Vandaag is het 81 jaar geleden dat de eerste atoombom op de Japanse stad Hiroshima viel. Drie dagen later onderging ook Nagasaki hetzelfde lot. Honderdduizenden mensen kwamen om. Vrijwel direct ontstond het beeld dat natuurkundige Robert Oppenheimer, de wetenschappelijk leider van het Manhattanproject, diep berouw kreeg over de uitvinding van de atoombom. Maar klopt dat eigenlijk wel? Zijn houding na Hiroshima en Nagasaki blijkt veel complexer dan de hardnekkige mythe doet vermoeden.

Van briljant natuurkundige tot leider van het Manhattanproject

Julius Robert Oppenheimer wordt in 1904 geboren in New York. Zijn vader is een Duitse textielimporteur, zijn moeder een Amerikaanse kunstschilder. De jonge Oppenheimer blijkt een getalenteerde student: na slechts drie jaar aan de Harvard University slaagt hij summa cum laude voor zijn studie scheikunde. Hierna gaat Oppenheimer theoretische natuurkunde aan de Universiteit van Göttingen in Duitsland studeren, waar hij op 23-jarige leeftijd promoveert.

De jonge natuurkundige maakt met zijn academische werk veel indruk. Het levert hem aanbiedingen op om les te komen geven aan de University of California en het California Institute of Technology (CalTech).

Ook schrijft Oppenheimer artikelen over de kwantummechanica, en voorspelt hij onder meer het bestaan van neutronen en zwarte gaten. Oppenheimer valt op onder zijn vakgenoten, en dat zal hem in 1942 een heel bijzonder baantje opleveren.

De ontdekking die de nucleaire wapenwedloop ontketende

In 1938, aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog, ontdekken wetenschappers Otto Hahn, Fritz Strassmann en Lise Meitner het kernsplijtingsproces in een laboratorium in Berlijn.

Verschillende Joodse wetenschappers, onder wie ook Albert Einstein, uitten hun zorgen over deze ontdekking: als Duitse wetenschappers op korte termijn een atoombom, ontwikkelen, zou die weleens in de verkeerde handen terecht kunnen komen.

De Amerikaanse president Roosevelt besluit daarop dat de Verenigde Staten nazi-Duitsland voor moeten zijn. Zodoende wordt er een zeer geheim project opgezet om de allereerste atoombom ooit te ontwikkelen.

De race om als eerste een atoombom te bouwen

Ook Oppenheimer wordt gevraagd om aan dit zogenoemde Manhattanproject mee te werken. Eerst houdt Oppenheimer zich ‘slechts’ bezig met berekeningen en onderzoek, maar later wordt hij de wetenschappelijk directeur van het laboratorium dat de bom gaat testen.

Op 16 juli 1945 komen Oppenheimer en zijn collega’s samen in de woestijn van New Mexico. Hier wordt Trinity, de allereerste atoombom, tot ontploffing gebracht. De eerste kernexplosie ter wereld veroorzaakt een krater met een diameter van 360 meter.

Op bijna tweehonderd kilometer van de testlocatie zouden er nog ruiten zijn gesprongen. Oppenheimer en zijn collega’s kijken op veilige afstand toe, maar allemaal weten ze dat de wereld na Trinity nooit meer hetzelfde zou zijn.

technici aan het werk in het afgelegen los alamos laboratorium in new mexico om de eerste atoombom te maken
CORBIS HISTORICAL, GETTY IMAGES
Technici aan het werk in het afgelegen Los Alamos-laboratorium in New Mexico. Het Amerikaanse leger vroeg Robert Oppenheimer in 1942 om het lab op te richten. Hier werden de beste theoretisch natuurkundigen van het land samengebracht. Hun doel? De allereerste atoombom maken.

Op 6 en 9 augustus laten de Verenigde Staten de atoombommen Little Boy en Fat Man op respectievelijk Hiroshima en Nagasaki vallen. Beide steden worden verwoest op een schaal die geen precedent kent en sindsdien niet meer is geëvenaard. Ongeveer 250.000 mensen kwamen om het leven.

Had Oppenheimer spijt van de atoombom?

Oppenheimer heeft zitting in het wetenschappelijk comité dat de Amerikaanse overheid aanbevolen heeft de bom tegen Japan in te zetten. Dit om zo snel een einde te maken aan de Tweede Wereldoorlog.

Op de avond van de aanval op Hiroshima wordt Oppenheimer feestelijk onthaald door zijn collega-wetenschappers. Zijn enige spijt? ‘Dat de bom niet op tijd klaar was om tegen Duitsland te gebruiken.’

Wil je niets missen? Volg National Geographic op Google Discover en voeg National Geographic toe als voorkeursbron om onze verhalen vaker te zien in je Google-feed!

Toch is Oppenheimer geschokt en ontzet over het aantal burgerslachtoffers in de getroffen Japanse steden. Een paar weken na de explosies schrijft hij een brief aan het Amerikaanse oorlogsministerie waarin hij waarschuwt dat ‘de veiligheid van deze natie niet geheel of zelfs maar in de eerste plaats mag berusten op haar wetenschappelijke of technische bekwaamheid’.

Hoewel Oppenheimer het Manhattanproject altijd heeft verdedigd, zou hij zich de rest van zijn leven uitspreken tegen nucleaire proliferatie. In 1960 is hij medeoprichter van de World Academy of Arts and Sciences en hij zou les blijven geven over wetenschap en ethiek tot zijn dood in 1967. ‘Natuurkundigen hebben zonden gekend,’ zegt hij in 1950, ‘en die kennis kunnen ze nooit meer verliezen.’

Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!

Headshot of Merav Pront

Merav Pront is editor bij National Geographic en schrijft zowel voor de website als het Magazine. Tijdens haar studie sociale geografie leerde ze lokale fenomenen in een internationale context plaatsen. Als freelance journalist zoekt ze naar de kleine verhalen achter het grote nieuws. Ze schrijft onder meer voor de VPRO en de Nederlandse Vereniging van Journalisten.