Wetenschap

5 verrassende feiten over Ötzi de ijsmummie

Wetenschappers blijven zich verbazen over de eeuwenoude ijsmummie die diepgevroren in de Alpen is gevonden. donderdag, 19 juli 2018

Door James Owen
Foto's Van ROBERT CLARK, NATIONAL GEOGRAPHIC

Ötzi's 5.300 jaar oude lijk werd gevonden in de bergen op de grens van Oostenrijk en Italië in 1991. In dit artikel noemen we vijf bijzondere zaken die Ötzi ons tot nu toe geleerd heeft.

1. De IJsman heeft nog levende verwanten.

Deze levende connecties met de IJsman kwamen aan het licht door een DNA-onderzoek. Genetische onderzoekers bekeken de bijzondere kenmerken in een verslag over de mannelijke geslachtschromosomen van de IJsman en vonden zo minstens 19 genetische verwanten die in Tirol in Oostenrijk wonen. De overeenkomsten kwamen uit een onderzoek met bloed van 3.700 anonieme donoren, geleid door Walther Parson van de medische universiteit van Innsbruck. Dankzij het feit dat zij allen een zeldzame mutatie, genaamd G-L91, delen met de IJsman, weten we dat zij allemaal een voorouder gemeen hebben die mogelijk 10.000 tot 12.000 jaar geleden geleefd heeft.”, zegt Parson. Deze ontdekking bevestigt een eerder onderzoek wat veronderstelde dat Ötzi en zijn voorouders boeren waren. Het onderzoek volgde markers op het Y-chromosoom, dat van vader op zoon wordt doorgegeven en via de Alpen over Europa is verspreid, om Neolithische migratieroutes te volgen. Ötzi hoorde bij een Y-chromosoomgroep, met de naam 'haplogroep G', die zijn oorsprong net als de landbouw in het Midden-Oosten heeft. De algemene resultaten van het onderzoek staven volgens Parson het idee dat de veranderingen door de Neolithische revolutie mensen aanmoedigde om naar Tirol in het westen te trekken. Hij is echter wars van enige suggestie dat Ötzi's verre verwanten fysiek op hem zouden lijken of eveneens van eenvoudige granenpap zouden houden.

2. Hij had de nodige problemen met zijn gezondheid.

Sinds de ontdekking van Ötzi in een hooggelegen gletsjer meer dan 20 jaar geleden, hebben onderzoekers de mummie aan een volledige gezondheidscheck onderworpen. De resultaten zijn niet erg prettig om te lezen. De lijst van klachten van deze 40-jarige bevat onder andere versleten gewrichten, verharde artritis, galstenen en een lelijke vergroeiing aan zijn kleine teen (mogelijk door bevriezing). Daarbovenop bevatten de ingewanden van de IJsman eitjes van parasitaire wormen, had hij waarschijnlijk Lyme opgelopen en zijn er alarmerende hoeveelheden arsenicum in zijn lijf gevonden (vermoedelijk te danken aan het bewerken van metaalerts en koper). Ötzi moest ook dringend naar de tandarts - een diepgaand onderzoek naar zijn gebit vond aanwijzingen voor tandbederf en gevorderde aantasting van het tandvlees. Ondanks al deze zaken en een verse pijlwond aan zijn schouder, was het een plotselinge klap op zijn hoofd die Ötzi fataal werd.

3. Hij had ook nog anatomische afwijkingen.

Afgezien van alle fysieke klachten, had de IJsman ook nog enkele anatomische afwijkingen. Hij miste zijn beide verstandskiezen en het 12e paar ribben. De bergbewoner had ook een fors spleetje tussen zijn twee voortanden, ook wel een diasteem genaamd. Of dit veel indruk maakte op de dames doet niet meer ter zake - er zijn onderzoekers die zelfs vermoeden dat Ötzi geheel onvruchtbaar was.

4. De IJsman was getatoeëerd.

Ötzi's bevroren mummie heeft een prachtige verzameling tatoeages uit de Bronstijd bewaard. Meer dan 50 stuks in totaal bedekken hem van top tot teen. Ze werden destijds niet gezet met een naald, maar door kleine sneetjes in de huid te maken en er dan houtskool in te wrijven. Het eindresultaat is een hele set van lijntjes en kruisjes, met name op plekken van het lichaam die makkelijk pijnklachten kunnen geven of beschadigd kunnen raken, zoals de gewrichten en de rug. Sommige wetenschappers denken daarom dat de tatoeages acupunctuurpunten aangaven op het lichaam. Als dat klopt, dan had Ötzi veel behandelingen nodig, wat gezien zijn leeftijd en kwalen niet heel verassend is. Als oudste gevonden bewijs voor acupunctuur, lijken Ötzi's tatoeages erop te wijzen dat acupunctuur al 2.000 jaar eerder werd gepraktiseerd dan tot voor kort werd aangenomen.

5. Hij at stuifmeel en geiten.

De laatste maaltijden van de IJsman gaven de wetenschappers een feest aan informatie. Zijn maag bevatte 30 verschillende soorten stuifmeel. Verdere analyse van het stuifmeel duidt erop dat Ötzi in het voorjaar of in de vroege zomer is gestorven. Het onderzoek liet wetenschappers zelfs zijn route vlak voor zijn dood over de verschillende berghoogtes traceren. Hij at zijn halfverteerde, laatste maaltijd ongeveer twee uur voor hij stierf. De maaltijd bestond uit granen en vlees van een gems, een inheemse berggeit.

Lees ook: 'Laatste oermaaltijd van Ötzi de ijsmummie bekend'

Dit verhaal werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op NationalGeographic.com op 18 oktober 2013.

Lees meer