Hoe de veelvraat vecht om te overleven in een krimpend leefgebied

Het leefgebied van deze geduchte vleeseters krimpt en verschuift steeds verder richting de Noordpool.vrijdag 26 juli 2019

Door Douglas H. Chadwick
Foto's Van Steven Gnam

Op een avond reed bioloog Albert Manville naar een afvalstort in Banff National Park, in de Canadese Rocky Mountains. De plek was toen, enkele jaren geleden, nog niet omheind en grizzly’s kwamen er vaak zoeken naar etensresten. Manville observeerde een beer die zich te goed deed aan een homp vlees, toen hij net buiten het licht van zijn koplampen iets zag bewegen. Het was een veelvraat, die zowel beer als vlees gespannen in de gaten hield. Wat kon hij anders? Hij woog hooguit veertien kilo, de grizzly was honderden kilo’s zwaar.

‘Plotseling rende de veelvraat naar de beer en beet hem in z’n kont,’ vertelt Manville. ‘De grizzly tolde om z’n as en haalde uit, maar de veelvraat was hem te snel af. Hij griste het vlees weg en verdween in het donker.’

Een veelvraat gedraagt zich veel stoerder en moediger dan je op basis van zijn omvang zou verwachten. Een gemiddeld dier is amper een meter lang, gemeten van alerte neus tot borstelige staart, maar bestrijkt een territorium van 250 tot zeker duizend vierkante kilometer. Daarin patrouilleert hij onafgebroken.

In de tijd dat ik als vrijwilliger deelnam aan een baanbrekend onderzoek in Glacier National Park in Montana, in de Amerikaanse Rocky Mountains, volgde ik het spoor van een gezenderd mannetje. Het dier klom vijfhonderd meter loodrecht omhoog tegen een ijzige bergflank. Daarna stak hij de Continental Divide over; allemaal in twintig minuten.

Een ander mannetje beklom de hoogste berg van het park (de 3190 meter hoge Mount Cleveland) toen die piek één grote ijssculptuur was. Over de laatste 1500 meter deed hij anderhalf uur. In de tien dagen erna beklom hij andere bergketens in het westen, trok noordwaarts naar British Columbia, stak via een wijde oostelijke boog de Divide over en bereikte Waterton Lakes National Park in Alberta. Toen keerde hij om en trok zuidwaarts over andere bergketens terug naar Glacier National Park. Schijnbaar moeiteloos. Een paar dagen later maakte hij de ronde opnieuw.

Stinkend, berekenend, schuw, kwaadaardig, vernielzuchtig en gevaarlijk voor de plattelandsbevolking: eeuwenlang hadden veelvraten bepaald geen goede naam. Maar geen van deze typeringen klopt. 

De veelvraat (Gulo gulo, ‘schrokop’ in het Latijn) leeft in (sub-)Arctische, bergachtige gebieden op het noordelijk halfrond en behoort tot de diverse familie van de marterachtigen. Veel soorten daarbinnen, waaronder marters, wezels, dassen, honingdassen, otters en zeeotters, hebben een zeer snelle stofwisseling. Van alle op het land levende leden binnen deze familie heeft de veelvraat de zwaarste schedel, de stevigste klauwen en poten, de langste tanden en het grootste lijf. Eén enkele veelvraat is in staat een volwassen kariboe te vellen. Ze zouden af en toe wolven en zelfs beren van karkassen verjagen.

De veelvraat is dus allesbehalve kwetsbaar, zou je zeggen. Maar door toedoen van jagers, trappers en veehouders is het dier in het grootste deel van Eurazië al verdwenen. In Noord-Amerika eiste een gericht overheidsbeleid tegen roofdieren hun tol: in de jaren dertig van de vorige eeuw was de soort op Alaska na in alle Amerikaanse staten uitgeroeid.

De veelvraat laat zich zelden zien – maar deze werd op camera vastgelegd
In de hoop een veelvraat op camera vast te leggen hingen biologen een hertenkarkas aan een boom en zetten ze een cameraval op bij het Wind River reservaat in Wyoming.

Maar veelvraten zijn geharde overlevers: nog altijd komen ze voor in Alaska en het westen van Canada. Nadat het vergiftigen van roofdieren in de jaren zestig was verboden, keerden ze uit de Canadese Rockies terug in de bergen van Montana en ze verspreidden zich in delen van Idaho en in het noorden van Wyoming.

In de jaren negentig waagden de eerste dieren uit Canada zich tot in het noorden van de Cascade Range in de staat Washington. Bij een recente telling werd het aantal veelvraten ten zuiden van Canada geschat op driehonderd.

Populaties aan weerszijden van de Amerikaans-Canadese grens hebben nu te maken met diverse bedreigingen. De meeste houden verband met groeiende menselijke activiteit, maar de belangrijkste is de opwarming van de aarde. Gulo gulo is specifiek toegerust voor en afhankelijk van een koude habitat en permanente sneeuwbedekking. Als de klimaatverandering doorzet zoals voorspeld, is mogelijk in 2050 een derde van het huidige verspreidingsgebied van de veelvraat ten zuiden van Canada verdwenen, tegen het einde van de eeuw zelfs twee derde.

Ondanks rechtszaken om de veelvraat in het kader van de Amerikaanse Endangered Species Act te beschermen, weigert de overheid sinds 1994 de soort te classificeren als bedreigd. Maar vanwege de nieuwe dreiging van klimaatverandering beval een rechter in 2016 om dat beleid te herzien. Sindsdien is de kwestie in de ambtelijke molens blijven steken.

Buiten Alaska herbergt Glacier National Park de dichtste populatie veelvraten in de VS. Aangezien elke veelvraat zijn territorium hardnekkig verdedigt, biedt het park van zo’n vierduizend vierkante kilometer plaats aan hooguit dertig tot veertig dieren. Geen enkel reservaat biedt onderdak aan een populatie veelvraten die groot genoeg is om zichzelf in stand te houden. Om zich aan te passen aan ecologische veranderingen en om inteelt op langere termijn te voorkomen, zal elke groep in contact moeten blijven met andere groepen die buiten het eigen territorium leven.

Daarom willen biologen nu natuurcorridors tussen reservaten in stand houden. Dan kunnen soorten als de veelvraat over grote afstanden trekken, genen uitwisselen en zich aan veranderende omstandigheden aanpassen. Maatregelen zoals veelvraten ze zelf ook graag nemen: die houden instinctief niet van half werk en voegen de daad bij het woord.

Wildbioloog en journalist Douglas H. Chadwick schreef The Wolverine Way. Fotograaf Steven Gnam onderzoekt in zijn werk de band van de mens met de natuur.

LEES VERDER

Video
1:37

De veelvraat laat zich zelden zien – maar deze werd op camera vastgelegd

In de hoop een veelvraat op camera vast te leggen hingen biologen een hertenkarkas aan een boom en zetten ze een cameraval op bij het Wind River reservaat in Wyoming.

Hoe ratten de nachtploeg van onze steden werden

Waar mensen zijn, zijn ratten. Die gedijen namelijk prima op ons afval. Op de ene plek worden ze verafschuwd, op de andere plek vereerd. Een reis door de krochten van het stadsleven overal ter wereld.

Kangoeroes: geliefd symbool of plaag?

De Australiërs zitten in hun maag met hun troeteldieren: van attractie worden ze langzaam tot een plaag. 
Lees meer