Reizen

Afghaanse vluchteling maakt historische vlucht rond de wereld

Shaesta Waiz ontkwam aan oorlog en armoede en hoopt dat haar vlucht een nieuwe generatie vrouwen zal inspireren. donderdag, 9 november 2017

Door Rona Akbari

Gezagvoerder Shaesta Waiz is ervaren in het overwinnen van obstakels. Als kind vluchtte ze voor de oorlog tussen de Sovjet-Unie en Afghanistan, ze was de eerste in haar familie die hoger onderwijs volgde en de eerste Afghaanse vrouw die burgerpilote werd. Nu, op haar dertigste, is ze ook de jongste vrouw in de geschiedenis die een solovlucht maakt rond de wereld in een eenmotorig vliegtuig.

Waiz had 138 dagen, 22 landen en een eenmotorig Beechcraft Bonanza A36-vliegtuig uit 2001 nodig voor haar prestatie. Op woensdagavond 4 oktober zette ze haar toestel aan de grond en voltooide daarmee haar reis rond de wereld. Ze landde in Daytona Beach in de Amerikaanse staat Florida. Het was in deze stad dat ze de eerste stap zette om haar droom waar te maken, met haar opleiding aan de Embry Riddle Aeronautical University.

Tijdens haar vlucht deed Waiz India en Singapore aan. Daar bracht ze middagen door met collega-pilotes en toekomstige gezagvoerders. Ze bezocht ook Australië, Egypte en Sri Lanka, waar jonge mannen en vrouwen haar met vlaggetjes stonden op te wachten. Het ging haar niet om de snelheid. Tijdens al haar stops wees ze op de rol van vrouwen in de wetenschap en techniek en in de luchtvaart.

De toen 18-jarige Australiër Lachlan Smart vloog in 2016 solo rond de wereld. Hij versloeg daarmee de Amerikaan Matt Guthmiller, die 19 was toen hij in 2014 hetzelfde deed.

Jonge jaren

Waiz werd geboren in een vluchtelingenkamp in Pakistan, waar haar ouders tijdens de oorlog vanuit Afghanistan naartoe waren gevlucht. Het gezin immigreerde naar Amerika toen zij nog jong was. Waiz groeide op in een achterstandswijk in de stad Richmond in Californië. Niemand in haar omgeving nam haar belangstelling voor de luchtvaart serieus.

Waiz vertelt dat haar droom om piloot te worden op haar negentiende ontstond, tijdens een vlucht van Californië naar Florida. Ze herinnert zich dat ze in die tijd voor veel dingen bang was. Ook voor vliegtuigen. Als kind was ze bang dat er een vliegtuig naar beneden zou storten en haar zou verpletteren.

Maar toen ze daar overheen groeide, begon ze vlieglessen te nemen. Toch was ook dat niet eenvoudig. “Veel mensen reageerden sceptisch,” vertelt ze. “Het was niet zo van: ‘Wow! Wat goed, je kunt op onze steun rekenen.’ Het was meer: ‘Waar ben je mee bezig? Weet je wel zeker dat dit een goed idee is?’”

De grootste hobbel die Waiz moest nemen om haar droom te verwezenlijken, was dat ze de dure opleiding moest zien te betalen. Embry Riddle kost $25.000 per jaar (€21.354). Ze moest haar opleiding vaak onderbreken om beurzen te bemachtigen en donoren te zoeken om haar opleiding te financieren.

“Ik had gewoon het geld niet. Mensen zagen dat ik bij Embry Riddle zat, maar snapten niet waarom ik nog geen piloot was,” zegt ze. “Ik moest ze vaak uitleggen dat, als je op de luchthaven gaat kijken, piloten meestal grijze haren hebben. Het duurt lang voordat je dat bent.”

Ze had ook niet veel rolmodellen. Wereldwijd zijn slechts zes procent van de piloten vrouwen. Om daar verandering in te brengen zette Waiz een mentorprogramma op, in de hoop dat zo meer vrouwen in het vak zouden toetreden. Toen dit succesvol bleek, besloot ze in 2014 Dreams Soar op te zetten. Deze non-profitorganisatie zet zich in voor het werven van vrouwen voor wetenschap en techniek en de luchtvaart.

Waiz noemt de vrouw die in 1964 als eerste solo rond de wereld vloog, de inmiddels overleden Jerrie Mock, als een van haar grootste voorbeelden en rolmodellen. ‘Shaesta, happy landings in faraway airports,’ (‘Shaesta, mooie landingen op verre bestemmingen’) staat op een briefje dat Mock voor haar dood in 2014 stuurde.

“Het voelde nooit echt als een solovlucht,” zei Waiz in een speech ter gelegenheid van de afsluiting van haar reis. Ze doelde daarmee op de mensen die haar vanaf de grond in de loop van haar reis hadden gesteund.

Bereik

De wens van Waiz was om jonge meisjes te laten zien dat ze hun doelen kunnen bereiken, of ze nou in de menigte stonden bij het National Air and Space Museum in het Amerikaanse Washington, of in het publiek in Kaboel.

“Op 10 juli 2017 stapte ik in een vliegtuig om naar het land te vliegen dat ik 29 jaar geleden als vluchteling verliet,” schreef Waiz in een nieuwsbrief over haar vlucht. “Ik had gemengde gevoelens over hoe het zou zijn om naar Afghanistan te gaan. Zou de Afghaanse bevolking me accepteren? Zouden ze me veroordelen omdat ik een vrouwelijke piloot ben? Zou het me lukken om goed contact te krijgen met de vrouwen en kinderen en hen te inspireren om hun dromen te verwezenlijken?

Maar toen maakte ze kennis met enkele Afghaanse meisjes die ook piloot willen worden. “Ze hadden bij onze ontmoeting een namaakpilotenpak aan en vertelden dat ze in het leger waren gegaan om te vliegen. Maar de kans om een militaire piloot te worden is klein en die plekken worden meestal aan mannen vergeven.”

Toekomst

Het was onrustig in Kaboel tijdens het verblijf van Waiz. Twee weken daarvoor vielen er doden bij een bomaanslag bij de Duitse ambassade.

Tijdens haar bezoek ontmoette Waiz de Afghaanse president Ashraf Ghani. Ze sprak met hem over haar hoop naar Afghanistan terug te keren om een school voor wetenschap en techniek voor meisjes op te richten.

“Toen ik daar was, zag ik dat ik echt een verschil voor die meisjes kan maken,” vertelt ze. “[Ik wil] helpen om enkele van de problemen op te lossen waar de Afghaanse bevolking dagelijks mee te maken krijgt.”

Lees meer