor geselecteerde jonge panda’s die worden voorbereid op een mogelijke terugkeer naar het wild is menselijk contact zoveel mogelijk beperkt. De dieren moeten mensen juist leren vermijden en zelfstandig voedsel en beschutting kunnen vinden. Dat maakte Vitales werk bijzonder ingewikkeld.
Waarom Vitale zich als panda moest vermommen
Om panda’s die voor een mogelijk leven in het wild werden voorbereid te fotograferen zonder ze aan mensen te laten wennen, droeg Vitale een opmerkelijke vermomming: een volledig pandapak.
Alleen het uiterlijk was niet genoeg. Het pak werd doordrenkt met de geur van panda-urine en -uitwerpselen om menselijke geuren zo veel mogelijk te maskeren. Daarna begon het wachten – soms van zonsopgang tot zonsondergang.
De vermomming was onderdeel van een bredere aanpak in Wolong. Ook verzorgers droegen zulke pakken wanneer ze in de buurt kwamen van jonge dieren die voor herintroductie werden getraind. Niet iedere panda die in een centrum wordt geboren, komt daarvoor in aanmerking: alleen geselecteerde dieren die voldoende zelfstandig en schuw zijn, kunnen uiteindelijk worden uitgezet.
Fotograferen zonder het dier uit het oog te verliezen
In Bifengxia lagen de omstandigheden anders. Het fok- en onderzoekscentrum wordt voortdurend bemand door verzorgers, waardoor Vitale meer mogelijkheden kreeg om de interactie tussen mensen en panda’s vast te leggen.
Wil je niets missen? Volg National Geographic op Google Discover en voeg National Geographic toe als voorkeursbron om onze verhalen vaker te zien in je Google-feed!
Daar ontstond een andere uitdaging. Het welzijn van de dieren ging altijd voor de foto. ‘Het was niet alleen een kwestie van toegang krijgen en vertrouwen winnen,’ zegt Vitale. ‘Ik moest ook met wilde dieren kunnen werken. Babypanda’s zijn zwak en kwetsbaar. Na zes maanden hebben ze tanden en klauwen. Het zijn tenslotte beren.’
Dat vereiste geduld. Voor één scène wachtte Vitale twee dagen en nachten op de geboorte van een jong. Uiteindelijk zag ze het gedrag van de moeder veranderen en maakte ze zich klaar. De geboorte zelf duurde vervolgens maar enkele ogenblikken. Vrijwel onmiddellijk pakte moeder Ming Ming haar jong met haar bek op en draaide ze zich van de aanwezigen weg.
Het moment waarop drie jaar wachten samenkwam
Een van Vitales dierbaarste momenten vond plaats op haar laatste dag van het project. In Wolong probeerde ze een moeder met haar jong te fotograferen, maar het jong sliep vrijwel voortdurend of werd door zijn moeder aan het zicht onttrokken. Vitale dacht dat de kans verkeken was.
Vlak voordat ze vertrok, pakte de moeder het jong in haar bek en liep een heuvel op. Daar zette ze het neer en tilde het vervolgens op. Voor Vitale leek het even alsof de moeder haar jong aan de fotograaf liet zien.
Daar hoeft uiteraard geen menselijke bedoeling achter te hebben gezeten. Voor Vitale kreeg het moment desondanks betekenis. Na drie jaar observeren en wachten vatte het samen waarom deze dieren zoveel mensen raken. ‘Door de natuur te redden, redden we onszelf,’ zegt ze.
Een beschermingsverhaal dat nog niet is afgelopen
Sinds Vitale haar reportage maakte, is de bescherming van de reuzenpanda verder ontwikkeld. Het leefgebied wordt op grotere schaal beschermd en de wilde populatie is gegroeid.
Tegelijk blijft het fotograferen van een werkelijk wilde panda uitzonderlijk moeilijk. In 2026 trok een ander team van National Geographic-fotografen opnieuw de Chinese bergbossen in. Zelfs in het Giant Panda National Park moesten zij weken zoeken naar sporen en vervolgens maanden wachten voordat een cameraval een wilde panda vastlegde.
Dat maakt Vitales beelden niet alleen tot portretten van een geliefd dier. Ze documenteren ook een bijzonder hoofdstuk in een beschermingsprogramma dat decennia geleden begon – en nog altijd voortduurt.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!
Kevin is als Managing Editor Digital verantwoordelijk voor de digitale kanalen van National Geographic. In zijn vrije tijd reist hij het liefst naar bestemmingen die de meeste toeristen doorgaans mijden, zoals Transnistrië, Mongolië of Iran. Daarnaast gaat hij graag op pad met zijn camera en probeert hij nieuwe sporten uit.




















