Hoewel zijn naam anders doet vermoeden, was de Tasmaanse tijger – ook wel buidelwolf genoemd – geen tijger en ook geen wolf. Het dier, officieel Thylacinus cynocephalus, was een vleesetend buideldier dat ooit in Australië en Nieuw-Guinea leefde. Met zijn hondachtige kop en tijgerstrepen was een aansprekende naam echter snel gevonden. Net als de wolf in Nederland en België kreeg ook de Tasmaanse tijger te maken met een slecht imago. Hij werd beschuldigd van het doden van vee en uitgeroepen tot plaag. Die reputatie zou hem fataal worden: in 1936 stierf de soort uit. Hoe kon het zover komen?
Van roofdier tot zondebok
Oorspronkelijk kwam de Tasmaanse tijger voor op het Australische vasteland en in Nieuw-Guinea. Door habitatverlies en de komst van mensen verdween hij daar, waarna hij alleen nog op het eiland Tasmanië voorkwam.
In tegenstelling tot wat boeren destijds beweerden, jaagde de buidelwolf niet op groot vee. Zijn dieet bestond vooral uit kleine tot middelgrote dieren, meestal lichter dan tien kilo. Grote prooien zoals kangoeroes stonden niet op het menu.
Toch werd hij vanaf de negentiende eeuw op grote schaal beschuldigd van het doden van schapen. De reactie was hard: boeren en jagers gingen actief op hem jagen, vaak gesteund door premies die de overheid uitloofde voor elk gedood dier. De buidelwolf werd doelwit van een systematische jacht.
Te zwak om vee te doden
Pas veel later werd duidelijk dat de beschuldigingen grotendeels ongegrond waren. Anatomisch onderzoek liet zien dat de Tasmaanse tijger te zwakke kaken had om dieren ter grootte van schapen te doden. Voor veedieren vormde hij nauwelijks een bedreiging.
Wil je niets missen van onze verhalen? Volg National Geographic op Google Discover en zie onze verhalen vaker terug in je Google-feed!
Maar toen die inzichten eenmaal beschikbaar kwamen, was de schade al onomkeerbaar. De populatie was sterk uitgedund en leefgebieden waren grotendeels verdwenen.
De laatste buidelwolf sterft in gevangenschap
Op 7 september 1936 overleed de laatste bekende Tasmaanse tijger in de Beaumaris Zoo in Hobart (Australië). Waarschijnlijk stierf hij door een combinatie van ondervoeding, kou en stress. Ironisch genoeg werd de soort pas datzelfde jaar wettelijk beschermd – slechts twee maanden voor zijn uitsterven.
Habitatverlies speelde een belangrijke rol, maar ook de langdurige jacht en het negatieve imago versnelden het einde van de soort.
Kan de Tasmaanse tijger terugkeren?
Ruim tachtig jaar later klinkt voorzichtig een nieuw geluid. Amerikaanse en Australische onderzoekers werken aan plannen om de Tasmaanse tijger met behulp van gentechnologie terug te brengen. Daarbij zouden stamcellen van een verwant buideldier genetisch worden aangepast om eigenschappen van de buidelwolf te reconstrueren.
Leestip: In 1932 verklaarde Australië de oorlog aan een vogel – en verloor
Hoofdonderzoeker Andrew Pask van de University of Melbourne hoopt rond 2032 een eerste jong te kunnen laten geboren worden. Toch is het project omstreden. Veel wetenschappers twijfelen aan de haalbaarheid én aan de ethische implicaties. Eerdere pogingen om uitgestorven soorten terug te brengen, zoals de Pyrenese steenbok, mislukten.
Een waarschuwing voor het heden
Het verhaal van de Tasmaanse tijger vertoont opvallende parallellen met dat van de wolf. Ook die wordt al eeuwenlang gezien als bedreiging, gevoed door angst, mythen en misinformatie. Zelfs in sprookjes is de ‘grote boze wolf’ zelden de held.
Die beeldvorming maakt het lastig om de ecologische waarde van zulke dieren te zien. Het uitsterven van de Tasmaanse tijger laat zien hoe desastreus dat kan uitpakken. Hopelijk dient zijn lot als waarschuwing, zodat de geschiedenis zich niet herhaalt.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!







