In de negentiende eeuw deed de Britse bioloog Alfred Russel Wallace een opmerkelijke ontdekking. Op het Indonesische eiland Bali zag hij diersoorten die totaal verschilden van die op Lombok, slechts 24 kilometer verderop. Dat was vreemd: het klimaat was vrijwel identiek. Toch leek de natuur aan weerszijden van het smalle zeestraatje uit twee werelden te komen. Wallace besloot dat hier meer aan de hand moest zijn. Zijn observatie leidde tot het trekken van een denkbeeldige grens door Zuidoost-Azië: de Wallacelijn. Maar wat is die lijn precies? En waarom bepaalt ze tot op de dag van vandaag waar dieren wel en niet voorkomen?

Een onzichtbare grens dwars door Indonesië

De Wallacelijn is een biogeografische grens die de Aziatische fauna in het westen scheidt van de Australische fauna in het oosten. De lijn loopt dwars door Indonesië, onder meer tussen Bali en Lombok en tussen Borneo en Sulawesi.

Ten westen van de lijn vind je dieren die typisch zijn voor Azië, zoals tijgers, olifanten, neushoorns en orang-oetans. Ten oosten domineren soorten die verwant zijn aan die van Australië, zoals buideldieren en cloacadieren.

Leestip: In 1959 was dit eiland het dichtstbevolkte ter wereld – nu is het een spookeiland

De Wallacelijn geldt vaak als de natuurlijke grens tussen Azië en Oceanië, al is het niet de enige geografische markering. Verder naar het oosten liggen ook de Weberlijn en de Lydekkerlijn, die de overgang tussen fauna nog verfijnder markeren.

Waarom Wallace hier bewijs zag voor evolutie

Wallace’ ontdekking had grote wetenschappelijke betekenis. Tijdens zijn reizen door de Amazone en Zuidoost-Azië zocht hij naar bewijs voor evolutie door natuurlijke selectie. Hij merkte op dat zelfs bij vergelijkbare omstandigheden verschillende soorten ontstonden zodra populaties door fysieke barrières van elkaar werden gescheiden.

Daarmee kwam Wallace onafhankelijk tot dezelfde conclusie als Charles Darwin – die zijn evolutietheorie op dat moment nog niet had gepubliceerd. Wallace wist dus niet dat hij op hetzelfde spoor zat. De Wallacelijn vormde voor Wallace het ultieme bewijs: hier moest een langdurige scheiding hebben bestaan die evolutie in twee richtingen had gestuurd.

De diepe zee die dieren tegenhield

De verklaring ligt in de laatste ijstijd, zo’n 110.000 tot 12.000 jaar geleden. Toen stond de zeespiegel veel lager dan nu. Grote delen van West-Indonesië kwamen droog te liggen en vormden één landmassa met Azië.

Wil je niets missen van onze verhalen? Volg National Geographic op Google Discover en zie onze verhalen vaker terug in je Google-feed!

Maar tussen de Aziatische en Australische eilandengroepen lagen zeer diepe zeetroggen. Zelfs tijdens de laagste zeespiegelstanden bleven deze wateren open. Er ontstond dus nooit een landbrug.

Voor veel dieren was dat water een onoverkomelijke barrière. Zo bleven populaties miljoenen jaren van elkaar gescheiden en ontwikkelden ze zich onafhankelijk, precies wat evolutietheorie voorspelt. Dat de zee hier zo diep is, weten we inmiddels ook: de regio ligt op de grens van tektonische platen, onderdeel van de Ring van Vuur.

Is de Wallacelijn echt zo absoluut?

Nieuw onderzoek zet vraagtekens bij de absolute geldigheid van de lijn. In 2020 ontdekten wetenschappers van de University of Queensland dat de fauna van Kersteiland, ruim duizend kilometer ten westen van de Wallacelijn, opvallend veel Australische kenmerken heeft.

Waarschijnlijk zijn dieren daar beland via drijvende vegetatie of omgevallen bomen die door oceaanstromen zijn meegevoerd — een mechanisme dat ook wordt gebruikt om de unieke fauna van Madagaskar te verklaren.

De onderzoekers pleiten daarom voor een herziening van de Wallacelijn: niet als harde scheidslijn, maar als een zone waarin verspreiding soms wél mogelijk was.

Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!