In onbruik geraakt pokkenvaccin is weer nodig – tegen apenpokken

Het pokkenvaccin is inmiddels goedgekeurd voor de strijd tegen apenpokken. Maar experts wijzen erop dat er nog veel vragen bestaan over de bescherming die het vaccin biedt en de wijze waarop het wordt toegediend.

Door Amy McKeever
Gepubliceerd 15 aug. 2022 12:41 CEST
GettyImages-81108347

Op 2 oktober 1955 staan leden van een vereniging van Franse mannequins in de rij voor hun inenting tegen de pokken. Dankzij een wereldwijde vaccinatiecampagne was het pokkenvirus in 1980 officieel uitgeroeid. Hoewel het pokkenvaccin al geruime tijd niet meer wordt toegediend, is er door de uitbraak van apenpokken weer vraag naar.

Foto door FPG, Hulton Archive, Getty Images

Gregory Poland is driemaal tegen de pokken ingeënt – een noodzakelijke voorzorg voor iemand die lid is van een responsteam voor bioterrorisme – en hij heeft aan geen van deze inentingen prettige herinneringen. Anders dan de meeste vaccins bestond het pokkenvaccin dat hij kreeg toegediend uit levende virusdeeltjes die direct in zijn arm werden ingespoten, waarna de huid rond de prikplek nog eens vijftienmaal met een gevorkte naald werd doorboord.

Poland, vaccinonderzoeker aan de Mayo Clinic, vertelt dat het litteken van de prik ‘ongelooflijk jeukte.’ Erger nog, het levende virus in zijn arm betekende dat het litteken nog een maand lang besmettelijk bleef – een periode waarin hij afstand moest bewaren tot anderen en zelfs in een andere kamer moest slapen dan zijn vrouw.

Poland behoort tot een steeds kleinere groep mensen die zijn ingeënt tegen de pokken. Dankzij een wereldwijde vaccinatiecampagne was de ziekte in 1980 officieel uitgeroeid, wat betekent dat de jongvolwassenen van nu nog niet waren geboren toen pokkenvaccins alom werden toegediend. Maar nu zijn er wegens de uitbraak van de apenpokken weer pokkenvaccins nodig. Hoewel apenpokken veel minder gevaarlijk is dan de pokken, zijn de beide virussen wel aan elkaar verwant en zouden pokkenvaccins ook werken tegen apenpokken.

(Waarom het aantal gevallen van apenpokken nog steeds in zorgwekkend tempo toeneemt.)

‘De reden dat we dit vaccin niet zo vaak toedienen, is dat het een van de meest “reactogene” vaccins is die er bestaan,’ zegt Poland. Het klassieke pokkenvaccin heeft ernstige bijwerkingen, waaronder de kans op encefalitis en myocarditis. Bij ongeveer een derde van de mensen – onder wie zwangere vrouwen en mensen met hartaandoeningen of een onderdrukt immuunsysteem – mag dit vaccin om medische redenen niet worden toegediend.

Op 18 december 2002 dient een arts in het Walter Reed Army Medical Center in Washington DC het pokkenvaccin toe. De huid rond de prikplek wordt gemarkeerd, zodat artsen de respons van het lichaam op het vaccin kunnen volgen.

Een opname met een elektronenmicroscoop van het vacciniavirus, dat tot de familie van de orthopoxvirussen behoort. Het vacciniavirus komt normaliter alleen voor bij rundvee, maar wordt gebruikt om mensen in te enten tegen zijn veel gevaarlijker verwant, het pokkenvirus.

Maar ondanks de ontwikkeling van veiliger pokkenvaccins, die ook eenvoudiger zijn toe te dienen dan het vaccin dat Poland kreeg, blijkt het lastig te zijn deze nieuwe vaccins op grote schaal in te zetten. De voorraden zijn laag, onder meer omdat in 2017 ruim twintig miljoen doses niet meer houdbaar bleken. Maar zelfs als er voldoende pokkenvaccins voorhanden zouden zijn, denken experts dat de meeste mensen zo’n vaccin niet nodig hebben. Bovendien zijn er nog veel onbeantwoorde vragen over de bescherming die dit vaccin tegen apenpokken zou bieden.

Oorsprong van het pokkenvaccin

Pokken wordt veroorzaakt door het gevaarlijke Variola-virus, een groot orthopoxvirus met dubbelstrengs DNA. De naam van het virus is afgeleid van het Latijns voor ‘gevlekt’ (varius) en verwijst naar de bultjes die op de huid verschijnen en blijvende littekens achterlaten.

(Lees meer over de pokken en het Variola-virus.)

Hoewel de oorsprong van de pokken onduidelijk is, werd de ziekte rond 2000 v. Chr. voor het eerst vermeld in Indiase en Egyptische bronnen. Het pokkenvirus wordt overgedragen via lichaamsvloeistoffen en direct contact met besmette personen of verontreinigde voorwerpen. Ooit doodde de ziekte zo’n dertig procent van de mensen die ermee werden besmet; aangenomen wordt dat de introductie van het pokkenvirus heeft bijgedragen aan de snelle ondergang van de Azteken en de Inca’s.

Pogingen om de pokken te bestrijden zijn bijna zo oud als de ziekte zelf. In Sanskriet-teksten uit 1500 v. Chr. wordt melding gemaakt van pogingen tot ‘variolatie’ of ‘inoculatíe’, een methode waarbij mensen immuun voor een tweede besmetting werden gemaakt door ze aan materiaal uit etterende pokkenzweren bloot te stellen. Maar het moderne pokkenvaccin komt voort uit het werk van Edward Jenner. In 1796 ontdekte hij dat mensen die met koepokken (een mildere verwant van de pokken) waren ingeënt daarna beschermd waren tegen besmetting met de gevreesde ziekte.

Op deze lithografie uit 1879 van Gaston Mélingue is te zien hoe de arts Edward Jenner in 1796 wat pus uit de hand van een boer haalt die met koepokken is besmet en het gebruikt om de 8-jarige James Phipps als eerste persoon ooit in te enten – in dit geval tegen de pokken.

In de negentiende eeuw werd het koepokkenvirus in het vaccin vervangen door het vacciniavirus, dat eveneens tot de familie van de orthopoxvirussen behoort. Het vacciniavirus werd gekweekt op de huid van pasgeboren kalveren, waardoor er een risico op verontreiniging met andere ziekteverwekkers bestond en dit pokkenvaccin dus verre van ideaal was. Maar dankzij het vacciniavaccin konden gezondheidsautoriteiten in de jaren zestig overal ter wereld beginnen aan een massale inentingscampagne. Het laatste natuurlijke geval van pokken werd in 1977 in Somalië gedocumenteerd en in 1980 liet de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) officieel weten dat de pokken waren uitgeroeid.

Tegen die tijd waren veel landen al gestopt met het toedienen van het pokkenvaccin, aangezien de ziekte geen grote bedreiging voor de volksgezondheid meer vormde. ‘Het was op dat punt al een exotische ziekte geworden die je op verre reizen kon oplopen,’ zegt Poland.

Nieuwe pokkenvaccins

Toch bleef de zorg bestaan dat terroristen het virus als biologisch wapen zouden gebruiken. Terwijl de VS aan het begin van deze eeuw het grootste gedeelte van zijn doses van de eerste generatie pokkenvaccins vernietigde, werd er uit voorzorg wel een nieuw vaccin ontwikkeld: ACAM2000. Dat vaccin berust op virussen die in moderne laboratoria zijn opgekweekt en is dus vrij van de verontreinigingen van de eerste generatie vaccins. Maar het middel heeft veel bijwerkingen.

Toen men in de VS het ACAM2000-vaccin na 9/11 begon in te zetten voor de vaccinatie van soldaten, ‘werden de bijwerkingen snel overduidelijk,’ zegt Raina MacIntyre, expert in infectieziekten aan de University of New South Wales in Sydney en lid van de Strategic Advisory Group of Experts on Immunization van de WHO.

Hoewel de bijwerkingen zeldzaam waren, kregen sommige mensen die met het vaccin waren ingeënt last van ontstekingen aan het hart en van de hersenen. En evenals het vaccin van de eerste generatie berustte ook dit vaccin op levende virusdeeltjes, die zich in het lichaam konden vermeerderen, wat vooral zeer gevaarlijk voor mensen met een verzwakt immuunstelsel en andere medische aandoeningen was.

Een ander nadeel van ACAM2000 werd pas na verloop van tijd duidelijk, namelijk toen inmiddels nog maar heel weinig mensen tegen de pokken werden ingeënt. ‘Er waren in de VS gewoon zeer, zeer weinig mensen beschikbaar die wisten hoe je dit vaccin moest toedienen,’ zegt Poland.

Gelukkig is er nu een nieuwe generatie pokkenvaccins ontwikkeld. In 2019 gaf de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) officieel toestemming voor het gebruik van het vaccin Jynneos, dat in Europa als IMVANEX en in Canada als Imvamune op de markt is gebracht. Het vaccin wordt in twee doses toegediend en berust op een aangepaste versie van het vacciniavirus dat zich niet in het lichaam vermeerdert, wat het volgens experts veiliger maakt voor mensen met onderliggende medische aandoeningen. Intussen heeft Japan zijn eigen pokkenvaccin toegelaten: LC16m8, dat eveneens is aangepast om te voorkomen dat het zich gemakkelijk in het lichaam kan vermeerderen.

Hoewel er nog veel onbeantwoorde vragen over deze nieuwe vaccins bestaan, bieden ze enige hoop voor een wereld die momenteel worstelt met een ongekende uitbraak van een ander orthopoxvirus, apenpokken.

Een pokkenvaccin tegen apenpokken?

Het apenpokkenvirus werd in 1958 ontdekt in een populatie apen die als proefdieren werden gebruikt. Het eerste geval van apenpokken bij de mens werd in 1970 gedocumenteerd in de Democratische Republiek Congo (DRC). Dit virus is minder overdraagbaar en minder gevaarlijk dan het pokkenvirus, want het doodt slechts drie tot zes procent van de personen die ermee worden besmet. In tegenstelling tot de pokken circuleert apenpokken onder dieren, waardoor het bijzonder lastig is om de ziekteverwekker uit te roeien.

Er zijn voorlopige aanwijzingen dat mensen die met het pokkenvaccin zijn ingeënt minder ziek worden van apenpokken. In 1988 analyseerden onderzoekers in Zaïre gevallen van apenpokken bij mensen die wél en geen litteken van een pokkenvaccinatie hadden. Uit dat onderzoek bleek dat het pokkenvaccin in 85 procent van de gevallen ook werkzaam was tegen apenpokken.

Volgens MacIntyre zijn uitbraken van apenpokken in het verleden altijd zeldzaam en beperkt geweest, dat wil zeggen dat er hooguit een paar of enkele tientallen mensen besmet raakten. Maar daarin is de afgelopen jaren verandering gekomen. Uit een onderzoek dat in 2010 in de DRC werd verricht, bleek dat het aantal gevallen van apenpokken bij mensen twintigmaal hoger lag dan in het recente verleden en dat vooral veel jonge mensen werden besmet die nog nooit tegen de pokken waren ingeënt.

‘Vervolgens zagen we vanaf 2017 zeer grote uitbraken in Nigeria en daarna in de Democratische Republiek Congo,’ zegt MacIntyre. Uit het onderzoek van haar team naar de uitbraak in Nigeria, van 2017 tot 2020, bleek dat deze gevallen in verband stonden met een gebrek aan vaccinatie. Opnieuw ging het vooral om jonge mensen die nog nooit tegen de pokken waren ingeënt en ook om ouderen die tientallen jaren geleden hun pokkenprik hadden gekregen en inmiddels nauwelijks meer immuniteit tegen de ziekteverwekker hadden.

Toch is het idee dat pokkenvaccins ook tegen apenpokken zouden werken, nog niet door de wetenschap bevestigd, zegt Wafaa El-Sadr, oprichter-directrice van ICAP, 

een internationaal zorginstituut van de Columbia University. Hoewel de genoemde onderzoeken erop lijken te wijzen dat oudere mensen die tegen de pokken zijn ingeënt tot op zekere hoogte ook tegen apenpokken zijn beschermd, ‘hebben we nog geen harde gegevens om dat verband definitief te onderschrijven,’ zegt zij.

De kennisachterstand is vooral groot met betrekking tot het nieuwe vaccin Jynneos. De enige studies waaruit tot dusver is gebleken dat dit vaccin werkzaam is tegen apenpokken, zijn dierproeven, geen studies bij mensen, zegt El-Sadr. Ook is onduidelijk of Jynneos wel veilig is voor kinderen, die kwetsbaar zijn voor een ernstig verloop van apenpokken. En terwijl men in de VS van plan is de bestaande voorraad pokkenvaccins langer te gebruiken door kleinere doses tussen huidlagen te injecteren in plaats van in het vetweefsel onder de huid, lijken maar weinig gegevens op het nut van deze maatregel te wijzen.

‘Er is een hele waslijst van onbeantwoorde vragen,’ zegt El-Sadr. ‘Het goede nieuws is dat er een vaccin beschikbaar is dat naar alle waarschijnlijkheid werkzaam is tegen apenpokken bij mensen.’

Wie krijgen de nieuwe pokkenvaccins?

De uitbraak van apenpokken betekent niet dat inentingen met pokkenvaccins binnenkort weer routine worden. Per slot van rekening worden bij elk besluit tot vaccinatie de risico’s tegen de voordelen afgewogen.

Jynneos is mogelijk veiliger dan de oudere generatie vaccins, aangezien dit middel geen levende virusdeeltjes bevat, maar het vaccin brengt nog altijd enkele risico’s op bijwerkingen met zich mee, waaronder koortsachtige symptomen of een allergische reactie. Daarnaast wordt apenpokken voor het overgrote deel overgedragen tussen mannen die seks hebben met andere mannen, wat betekent dat het risico voor de bevolking als geheel gering is. ‘Als het inenten met een bepaald vaccin geen duidelijke voordelen heeft, dan is elk risico er één teveel,’ zegt Poland.

Experts denken ook dat er momenteel geen urgente noodzaak bestaat om het vaccin uit voorzorg op grote schaal toe te dienen, zoals is gebeurd met vaccins tegen COVID-19. Pokkenvaccins zijn ook werkzaam als iemand al besmet is, dus heeft het meer zin om alleen mensen te prikken die vrezen dat ze besmet zijn geraakt.

Uiteraard zou de afweging tussen risico’s en voordelen opnieuw bekeken moeten worden als de situatie verandert. ‘Als de uitbraak beperkt blijft en we hem in een vroeg stadium de kop in kunnen drukken, dan is het erg moeilijk om te pleiten voor grootschalige vaccinatie met dit vaccin,’ zegt El-Sadr.

Maar als westerse landen er niet in slagen de uitbraak van apenpokken in de dammen, dan zouden misschien meer mensen uit voorzorg gevaccineerd moeten worden – met name als het virus in het reservoir van de dierenwereld terechtkomt en de ziekte een wijdverbreide aanwezigheid wordt. Ook zou de aanbeveling voor vaccinatie kunnen veranderen als apenpokken zich onder kinderen begint te verspreiden, want de ziekte vormt voor deze groep een groter risico dan voor volwassenen.

El-Sadr heeft goede hoop dat het zover niet zal komen. ‘Gelukkig is dit virus heel anders dan het pokkenvirus en zijn de gevolgen van een besmetting met apenpokken veel minder gevaarlijk dan een besmetting met pokken,’ zegt zij. ‘Zeker, er is sprake van een uitbraak, en dat is zorgwekkend. Maar we hebben een test voorhanden waarmee we apenpokken kunnen diagnosticeren, we hebben een vaccin dat we kunnen gebruiken en hopelijk kunnen opschalen, en we hebben een behandeling tegen de ziekte.’

Dit artikel werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op nationalgeographic.com.

Lees meer

Dit vindt u misschien ook interessant

Wetenschap
Antwoord op zes grote vragen over de nieuwe boosters tegen de omikronvariant
Wetenschap
Waarom het aantal besmettingen met het apenpokkenvirus nog steeds zo snel groeit
Wetenschap
Waarom waren we niet voorbereid op dit virus?
Wetenschap
Waarom lukt het wetenschappers niet om ebola uit te bannen?
Wetenschap
Is de COVID-19-pandemie voorbij?

Ontdek Nat Geo

  • Dieren
  • Milieu
  • Geschiedenis en Cultuur
  • Wetenschap
  • Reizen
  • Fotografie
  • Ruimte
  • Video

Over ons

Abonnement

  • Abonneren
  • Schrijf je in
  • Shop
  • Disney+

Volg ons

Copyright © 1996-2015 National Geographic Society. Copyright © 2015-2021 National Geographic Partners, LLC. Alle rechten voorbehouden.