Lang voordat steden en landbouw het Amerikaanse continent vormgaven, verbleef een kleine groep jager-verzamelaars korte tijd aan de oever van een beek in het zuiden van Chili. Mogelijk waren ze er slechts enkele maanden. Toch lieten ze sporen na die tot op de dag van vandaag vragen oproepen over de eerste bewoners van Amerika.
Bij de ontdekking van de archeologische vindplaats Monte Verde in de jaren zeventig werden onder meer stenen speerpunten en een menselijke voetafdruk in geharde klei gevonden. Die vondsten vormden een aantal van de belangrijkste puzzelstukken in het debat over de vroegste menselijke aanwezigheid in de Nieuwe Wereld.
Een baanbrekende ontdekking
Toen Monte Verde voor het eerst werd onderzocht, zorgde dat voor behoorlijk wat opschudding. Koolstofdateringen van hout en ander organisch materiaal wezen op een leeftijd van ongeveer 14.500 jaar. Daarmee zou de vindplaats ruim 1500 jaar ouder zijn dan de beroemde Cloviscultuur in Noord-Amerika.
‘Decennialang dachten archeologen dat de Cloviscultuur de eerste Amerikaanse cultuur was, maar Monte Verde heeft die discussie ingrijpend veranderd,’ zegt archeoloog Mírian Liza Alves Forancelli Pacheco, archeoloog aan de Federal University of São Carlos in Brazilië, die niet bij het nieuwe onderzoek betrokken was. Monte Verde werd daarmee een sleutellocatie in het debat over hoe en wanneer mensen het Amerikaanse continent bereikten.
Nieuw onderzoek zet vraagtekens bij de ouderdom
Een studie, die vandaag is verschenen in het gerenommeerde wetenschappelijke tijdschrift Science, werpt een heel ander licht op de vindplaats. Volgens dit onderzoek is Monte Verde mogelijk veel jonger dan eerder gedacht, wellicht zelfs minder dan 8000 jaar oud.
Voor het eerst in vijftig jaar werd de site opnieuw onderzocht door een onafhankelijk team. Co-auteurs van de studie Todd Surovell en Claudio Latorre Hidalgo bezochten Monte Verde begin 2022 voor het eerst. Zij merkten op dat Monte Verde langs een oude beek ligt, en dat juist die ligging van groot belang kan zijn. Hun analyse toont aan dat het organisch materiaal dat eerder werd gedateerd, mogelijk niet afkomstig is van menselijke bewoning, maar door stromend water is verplaatst.
Een verstorende beek
Volgens de onderzoekers veranderde de beek zo’n 10.000 jaar geleden van koers, tijdens een warme en droge periode. Daarbij werd ouder materiaal – zoals hout uit de ijstijd – losgerukt en verderop opnieuw afgezet. Dat heeft grote gevolgen voor de interpretatie van de vondsten.
‘Wanneer we hout dateren, meten we wanneer dat hout groeide – niet wanneer mensen er leefden,’ zegt Surovell, die als archeoloog is verbonden aan de University of Wyoming (VS).
Leestip: Hoe de Kleine IJstijd het dagelijks leven in Nederland en België ontregelde
Ook ontdekten de onderzoekers dat sommige artefacten waarschijnlijk jonger zijn dan een laag vulkanische as, die eerder rond 11.000 jaar werd gedateerd. Dat zou betekenen dat eerdere conclusies over de ouderdom van de site mogelijk te ver zijn gegaan.
Verdeelde reacties onder wetenschappers
Niet alle onderzoekers zijn overtuigd. Tom Dillehay, archeoloog aan de Vanderbilt University (VS) en een van de oorspronkelijke onderzoekers die Monte Verde hebben opgegraven, betwist de nieuwe bevindingen. ‘Denkt u echt dat vijftig jaar onderzoek door meer dan tachtig specialisten zo’n grote fout heeft gemaakt?’ schrijft hij.
Wil je niets missen van onze verhalen? Volg National Geographic op Google Discover en zie onze verhalen vaker terug in je Google-feed!
Andere experts noemen het nieuwe onderzoek juist overtuigend. ‘Het argument is eenvoudig en sterk: materiaal is verplaatst door erosie,’ zegt Calogero Santoro, archeoloog aan de Universiteit van Tarapacá in Chili, die niet bij het onderzoek betrokken was.
Dat zegt ook Thomas Stafford, geochemicus en geochronoloog bij Stafford Research in New Mexico (VS), die eveneens niet bij de studie betrokken was. ‘Voor zover ik kan zien, is het werk zeer zorgvuldig gedaan. De analyse van de sedimentologie en stratigrafie lijkt accuraat,’ zegt Stafford. ‘Het is goed dat een onafhankelijke groep onderzoekers dit heeft geanalyseerd,’ voegt hij eraan toe.
Waarom Monte Verde zo belangrijk blijft
Ongeacht de exacte datering blijft Monte Verde een cruciale vindplaats. Sinds de ontdekking zijn er meerdere locaties gevonden die ouder lijken dan de Cloviscultuur. Zo werden in White Sands (New Mexico) menselijke voetafdrukken gevonden die mogelijk 20.000 tot 23.000 jaar oud zijn, uit een tijd waarin mammoeten en reuzenluiaards nog rondliepen.
Leestip: Deze 10 ooit zo machtige steden bestaan niet meer. Wat veroorzaakte hun ondergang?
De vraag wanneer mensen Amerika bereikten, hangt direct samen met hoe ze er kwamen. Via een ijsvrije corridor in Canada, die pas rond 13.800 jaar geleden ontstond? Of al eerder, langs de Pacifische kust, mogelijk per vlot?
Wetenschap als voortdurend debat
De nieuwe studie laat zien hoe dynamisch archeologisch onderzoek is. Dateringen kunnen veranderen, interpretaties verschuiven — en juist dat proces brengt de wetenschap vooruit.
‘Dat de datering van Monte Verde mogelijk moet worden herzien, betekent niet dat andere vindplaatsen ook verkeerd zijn,’ zegt paleontoloog Thaís Pansani van de Staatsuniversiteit van Rio de Janeiro in Brazilië, die niet bij het nieuwe onderzoek betrokken was. ‘Wetenschap draait om discussie en nieuwe perspectieven.’
En precies daarom blijft Monte Verde, ongeacht zijn exacte leeftijd, een sleutel tot het begrijpen van een van de grootste migratieverhalen uit de menselijke geschiedenis.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!














