Voor veel Nederlandse kinderen zit de zomervakantie erop en begint het schooljaar weer. Tweeduizend jaar geleden zag zo’n eerste schoolweek er radicaal anders uit. Romeinse kinderen konden al vóór zonsopkomst aan hun lessen beginnen, soms gewoon onder een zuilengang of in een gehuurde winkelruimte. Er waren geen schoolgebouwen zoals wij die kennen, geen leerplicht en lang niet ieder kind kreeg onderwijs. Wie wél naar school ging, wachtte lange dagen vol stampwerk, discipline en soms lijfstraffen. Hoe zag een schooldag in het oude Rome eruit?
Hoe Griekse leraren het Romeinse onderwijs veranderden
In de beginperiode kregen Romeinse kinderen thuis les, meestal binnen het gezin en onder verantwoordelijkheid van hun vader. Naarmate Rome vanaf de derde en tweede eeuw v.C. steeds meer Griekse gebieden onder zijn gezag bracht, nam de invloed van de Griekse cultuur sterk toe.
Griekse slaven en krijgsgevangenen werden naar Italië gebracht en sommigen van hen kwamen als huisleraar terecht bij welgestelde Romeinse families. Zo kreeg het Romeinse onderwijs steeds duidelijker een Grieks karakter.
Sommige vrijgelaten slaven en voormalige gevangenen begonnen later hun eigen scholen. Die bestonden vaak uit niet meer dan een paar krukjes en één leraar. Soms huurde hij een achterkamer van een winkelier, een eenvoudige ruimte of een plek onder een zuilengang. Een speciaal schoolgebouw was zeker geen vereiste.
Dat onderwijs zich midden in het stadsleven afspeelde, betekende dat leerlingen voortdurend werden omringd door het rumoer van Rome: handelaren, voorbijgangers en verkeer bevonden zich soms op een steenworp afstand van de les.
Lang niet ieder Romeins kind ging naar school
Onderwijs was in Rome geen recht en er bestond geen leerplicht. Of een kind les kreeg, hing sterk af van de welvaart, sociale positie en keuzes van het gezin. Veel kinderen moesten al jong meehelpen in het huishouden, op het land of in een werkplaats en hadden daardoor weinig gelegenheid om langdurig onderwijs te volgen.
Omdat lessen betaald moesten worden, waren vooral jongens uit families met voldoende middelen op school te vinden. Ook meisjes konden leren lezen en schrijven, maar hun onderwijs vond vaker thuis plaats en duurde doorgaans minder lang. Meisjes uit de elite konden soms een uitgebreide opleiding krijgen.
Wie wél naar school ging, hoefde overigens niet op een ontspannen schooltijd te rekenen: Romeinse onderwijzers stonden bekend om hun strenge tucht.
Van leren lezen tot spreken voor een publiek
Onderwijs in het Romeinse Rijk was streng en sterk gericht op herhaling. In het basisonderwijs leerden kinderen lezen, schrijven en rekenen. Wie uit een welgesteld gezin kwam en verder mocht leren, verdiepte zich later in grammatica, literatuur en uiteindelijk retorica.
Wil je niets missen? Volg National Geographic op Google Discover en voeg National Geographic toe als voorkeursbron om onze verhalen vaker te zien in je Google-feed!
Vooral voor jongens die een politieke of bestuurlijke loopbaan ambieerden, was welsprekendheid essentieel. In een samenleving waarin politiek, bestuur en rechtspraak sterk op het gesproken woord leunden, kon overtuigend spreken deuren openen.
Ook kennis van beroemde Griekse en Romeinse auteurs gold als teken van beschaving. Leerlingen bestudeerden teksten en leerden passages uit het hoofd, zodat ze bekende voorbeelden en citaten konden gebruiken. Memoriseren, voordragen en het zorgvuldig analyseren van teksten vormden dan ook belangrijke onderdelen van het onderwijs.
Een schooldag kon al vóór zonsopkomst beginnen
Er was weinig ruimte voor ondeugend gedrag. Wie zijn les niet kende of zich misdroeg, kon lichamelijk worden gestraft. Romeinse bronnen verwijzen geregeld naar leraren die stokken, riemen of andere lijfstraffen gebruikten. De dichter Horatius herinnerde zich zijn eigen leraar Orbilius zelfs als plagosus: iemand die graag sloeg.
Dat betekent niet dat iedere leraar zijn leerlingen voortdurend mishandelde, maar lijfstraffen waren in de Romeinse wereld een geaccepteerd onderdeel van opvoeding en onderwijs – een scherp contrast met het klaslokaal van vandaag.
Ook voor de leraar was het bestaan zwaar. Veel onderwijzers waren vrijgelaten slaven of voormalige krijgsgevangenen en stonden laag op de sociale ladder. Hun loon was bescheiden, waardoor velen er een bijbaan op nahielden. Leraren die grammatica of retorica onderwezen aan zonen van de elite konden meer aanzien genieten, maar het beroep van elementair schoolmeester had doorgaans weinig prestige.
Wat onze schooldag nog gemeen heeft met die van de Romeinen
Wie deze week weer naar school gaat, treft dus een onderwijswereld die nauwelijks verder verwijderd kan zijn van die van een Romeins kind. Tegenwoordig is onderwijs voor ieder kind toegankelijk, zijn schoolgebouwen speciaal voor lessen ingericht en heeft lichamelijke bestraffing al lang geen plaats meer in het klaslokaal.
Toch zijn enkele elementen verrassend herkenbaar. Lezen, schrijven en rekenen vormden ook tweeduizend jaar geleden de basis, terwijl leerlingen daarna steeds complexere teksten en vaardigheden kregen voorgeschoteld. En wie tijdens de eerste schoolweek alweer moet stampen voor een toets, kan zich misschien enigszins inleven in een Romeinse leerling – al zal die vermoedelijk jaloers zijn geweest op onze schoolvakanties.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!
Anna werkt als editor voor National Geographic, en deed dat eerder voor Women’s Health en Runner’s World. Ze woont in Australië, waar ze dagelijks hardloopt langs de kust, zwemt in zee of lange wandelingen maakt met een flat white in de hand. Ze vindt het belangrijk om een gezonde levensstijl voor iedereen toegankelijk te maken.












