Thailand

48 uur in Bangkok

‘One night in Bangkok’ is zeker niet genoeg in de levendigste stad van Azië. In 48 uur zie je nét genoeg van de miljoenenstad om die strandvakantie vooralsnog te laten voor wat die is. Geef je over aan de wanorde in de metropool van de tuktuks en tempels. donderdag, 9 november

Door Daan Vermeer

Dag 1

Ochtend: Ontwaken met monniken
Het valt met een jetlag niet mee, maar wie het lukt om rond zonsopkomst al in Wat Pho te staan, wordt rijkelijk beloond. In plaats van hordes toeristen tref je rond dit tijdstip vooral monniken aan in de Tempel van de Liggende Boeddha. Ze chanteren rondom de met bladgoud bedekte beelden, die nog lijken te slapen in het strijkende ochtendlicht. In datzelfde licht glinsteren de talloze spiegeltjes en geglazuurde tegels die de muren, reliekgebouwen en mythische dansers bedekken.

Het tempelcomplex biedt, behalve aan honderden boeddha's en tientallen monniken, ook onderdak aan de oudste medische school van het land, de Wat Pho Traditionele Thaise Massageschool. Vanaf 8 uur in de ochtend masseren zowel oud-studenten als docenten van deze school je jetlag weg of je vastzittende schouders weer los. Er wordt gedrukt met vingers en ellebogen, over je heen gelopen en net zolang gestrekt en gerekt tot alle botten en spieren weer op de juiste plek zitten. Nu vind je in Bangkok op elke hoek van de straat wel een massagesalon, maar omdat de dames het daar soms meer van hun lichaam dan van hun massagekunsten moeten hebben, is deze school dé plek voor een behoorlijke massage.

Middag: Chaos bij de Chinezen
Pak achter de tempel de boot over de Chao Praya naar de Herdenkingsbrug. Daar waar de brug de oostoever raakt, begint Pak Klong Talad, ofwel de bloemenmarkt. Struin langs de kleurigste en geurigste orchideeën, rozen, jasmijn en andere tropische soorten die 24 uur per dag langs de straatkant verhandeld worden.

De bedrijvigheid op deze markt valt echter in het niets bij de chaos en hectiek in Chinatown, een paar straten verderop. Aldaar help je jezelf zonder enige moeite aan een cultuurshock door Yaowarat af te wandelen. Het is een lap asfalt van zo'n anderhalve kilometer lengte waar op elk moment van de dag meer rijen van bussen, tuktuks, taxi's, handkarren en brommers zich langs elkaar wringen dan er rijstroken zijn.

Boven de straat, gehuld in de mystiek van de uitlaatgassen, hangen uithangborden met Chinese tekens. Pal daaronder een afwisselende combinatie van juwelierszaken en restaurants waar pekingeend in de etalages hangt. Tussen hun voordeuren en de files in staan kraampjes met drankjes om (veilig) mee af te koelen. Probeer bijvoorbeeld Thaise melkthee met steranijs, tamarinde en ijsblokjes (chaa nom yen), Thaise ijskoffie met kokosmelk en gecondenseerde melk (kaffè yen) of gekoeld limoensap (manau), die je dikwijls in een boterhamzakje met rietje mee krijgt.

Zodra je een van de zijstraten inslaat, zoals nummer 20, begint een wereld die nergens mee te vergelijken valt: straatrestaurants met plastic krukjes en klaptafels wisselen elkaar af. Chefkoks wokken gerechten op hoge vlammen terwijl handkarren met rijstzakken, gedroogde vissen of schoenendozen er rakelings langs vliegen. Volg de mensenmassa die schuifelend de zijstraten instromen en je passeert de ene tassen-, gloeilamp- en garnaalwinkel na de andere. En stap je zo'n winkel in, dan is het volstrekt onduidelijk waar die ophoudt en een woonkamer begint.

Avond: Chique Thai
Het contrast is helemaal niet meer te bevatten wanneer je de dag eindigt in Thonglor. Het is dé straat waar hippe en chique Thai hun avonden beleven. Struin langs barbershops, kunstgalerieën, fitnessclubs en ramen-restaurants. Maar net als in de rest van de stad, staat de stoep vol met straatrestaurants waar je bijvoorbeeld gebarbecuede kip of mangosalade met pinda's en tomaat eet. De vuistregel is dat het eten overal smakelijk en veilig is, zolang je fastfood en room service mijdt. Als vegetariër eet ik liefst in Loving Hut aan Rama 3, waar je alle Thaise gerechten zónder vlees en vis kunt proeven. Behalve om het exotische eten is deze straat beroemd om de karaokebars en bars met live muziek. Mijn favoriet is Iron Fairies, een jazzbar niet groter dan tien tuktuks en minstens zo uitbundig gedecoreerd als een Efteling-attractie.

Dag 2

Ochtend: Winkel je suf
In Bangkok lijkt het alsof Thai niets liever doen dan winkelen. Te pas en te onpas passeer je straatmarkten en winkelcentra. In het hartje van de stad, rondom Siam, liggen 10 winkelcentra die met elkaar verbonden zijn met voetgangersbruggen. Begin in MBK, met namaakwaar, manicuresalons en handige jongens die je mobieltje repareren. Steek over naar Siam Center voor lokale designer labels en bezoek de Real3D-bioscoop of het zee-aquarium in het aangrenzende Paragon. Zorg er hoe dan ook voor dat je met honger Central World binnen stapt, een van ’s werelds grootste winkelcentra waar je gerechten uit alle hoeken van de wereld proeft. De smaak flink te pakken? In de Thaise winkelcentra kun je om korting vragen.

Middag: Ontspan in het park
Rond het eind van de middag stroomt Lumphini Park vol met hardlopers, gewichtheffers en vrouwen van middelbare leeftijd op gymschoenen. Zij komen voor de aerobiclessen die verspreid tussen vijvers en in de openlucht gegeven worden. Synchroon springen en dansen ze op de muziek die uit de boomblasters klinkt, zinderende hitte of niet. Meedoen mag, maar een waterfietstocht kost je net wat minder zweetdruppels. Om stipt 18.00 uur blazen alle beveiligers op hun fluit, komt het park tot stilstand en klinkt het volkslied uit de luidsprekers. Na één minuut respect voor het koninkrijk gaat de muziek weer aan en rennen de hardlopers verder alsof er niets gebeurd is.

Avond: Dicht bij de sterren
Zonsondergang is in Thailand altijd vóór het diner en nabij het park zijn volop dakterrassen waar vanaf je de ondergaande zon, wolkenkrabbers en files daartussen goed op je in kunt laten werken. Beroemd uit de film The Hangover is de cocktailbar van Lebua op 63 hoog, maar minstens zo'n mooi uitzicht heb je vanaf het Banyan Tree Hotel iets verderop. En regent het, dan is de Speakeasy Bar in het MUSE Hotel een uitkomst vanwege het dak dat je droog houdt. Drankjes zijn nergens goedkoop, maar dat is het panaroma op deze wereldstad evenmin.