Een jaar in het spoor van de keizerspinguïn

De keizerspinguïn op Antarctica wordt steeds verder in het nauw gedreven door krimpend zee-ijs. Fotograaf Stefan Christmann verbleef twee keer maandenlang op het continent om de broedcyclus van de grootste pinguïnsoort vast te leggen.

Tuesday, June 16, 2020,
Door Helen Scales
Foto's Van Stefan Christmann
In de herfst starten de pinguïns hun reis van de oceaan naar hun broedgebied in de ...

In de herfst starten de pinguïns hun reis van de oceaan naar hun broedgebied in de Atkabaai. Maar door klimaatverandering smelt het zee-ijs dat nodig is om partners te vinden, te broeden en kuikens groot te brengen.

Foto van STEFAN CHRISTMANN

Dit artikel verscheen in de juni 2020 editie van National Geographic Magazine.

In de verte verschijnt een zwarte stip. Plots duiken nog veel meer stipjes op in het maagdelijk witte landschap.

‘En ineens hoor je het eerste geroep,’ vertelt fotograaf Stefan Christmann. Dan dringt het tot hem door: ‘Wauw. De vogels komen terug.’ 

Het is eind maart in de Atkabaai, een ijshaven in Koningin Maudland op Antarctica, 4325 kilometer ten zuidwesten van de zuidelijkste punt van Afrika. Christmann wacht al ruim twee maanden tot de keizerspinguïns – de grootste pinguïnsoort, ongeveer een meter hoog en twintig tot veertig kilo zwaar – terugkeren van zee, waar ze in de zomer hebben gefoerageerd.

Mannetjes van de keizerspinguïnkolonie in de Atkabaai op Antarctica houden elk een ei op hun poten en kruipen bij elkaar om de kou van de twee maanden durende poolnacht te weerstaan. Wijfjes gaan na het leggen van het ei naar zee om te eten. De vogels staan zo dicht op elkaar dat er soms stoom opstijgt als ze uiteengaan.

Foto van Stefan Christmann

Zijn plan is om voor de tweede keer de winter door te brengen met een kolonie van ongeveer tienduizend pinguïns in de Atkabaai. Vijf jaar geleden was Christmann hier voor het eerst, nu is hij terug om zijn kroniek van de broedcyclus van de keizerspinguïn te voltooien, iets wat weinig of geen andere natuurfotografen vóór hem hebben gedaan. De Antarctische winter doorstaan is niet voor iedereen weggelegd. Vooral in juli en augustus, de koudste maanden, is het afzien: de temperaturen dalen tot minstens 45 graden onder nul, en in de gierende sneeuwstormen is het zicht soms minder dan een meter.

Christmann doet er niet moeilijk over: ‘Eerlijk gezegd raak je er na een tijdje aan gewend.’ 

Waar de keizerspinguïns niet gemakkelijk aan zullen wennen, is het afnemen en mogelijk verdwijnen van het zee-ijs. Dat is voor de vogels een stabiel platform om op te broeden, en een basis van waaruit ze in omliggende wateren op voedsel kunnen jagen. Hoewel pinguïns uitstekende zwemmers zijn, moeten zo’n 256.500 broedparen in Antarctica hun kuikens buiten het water op het zee-ijs grootbrengen, voordat de lente komt en het ijs smelt. Het zee-ijs bij Antarctica varieert sterk in omvang, maar vijf jaar geleden nam deze plotseling af, met een recorddaling in 2017, zo blijkt uit recent onderzoek. En volgens klimaatmodellen zal het ijs aanzienlijk blijven slinken, tenzij er snel maatregelen worden genomen tegen klimaatverandering. 

‘Als we niets doen, stevent de keizerspinguïn op uitsterven af,’ zegt Stéphanie Jenouvrier, zeevogelbioloog bij de Woods Hole Oceanographic Institution in Massachusetts. Onderzoek van haar team laat zien dat als de CO2-uitstoot niet omlaag gaat, misschien wel tachtig procent van de keizerspinguïnkolonies tegen het jaar 2100 is verdwenen. Daarmee zou het voortbestaan van de soort op losse schroeven komen te staan. Volgens de huidige trend is de gemiddelde mondiale temperatuur tegen die tijd met drie tot vijf graden gestegen, maar als de stijging onder de 1,5 graden kan worden gehouden, zou er volgens Jenouvrier ‘slechts’ zo’n twintig procent van de kolonies verloren gaan, en zouden de populaties van de Rosszee en de Weddellzee – geschikte locaties vanwege de gunstigere condities voor zee-ijs – zelfs licht toenemen.

In de Atkabaai ligt het zee-ijs er nu goed bij. De pinguïns hebben hun plekje opgezocht en Christmann begint een nieuwe fase in hun levenscyclus te fotograferen. De pinguïns kiezen hun partner voor dat jaar en er ontvouwt zich een elegante balts. Dan volgt een korte en moeizame paring. 

De partners blijven daarna dicht bij elkaar, waarbij ze vaak elkaars bewegingen spiegelen. Hun nauwe band is cruciaal voor de overleving van hun enige kuiken van het jaar. 

Eind mei verschijnen de eerste eieren, één per vrouwtje. Het leggen van het ei vergt veel fysieke inspanning, dus het hongerige vrouwtje geeft haar ei voorzichtig door aan haar partner zodat ze naar zee kan vertrekken om te eten – een tijdelijke scheiding die de kracht van de band tussen de partners op de proef stelt. 

Een vrouwtje helpt haar partner om haar ei op zijn poten te leggen, voordat ze naar zee vertrekt. Dit lastige karweitje moet snel gebeuren, anders kan het ei bevriezen. Hoewel ze ongeveer twee maanden weg zal zijn, behoudt het paar een sterke band.

Foto van Stefan Christmann

Kleine klauwtjes, een oog en een klompje vochtige veren komen tevoorschijn wanneer eind juli een kuiken door zijn schaal breekt, een proces dat uren kan duren. In die tijd gluurt de vader her- haaldelijk onder zijn gevederde broed- buidel om te kijken hoe het ermee staat.

Foto van Stefan Christmann

De winter valt in: de wind bereikt snelheden van 160 kilometer per uur en de temperatuur daalt. De mannetjes drommen samen om hun lichaamswarmte te delen. Dit houdt de papa’s en hun gekoesterde eieren in leven, samen met hun lichaamsreserve: er is niets te eten en de mannetjes verliezen bijna de helft van hun gewicht voordat de vrouwtjes terugkeren. Op de koudste dagen houden de pinguïns zich stil om zo veel mogelijk energie te sparen. 

Gedurende de zes maanden lange winter zijn Christmann en elf anderen de enige mensen in dit deel van Antarctica. Ze verblijven in een klein Duits onderzoeksstation op het ijsplateau boven de Atkabaai. Wanneer het niet verschrikkelijk stormt, kan Christmann met een sneeuwscooter over de steile helling naar beneden rijden, het zee-ijs op, om bij de pinguïns te zijn. 

Eind juli eindigt de poolnacht, en algauw klinken onder de opkomende zon nieuwe stemmen in de kolonie. Als de moeders niet op tijd terug zijn met voedsel voor hun jongen, krijgen de kuikens hun eerste maaltijd van hun vader: een soort kleverige melk uit de slokdarm. Aan het eind van de winter hebben echter niet alle mannetjes hun kleintje tegen de ontberingen weten te beschermen. Christmann ziet hoe een pinguïn een doodgevroren kuiken oppakt en het op zijn poten balanceert. ‘Hij liep met het kuiken naar de kolonie alsof er niets aan de hand was. Hartverscheurend,’ vertelt Christmann. 

Gelukkig voor de uitgehongerde partners keren de vrouwtjes terug. De moeder ziet haar kuiken voor het eerst en neemt de voedertaken over. Eerst halen de ouders maandenlang om de beurt voedsel voor het groeiende kuiken. Rond september moeten beide ouders samen gaan vissen om de steeds gretigere mond te voeden, en blijft het kuiken achter in een soort crèche.

De jonkies leren om bij elkaar te kruipen, en dat gaat niet altijd even netjes. Een klein groepje gaat bij elkaar staan, anderen rennen erop af en springen de stapel in. 

Soms blijven wat vaders en moeders achter om over de crèches te waken. Christmann ziet een volwassen pinguïn met twee kuikens. Hoewel slechts één kuiken van de verzorger zelf is, voedt de vogel ze allebei. Foutje? Misschien niet. Volwassen keizerspinguïns voeren vaak een ritueel uit waarbij ze hun broedbuidel (een soort huidplooi) optillen, om anderen hun kleintje te laten zien. Het is niet bewezen, maar Christmann vermoedt dat ouders dit doen om een band te smeden, en dat ze als het ware voogd van elkaars kuikens worden om te helpen met de kinderopvang. 

Kuikens bakkeleien op de poten van hun ouders. Nadat de moeders zijn teruggekeerd naar het broedgebied, wisselen ouders het oppassen op de kuikens af, zodat ze om beurten op vis kunnen jagen. Achterblijvende ouders staan vaak bij elkaar, zodat de kuikens met elkaar kunnen communiceren.

Foto van Stefan Christmann

Tegen het einde van het jaar zijn de kuikens bijna net zo groot als hun ouders, maar dan zijn ze nog niet buiten gevaar. Voordat het zee- ijs smelt, moeten de kuikens hun grijze dons inruilen voor waterdichte, volwassen veren, anders verdrinken ze. Dit overkwam de kolonie in Halley Bay in 2016, toen al voor oktober het ijs brak bij een storm, en de kuikens nog in hun crècheperiode zaten. Sindsdien is het ijs niet meer stabiel genoeg voor de volwassen dieren, wat ertoe heeft geleid dat er bijna geen kuikens zijn grootgebracht. Die kolonie, voorheen de op een na grootste van Antarctica, is nu grotendeels verlaten. De storm viel samen met de krachtigste El Niño in zestig jaar; zulke extreme weerpatronen zullen naar verwachting steeds vaker voorkomen. Pinguïns worden nu met behulp van satellietbeelden geteld om bij te houden hoezeer de vogels te lijden hebben van het recente zee-ijsverlies rond Antarctica. De resultaten zullen waarschijnlijk een waarschuwingssignaal zijn voor de toekomst van de soort. 

Terug naar de Atkabaai. Het zee-ijs begint eind december te smelten, eerder dan verwacht, en Christmann ziet ruiende volwassenen en kuikens over opgewaaide sneeuw klauteren richting de veiligheid van het hogere ijsplateau, een verlenging van het veel dikkere landijs. 

Een maand later ziet hij de laatste volgroeide kuikens vanaf dit plateau vijf tot tien meter diep de zee in springen. 

Terwijl een lentestorm opsteekt, verkennen de kuikens voor het eerst het ijs. Over twee maanden hebben de jongen waterdichte veren en zwemmen ze weg. Na vijf jaar komen ze terug om zelf nakomelingen op te voeden – als de Atkabaai dan tenminste nog dichtvriest in de winter.

Foto van Stefan Christmann

Een maand later ziet hij de laatste volgroeide kuikens vanaf dit plateau vijf tot tien meter diep de zee in springen. 

Niet alle kolonies hebben deze optie om de vroegtijdige afbraak van hun zee-ijs te overleven. IJsplateaus zijn vaak te hoog voor de pinguïns om te beklimmen. Zelfs al halen ze de top, dan wacht hun het dodelijke gevaar van diepe spleten en blootstelling aan de striemende wind.

Christmann wist dat het niet gemakkelijk zou zijn om dierbaren achter te laten en een jaar op het bevroren continent door te brengen, maar de keizerspinguïns hielden hem gemotiveerd. ‘Het is een vogel die niet kan vliegen, grappig loopt, en er altijd chagrijnig uitziet. En juist die vogel blijkt een ware overlever,’ zegt hij. ‘Ze zijn in staat de zwaarst mogelijke omstandigheden te overleven, en wij zouden degenen zijn die ze alsnog de ondergang in jagen. Dat zou me ontzettend veel verdriet doen.’ 

Helen Scales heeft vijf boeken geschreven over de oceanen. Stefan Christmann ontving de Wildlife Photographer Portfolio of the Year Award 2019 van het Londense Natural History Museum voor zijn werk over de keizerspinguïn. 

Lees verder

Aantal stormbandpinguïns is mogelijk meer dan gehalveerd op Antarctisch eiland

Een warmer wordend klimaat is waarschijnlijk de oorzaak van de daling volgens een voorlopig onderzoek naar deze grappige vogels.

Gigantische ijsberg breekt af van bedreigde gletsjer in West-Antarctica

Het komt geregeld voor dat kolossale ijsmassa’s van de ijskap op de Zuidpool afbreken, maar de afkalvingen volgen zich in steeds hoger tempo op.

Pinguïns leven niet op de Zuidpool - en meer poolmythes die niet kloppen

Welke ijsliefhebber kan je waar vinden? We zetten 8 misvattingen en mythes even voor je recht.
Lees meer